Voor wat hoort wat in het toekomstige land Curaçao

Curaçao gaat morgen weer eens naar de stembus. MFK-stemmentrekker Schotte voert uitbundig campagne, betaald door zakenlui op zoek naar politieke macht.

Partijleider Gerrit Schotte van de Movementu Futuro Korsou (MFK) leest sms’jes voor van zijn smartphone, die om de minuut overgaat. „Bon dia, meneer Schotte. Kunt u me helpen met mijn schoolboeken? De prijs is in euro’s. Mijn moeder wil u terugbetalen. Anaïs.” En: „Kan Schotte me helpen aan een transformator voor mijn boot? Ik ben visser. 3000 watt.”

Met de verkiezingen voor de deur worden Curaçaose politici als Schotte overstelpt met verzoekjes van potentiële kiezers. Voor wat hoort wat, is het devies bij verkiezingen op de Antillen.

Toch is Curaçao verkiezingsmoe. In de afgelopen vijf jaar ging de bevolking zes keer naar de stembus. Bij alle referenda en verkiezingen sprak de bevolking zich uit over de staatkundige positie van Curaçao als autonoom land binnen het koninkrijk.

De onderhandelingen met Nederland – dat 1,7 miljard euro van de Antilliaanse schuld saneert in ruil voor toezicht op justitie en overheidsfinanciën – verscherpten de tegenstellingen op het eiland. Tussen arm en rijk, tussen zwart en wit, tussen de nationalistische oppositie en de pro-Nederlandse coalitie.

Nu de opheffing van het Antilliaanse staatsverband, per 10 oktober 2010, ophanden is, richten coalitie en oppositie zich op de toekomst van ‘het nieuwe land Curaçao’. Regeringspartij PAR eist de credits op voor de nieuwe staatkundige status. Maar vijf jaar politieke strijd eist zijn tol: campagnegeld, enthousiasme en charisma zijn op.

Behalve bij Gerrit Schotte (35). De jonge zakenman-politicus met bijkans onuitputtelijke campagnefondsen is een magneet voor jongeren, vrouwen en bejaarden. Bij de laatste Antilliaanse parlementsverkiezingen, in januari, behaalde hij als nummer vijf op een gecombineerde lijst van oppositiepartijen meer voorkeurstemmen dan de drie partijleiders samen. Zijn 9.313 stemmen zouden hem morgen drie van de 21 zetels kunnen opleveren in de Curaçaose eilandsraad.

In de garage van zijn als hoofdkwartier ingerichte woning in Saliña, de winkelwijk van Willemstad, toont Schotte trots „de brandstof” voor de laatste campagnedagen. Kartonnen dozen met duizenden vlaggen en ballen liggen klaar. Een lading T-shirts is onderweg. „ Ik weet wat marketing is”, zegt Schotte lachend.

Bij het partijgebouw van de MFK haalt Urayn Cranston vier ballen en T-shirts op voor FC Galaxy. „Geweldig wat Schotte doet”, zegt de eigenaar van het meisjesvoetbalteam. „Ik ga zeker op hem stemmen.” Het team mist alleen nog een eigen trainingsveld. „Misschien lukt dat als Schotte straks in de regering zit.”

Volgens partijleider Helmin Wiels van Pueblo Soberano (PS, Soeverein Volk), kostte iedere zetel bij de laatste verkiezingen omgerekend ruim 150.000 euro aan campagnemateriaal en reclamespotjes. Wiels, die een onafhankelijk Curaçao buiten het Koninkrijk nastreeft, voert al vijf jaar campagne. Elke stembusgang verdubbelen zijn aanhangers.

„Er is een oorlog van het grootkapitaal op Curaçao”, zegt Wiels. „Zowel van de PAR als van de MFK. Na de verkiezingen zie je vanzelf wie de geldschieters zijn, door de concessies die afgegeven worden en contracten die getekend worden. Zakenlieden hebben geen ideologie, ze willen alleen een return on investment.”

Ook Curaçaose kranten zetten vraagtekens bij de „overdadige” campagne van de MFK. „Vraag blijft”, aldus het Antilliaans Dagblad in een hoofdredactioneel commentaar, „wie Schotte zo fors financieel hebben ondersteund; waarom; en wat ze ervoor terug willen.”

Volgens de jonge zakenman-politicus wensen zijn geldschieters, onder wie eigenaren van een beveiligingbedrijf, gokkantoren en een handelsfirma, alleen maar „een samenleving met gezonde arbeidskrachten, die zich veilig voelen en rond kunnen komen van het minimumloon.” De MFK belooft in haar partijprogramma „een overheid die dichtbij je staat”, om gezamenlijk „een zeker, gezond en veilig Curaçao” op te bouwen.

Realistisch of niet, Schotte vertegenwoordigt een groep zakenlieden die op Curaçao nog geen politieke macht bezit. Daarmee is de MFK een bedreiging voor de gevestigde orde. De PAR noemde Schotte „de gevaarlijkste persoon” voor het nieuwe land Curaçao.

Twee maanden geleden stemde de oppositie, mét Schotte, tegen de staatsregeling voor het toekomstige land. En zonder die ‘grondwet’ geen nieuwe staatkundige status.

Deze week houdt Schotte een slag om de arm. „We zijn pro, pro, pro voor een staatsregeling plus, plus, plus”, meldt hij. Waarmee hij maar wil zeggen dat hij na morgen zowel met de huidige coalitie als de oppositie wil regeren.