Ja, de student is individualistisch

Ja, de Nederlandse de student is individualistisch. So what? Jordi Wiersma (Opinie, 25 augustus) wil graag dat studenten hun kamer delen en massaal aan het stapelbed gaan. Sympathiek idee, maar zijn vergelijking met Amerika gaat niet op. Het Nederlandse studentenleven kun je niet vergelijken met dat van Amerika.

Ik heb ook een roommate gehad toen ik in Amerika studeerde, en was aanvankelijk zo enthousiast dat ik terug in Nederland ook met een vriendin ging ‘roomen’. Maar al pijnlijk snel werd duidelijk waarom zoiets hier niet werkt: De Nederlandse student is veel individualistischer ingesteld.

Dat zie je al terug in de verschillen tussen de campussen. Een Amerikaanse campus is gebouwd met het doel een veilige, overzichtelijke leefwereld te creëren voor de student. Ook wordt er alles aan gedaan om studenten uit hun slaapkamer te houden en actief in het campusleven te betrekken. De sportcentra, cateringpunten, ontspanningsruimtes en studiecentra zijn allemaal op loopafstand van de kamers. Het enige wat de student dus hoeft te doen in zijn kamer is slapen. Bovendien wordt er rekening gehouden met eventuele verschillen van leefritmes tussen de roommates: Bibliotheken en studiecentra zijn vaak 24 uur per dag open, zodat als je roommate zin heeft om tv te kijken, jij desnoods de hele nacht door kan studeren. De gehele campus is een veilige leefwereld waarin het de student aan niets ontbreekt.

In Nederland is dit niet zo. In Nederlandse universiteiten zijn er niet op gebouwd om de student een voorgekauwde plek te geven om te ontspannen en te leven, er wordt van je verwacht dat je zelf je eigen plek daarvoor zoekt, in sociëteiten, cafeetjes, studentenverenigingen én een eigen kamer.

En alle mensen die nog en kamer zoeken? Gewoon harder zoeken en in het eerste jaar genoegen nemen met een kamertje aan de rand van de stad. Na een jaar intensief studentenleven ken je meer dan genoeg mensen om door te kunnen schuiven naar een heerlijke, eigen, piepkleine kamer in het centrum. Geniet ervan.

Charlotte van ’t Wout

Amsterdam