Ahold boekt flinke groei van omzet

Al is het consumentenvertrouwen laag, supermarktconcern Ahold blijft groeien. In de eerste zes maanden van dit jaar passeerden meer artikelen de kassa dan in dezelfde periode vorig jaar, waardoor de omzet van Ahold steeg met ruim 5 procent tot 15,8 miljard euro. De nettowinst over het afgelopen half jaar kwam uit op 476 miljoen euro.

Ahold presteerde zowel in Nederland als in de Verenigde Staten (waar het tweederde van zijn omzet vandaan haalt) beter dan zijn concurrenten. Het succes in economisch slechte tijden is volgens topman John Rishton grotendeels te danken aan de herpositionering van de winkelketens. In 2003 bouwde Ahold Albert Heijn om, gevolgd door de Amerikaanse ketens in 2006. De prijzen werden verlaagd, het assortiment aangepast met meer huismerkproducten (goedkoper voor de consument, meer marge voor Ahold) en er werd flink gesneden in de kosten. Dat begint nu langzaamaan zijn vruchten af te werpen. „Het duurt even voordat consumenten het herkennen”, aldus Rishton.

In Nederland profiteerde Albert Heijn deze zomer van extra verkoop rond het Wereldkampioenschap Voetbal, waarin het Nederlandse elftal de finale bereikte. Het leverde de supermarktketen „ongeveer 1 procent extra omzet” op, aldus Rishton.

Aanhoudende verliezen in Tsjechië en Slowakije noopten Ahold eerder tot een flinke reorganisatie in die landen, met winkelsluitingen en het ombouwen van winkels naar één formule, Albert. Ook hier krijgt het bedrijf de zaken steeds beter op orde. In het tweede kwartaal kwam het bedrijfsresultaat neutraal uit, waar het een jaar eerder nog negatief was. Rishton verwacht dat Ahold in deze landen na lange tijd „dit jaar weer op winst uitkomt”.

Over de aangekondigde uitbreiding van Ahold naar België kon Rishton nog geen nieuws melden. Ahold „boekt hier wel vooruitgang achter de schermen”, maar een nieuwe markt betreden „vergt een zorgvuldige voorbereiding”, aldus de topman.