Tijd om je te gaan verdiepen in lijfrente en levensloopregelingen

Van baan gewisseld en je pensioen laten staan? Dit is een goed moment om te controleren of dat slim is.

En de fiscaal voordelige spaarvormen te bekijken.

Jarenlang gaat er een deel van je loon naar de grote pensioenpot. Het overzicht dat je ieder jaar van het pensioenfonds krijgt, verdwijnt in een la. Het zal wel goed zijn.

Totdat die veilige vaste waarden ineens veel variabeler blijken dan je dacht. De AOW-leeftijd gaat omhoog en je pensioenfonds zit in de problemen. Is dit nou het bedrag waarvan je straks al die verre reizen moet gaan maken?

Laat het niet zover komen, neem zelf het heft in handen, roepen pensioenexperts. Maar wat kun je dan doen om je beter voor te bereiden op je oude dag?

1Ken je eigen regeling

Zorg in de eerste plaats dat je weet waar je aan toe bent, schrijft de Autoriteit Financiële Markten in het boekje Verstandig je pensioen regelen. Je hebt bijvoorbeeld alleen recht op een volledige AOW als je tussen je 15de en 65ste permanent in Nederland hebt gewoond. Voor elk jaar dat je niet in Nederland woonde, krijg je 2 procent minder AOW. Overigens kun je bij uitzending naar het buitenland van je werkgever wel een zogeheten detacheringsverklaring krijgen, waarmee je gewoon AOW blijft opbouwen.

Dan is er die pensioenregeling, waaraan je meestal verplicht moet deelnemen als werknemer. Ook daarvoor geldt: weet wat het inhoudt en – belangrijker nog – wat het oplevert. De drie meest voorkomende vormen zijn de eindloonregeling, waarbij het pensioen afhankelijk is van het laatst verdiende loon, de middelloonregeling, gebaseerd op het gemiddeld verdiende loon, en de beschikbarepremieregeling, waarbij het pensioen afhangt van het beleggingsresultaat. De beleggingsrisico’s zijn dan voor rekening van de werknemer.

Welke regeling jij hebt, hoeveel je tot nu toe hebt opgebouwd en wat je krijgt als je met pensioen gaat, staat op het overzicht dat je ieder jaar van het pensioenfonds krijgt. Ook de uitkering aan je partner in geval van overlijden wordt vermeld. Daarvoor moet je wel je partner officieel hebben aangemeld, bijvoorbeeld door een samenlevingscontract mee te sturen.

2Hevel je geld over bij een nieuwe baan, of juist niet

Tegenwoordig is het heel normaal als je om de vijf, zes jaar van baan wisselt. Om te voorkomen dat er bij acht verschillende pensioenfondsen een potje achterblijft, kun je het geld steeds overhevelen naar je nieuwe werkgever. Als je dat niet doet word je een ‘slaper’ en groeit je achtergebleven pensioen niet mee met de loon- en prijsontwikkeling.

Soms is het juist beter om het geld te laten staan, bijvoorbeeld als je nieuwe werkgever een minder goede regeling heeft dan je oude. „Als je van een baan bij de overheid, met middelloonregeling en prijsindexatie, overgaat naar een klein bedrijf met beschikbarepremieregeling, is het niet slim om je pensioen mee te nemen”, zegt pensioenadviseur Sven Thijs. „Ik zie genoeg mensen die dat wel hebben gedaan en die nu door de kredietcrisis de helft minder pensioen hebben.”

3 Bouw zelf iets op...

Het voordeel van loondienst is dat je niet je eigen pensioen hoeft te regelen. Toch heeft het ook voordelen om zelf iets op te bouwen. Ondernemers en zzp’ers zijn vrij om te kiezen hoeveel zij opzij willen zetten en op welke manier. Er blijft minder aan de strijkstok van de pensioenfondsen hangen, al vergt het wel discipline.

Zelfs wanneer je de keuze hebt tussen zelf sparen of meedoen aan een pensioenregeling, adviseert Thijs daarom voor een regeling te kiezen. „Als je het zelf doet heb je meer mogelijkheden en lagere kosten, maar de verleiding is groter om het voor je uit te schuiven.”

En je bent natuurlijk altijd vrij om naast je pensioenregeling zelf voor aanvulling zorgen. Geen overbodige luxe, gezien de huidige ontwikkelingen. Er zijn genoeg mogelijkheden.

4 ...op een spaarrekening

Banksparen bijvoorbeeld. Je opent een (geblokkeerde) spaarrekening en stort daar maandelijks – of wanneer je wilt – een bedrag op.

5...via lijfrente

Of je sluit een verzekering af, een lijfrente, waarvoor je maandelijks een premie betaalt en die op je 65ste uitkeert.

6... met een koopsompolis

Wanneer je alleen een eenmalige storting wilt doen, kun je een koopsompolis afsluiten.

7 ...of met een levensloopregeling

Een andere mogelijkheid is de levensloopregeling. Je opent bij een bank of verzekeraar een levensloopspaarrekening, waar je tot maximaal 12 procent van je jaarlijkse inkomen op mag zetten. Het tegoed kun je behalve voor je pensioen ook gebruiken voor langdurig verlof .

Deze opties hebben als voordeel dat je het ingelegde geld of de premie kunt aftrekken van de belasting. Wel moet je in de toekomst belasting betalen over de uitkeringen.

8 Koop een huis

Een eigen huis waarvan de hypotheek is afgelost, kan ook een aardig bedrag opleveren om van te leven.