Japan denkt over nieuwe militaire rol in Azië

Japan kijkt met argusogen naar de wargames tussen China en de VS in de naburige Oost-Chinese Zee. Het gevolg is een debat over een meer assertieve Japanse defensiepolitiek.

De recente Chinese maritieme expansie en de permanente provocaties door Noord-Korea, hebben in de Japan het debat aangewakkerd over rol van het eigen leger in een regio die bol staat van economische en militaire rivaliteit, vooral tussen de Verenigde Staten en China. De actieradius van de Japanse ‘Zelfverdedigingsmacht’, die sinds de Tweede Wereldoorlog geen schot heeft gelost, is beperkt door de pacifistische grondwet van 1947, destijds gedicteerd door de Amerikanen. Volgens experts is de grondwet, en dan vooral artikel 9, aan revisie toe. Of althans aan een eigentijdse interpretatie die Japan de mogelijkheden biedt voor meer militaire en daarmee diplomatieke assertiviteit in een toekomst waarin de hegemonie van de VS, de beschermer van Japan, in Oost-Azië wordt aangevochten.

„Japan is het enige land ter wereld”, zegt oud-minister van defensie Shigeru Ishiba, „waar aan niet is toegestaan om andere naties te helpen in het geval van oorlog. Ons zijn de handen op de rug gebonden. Er is politieke lef nodig om artikel 9 anders te interpreteren en meer ruimte voor onze Zelfverdedigingsmacht te creëren.”

Shigeru Ishiba staat in Japan bekend als een ‘veiligheidsfreak’. Groen-grijze modellen van tanks, vliegtuigen en slagschepen verraden op zijn werkkamer tegenover de Kokkai, het parlementsgebouw in Tokio, zijn grote passie: wapens en legers. Hij was in 2007 en 2008 minister van defensie in het kabinet van premier Yasuo Fukuda.

Ishiba waarschuwt: „Ik denk dat het de intentie van China is om het communisme in de rest van de wereld te verspreiden. Het is geen democratie zoals Nederland, de VS of Japan. Het leger is er niet voor de mensen, maar voor de staat. We moeten voor dat land op onze hoede blijven.”

China’s militaire expansie, vooral op zee, wordt in Japan met argusogen gevolgd. Het land heeft in de Oost-Chinese Zee, waar de Amerikanen deze weken grote manoeuvres houden, grote strategische belangen. Daar lopen de vitale zeeroutes voor grondstoffen en olie. Daar ook heeft Japan territoriale disputen met China over eilandjes in het zeegebied.

Niet alleen in conservatieve kring, zoals in de Liberaal Democratische Partij van Ishiba, wordt een meer assertieve militaire rol van Japan bepleit. De Japanse premier Naoto Kan van de sociaal liberale Democratische Partij van Japan (DPJ) heeft vorige week al met zijn militaire chefs overlegd over een nieuwe defensiestrategie voor de komende jaren die voor het einde van het jaar ontvouwd moet worden.

Veel Japanners zijn voor behoud van het Veiligheidsverdrag met de VS van 1951 (herzien in 1960), maar willen ook een eigentijdse interpretatie van de grondwet, en dan vooral van artikel 9. Daarin staat dat het Japanse leger louter defensief mag ingezet worden. Japan mag al evenmin militair geweld gebruiken om internationale geschillen te regelen en bevriende naties te hulp te schieten. Ook op een preventieve aanval op Noord-Korea, dat Japan bedreigt, rust een grondwettelijk taboe.

Japan heeft altijd economisch van de Amerikaanse protectie geprofiteerd. Het land hield zich aan de onofficiële limiet voor defensie- uitgaven van één procent van het BNP en kon daardoor al zijn energie steken in de ontwikkeling van de exportindustrie.

Na vorig jaar augustus, toen de conservatieve LDP uit het centrum van de macht werd gestoten, leek Japan zich van de VS af te wenden. Maar tegenover de Japanse afkeer van de Amerikaanse atoomparaplu, staan gewichtige strategische belangen in de regio van de VS. Niet voor niets ligt de Amerikaanse Zevende Vloot nog altijd in Yokosuka op het hoofdeiland Honshu. Premier Yukio Hatoyama bepleitte een meer ‘gelijkwaardige’ relatie met de VS en droomde van een Oost-Aziatische Unie, naar het voorbeeld van de EU. Een geschil over de verplaatsing van de strategisch belangrijke Amerikaanse helikopterbasis Futenma op het zuidelijke eiland Okinawa stond symbool voor de beginnende verwijdering tussen de twee bondgenoten. Premier Naoto Kan, vlak voor de zomer aangetreden, heeft het meningsverschil beslecht en de Amerikanen beloofd dat Futenma kan blijven.

„Hoe maak je de ‘Eeuw van de Pacific’ echt vreedzaam?” vroeg de toenmalige Australische premier Kevin Rudd zich vorig jaar af toen hij zich uitsprak over de vorming van een Oost-Aziatische gemeenschap. Hoogleraar Hitoshi Tanaka, secretaris-generaal buitenlandse Zaken onder premier Koizumi (2001 - 2006) zoekt het antwoord in een nieuwe regionale veiligheidsarchitectuur van onderlinge verdragen. „Maar het fundament moet een sterke relatie met de VS zijn. Alleen op basis daarvan kan Japan een meer pro-actieve buitenlandse politiek voeren.” Tanaka vindt het niet zinvol om het debat over een nieuwe militaire rol van Japan op te hangen aan artikel 9 van de grondwet. „Het gaat om de vraag wat voor land we willen we zijn. Een andere rol in de wereld is vooral een kwestie van politieke wil”.