Chili vraagt NASA hulp bij mijnramp

Chili gaat de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA om hulp vragen bij de reddingsactie voor de 33 mijnwerkers in de ingestorte San José-mijn. De leefsituatie van de kompels is vergelijkbaar met het isolement van astronauten in een ruimtestation. Dat heeft het Chileense ministerie van Gezondheid gisteren bekendgemaakt.

De hoop is dat de NASA de reddingswerkers onder meer kan adviseren over een geschikt voedingspatroon voor de mijnwerkers. Door een smalle, diepe boorschacht krijgen de mannen nu al onder meer vloeibaar voedsel, een oplossing tegen uitdroging en medicatie aangevoerd.

Sinds een mijngang op 5 augustus instortte, verblijven de mannen in een schuilkelder op bijna 700 meter diepte. Bij de achtste boorpoging wisten reddingswerkers de mijnwerkers afgelopen zondag voor het eerst te bereiken. Het graven van een tunnel die breed genoeg is om de mannen één voor één naar boven te halen, kan in de instabiele mijn drie tot vier maanden duren.

De mijnwerkers hebben zichzelf in leven gehouden op een streng rantsoen van twee lepeltjes tonijn uit blik, een slok melk en een biscuit per 48 uur, volgens dokter Sergio Aguila van het reddinsgteam. Volgens eerdere berichten beschikten de mannen ook over watertanks en koelwater van boorapparatuur.

De schuilkelder meet vijftig vierkante meter en heeft twee banken. Hoeveel bewegingsvrijheid de mannen verder hebben, is niet precies bekend. Volgens mijnwerker Gino Erazo, expert in versteviging van mijnstelsels, zouden de kompels anderhalve kilometer kunnen lopen.

Mijnongelukken komen niet vaak voor in Chili. De grote mijnbedrijven zijn modern en de controle is streng. De risico’s zitten vooral bij de particuliere, verouderde mijnbedrijfjes.

De San José-mijn van het bedrijf San Esteban Primera, dateert van 1889. Bij ongelukken in- en rondom de mijn vielen de afgelopen jaren zestien doden. De mijn werd in 2005 tijdelijk gesloten wegens veiligheidsrisico’s. In 2007 kwamen er drie mijnwerkers om bij een explosie. (AP, AFP, Reuters)