'Ons vermogen is groter dan ooit'

Pensioenfonds PME vindt de opdracht om te korten op pensioenen voorbarig. „Donner had niet op deze manier de gepensioneerden de stuipen op het lijf mogen jagen.”

Het Pensioenfonds voor metaal- en elektronicabedrijven PME werd vorige week totaal verrast door de beslissing dat het een van de veertien fondsen is die moet korten op de uitkeringen. „Die kwam volslagen uit de lucht vallen”, zegt Ronald van Vliet, namens de werkgevers voorzitter van het pensioenfonds. „Wij wisten dat minister Donner halverwege 2010 de herstelplannen zou evalueren, maar wisten niet dat het nú was en dat hij de resultaten direct in de publiciteit zou brengen”, zegt hij. „Ik vind dat hij hiermee onnodig veel maatschappelijke onrust teweeg heeft gebracht en niet alle gepensioneerden op deze manier de stuipen op het lijf had mogen jagen.”

PME is met 147.709 gepensioneerden verreweg het grootste van de pensioenfondsen die vorige week door het ministerie van Sociale Zaken en De Nederlandsche Bank (DNB) het afstempelen van de pensioenen kreeg opgedragen. De werknemers van grote bedrijven als ASML, DAF en NXP zijn er bij aangesloten, net als die van ruim duizend kleinere bedrijven.

Hoe kan het dat PME eerst zei dat het niet een van de veertien was en later daarvan moest terugkomen?

„Heel simpel op basis van de cijfers die vorige week dinsdag op de persconferentie door Donner zijn genoemd. Ons aantal deelnemers en pensioengerechtigden alleen al overstijgt de aantallen die daar werden genoemd voor de in totaal veertien fondsen. Wij vonden korten van de uitkeringen ook niet aan de orde. Onze dekkingsgraad schommelt rond het kritieke punt, maar ligt er niet onoverbrugbaar ver onder. Wij waren bovendien dinsdag nog niet gebeld. En we voeren maandelijks overleg met DNB, maar ze hebben nooit gezegd dat we hiermee rekening moesten houden.”

U vindt korten onnodig?

„Ja, ons vermogen is groter dan ooit. Sinds we een herstelplan hebben ingediend hebben we in 2009 een rendement van 13 procent gemaakt op ons vermogen, en in de eerste helft dit jaar van 7,9 procent. Onze dekkingsgraad is nu 93 procent, maar heeft maanden op 95 procent gelegen. Die daling komt doordat de rente op dagbasis wordt vastgesteld. Daarover willen we in discussie, ook al zegt DNB dat niet te willen. Er zijn genoeg andere pensioenfondsen en onafhankelijke experts die het ook raar vinden. Als je een dekkingsgraad van 85 of 86 procent hebt, dan vind ik het logisch dat je moet korten. Bij ons kan een kleine rentestijging betekenen dat wij weer aan de dekkingsgraad voldoen. Het gaat om smalle marges.”

Had u de mogelijkheid van korten wel in uw herstelplan staan?

„Ja, omdat DNB dat van ons heeft geëist en wij geen conflict met de toezichthouder willen. Maar in het herstelplan dat wij oorspronkelijk eind 2008 hadden ingediend, hadden wij het niet opgenomen. Wij hebben een discussie met DNB over een afwaardering die zij willen op een post die wij al achttien jaar in portefeuille hebben. Plotseling wilden ze dat afwaarderen, wij vinden dat niet nodig. Maar toen zij aandrongen om die mogelijkheid van afstempelen op te nemen, dachten wij: laten we dat maar doen.”

U vindt de actie van Donner en DNB kortom voorbarig?

„Ja, absoluut. Maar ik vind het vooral Donner te verwijten. Wij wisten wel dat de minister halverwege 2010 de herstelplannen zou evalueren, maar wisten niet dat het nu zou zijn en dat hij het direct in de publiciteit zou brengen.”

Er is al eerder vanuit DNB kritiek geweest op de grootte en de kwaliteit van uw bestuur

„Wij hebben zelf het aantal leden van 14 naar 8 teruggebracht, omdat het moeilijk was om voor vergaderingen het hele bestuur bij elkaar te krijgen. Ook hebben wij meer experts het bestuur ingehaald. Bij ons is dat probleem al lang opgelost. Ik vind het onterecht dat vorige week in de discussie weer over de kwaliteit van de besturen werd gesproken.”