Hoopvolle omelet

‘Al die recepten, verzin je die nou zelf?’ Ik zal niet de enige blogger en receptenschrijver zijn die regelmatig deze vraag krijgt. Ik weet nooit zo goed wat ik erop moet zeggen. Iets écht nieuws verzinnen wat ook nog lekker smaakt (want ik kan wel iets spannends van bloemkool met dropsaus creëren, maar wie wil dat eten?) is verschrikkelijk moeilijk. Soms denk je dat je iets bedacht hebt; blijkt een andere kok in een ander land in een ander tijdperk je allang voor te zijn geweest.

Wie gasten en huisgenoten met iets origineels wil verrassen kan, in plaats van vreemde combinaties in de pan te gooien, maar beter op zoek gaan naar onbekende keukens. Zo raakte ik een paar jaar geleden gefascineerd door de keuken van Perzië. Er worden weinig rare of moeilijk verkrijgbare spullen in gebruikt, en met uitzondering van een paar bewerkelijke rijstgerechten is het ook allemaal niet ingewikkeld. Maar de smaken! Verveelde eters veren op. In de lente maakte ik een stoofpotje van lamsvlees, munt en rabarber. Niemand snapte wat erin zat, maar iedereen wilde het recept hebben. Subtiel, intrigerend, verfijnd. Alles smaakt zo sprookjesachtig als het klinkt: Fesenjan. Kuku Sabzi. Shula Kalambar. Khoresht. Shirin Polow.

We beginnen met Kuku Sabzi, kruidenomelet. Door de uitbundige hoeveelheid verschillende verse kruiden proef je die niet meer afzonderlijk, maar wordt de omelet een soort frisse groene smaakexplosie. Met de eieren die vruchtbaarheid symboliseren en de kruiden die staan voor groei en ontwikkeling is Kuku Sabzi is een traditioneel gerecht met Iraans Nieuwjaar. Maar laat het feit dat het geen 1 januari is je niet weerhouden. Deze laatste week van augustus betekent voor veel mensen afscheid van de zomer: de vakantie is voorbij, een nieuw school- en werkjaar begint. Ik weet niet hoe het met jullie is, maar ik kan wel wat optimisme en goede zin gebruiken.

peterselie, koriander, rucola en dille, 30 gram van elk

3 bosuitjes

7 eieren

2 eetlepels gehakte walnoten

mespunt kurkuma

2 theelepels bloem

½ theelepel bakpoeder

olijfolie

Verwarm de oven voor op 180 graden. Vet een diepe bakvorm van 20 cm doorsnee in met olie. Bekleed de bodem met bakpapier en vet ook dit licht in.

Was de kruiden en de bosui en laat ze drogen op keukenpapier. Hak ze fijn. Klop de eieren los met bloem, bakpoeder, kurkuma, en flink zout en peper. Roer de walnoten en de kruiden erdoor. Giet dit in de vorm en bak ongeveer 20-25 minuten, de omelet is dan goudbruin en licht gerezen maar (als het goed is) nog sappig van binnen. Stort de kuku op een bord, en dan met de goede kant naar boven op een ander bord. Eet warm of op kamertemperatuur, als bijgerecht, vegetarisch hoofdgerecht of borrelhap.

Klary Koopmans

Janneke is met vakantie. Klary Koopmans, culinair journalist, vervangt haar. Zie ook: www.klarykoopmans.blogspot.com,