Hausse op obligatiemarkten duidt op angst voor recessie

De vrees voor een W-vormige recessie (‘double dip’) heeft de rendementen op veilige staatsobligaties van landen als de Verenigde Staten, Duitsland en Engeland omlaag gedreven. De obligatiehouders staan verliezen te wachten als deze trend een andere wending neemt. Maar op dit moment zijn het de aandelen- en grondstoffenmarkten die het kwetsbaarst lijken voor grote koers- en prijsdalingen. Samen met de obligaties kunnen de goudprijs en de dollarkoers profiteren als de mondiale economische cijfers niet binnenkort beter worden.

De angst voor een nieuwe economische inzinking is aangewakkerd door de zwakke Amerikaanse cijfers op het gebied van werkgelegenheid en productie. Er waren ook andere negatieve signalen. De economische groei in Japan bedroeg in het tweede kwartaal slechts 0,1 procent. En de stijging op jaarbasis van de Chinese importen is van juni op juli aanzienlijk gedaald. De drie grootste economieën van de wereld vertonen allemaal tekenen van afkoeling. Beleggers maken zich zorgen over een recessie, dalende prijzen en misschien zelfs een depressie.

Vandaar de dalende olieprijs en het aantrekken van de obligatiemarkten. Duitse, Britse en Amerikaanse staatsobligaties leveren allemaal een rendement op van minder dan 3 procent. De Amerikaanse inflatie is ongebruikelijk laag, en er wordt weer alom gefluisterd over het deflatiegevaar. De cijfers uit Engeland zijn opmerkelijk, omdat de rendementen op obligaties lager zijn dan het huidige inflatiepeil. Maar beleggers hebben liever Britse staatsobligaties dan de obligaties van landen uit de periferie van de eurozone, die zwaar zouden lijden onder een ‘double dip.’

Als het opnieuw bergafwaarts gaat met de Amerikaanse economie, lijdt het weinig twijfel dat het Amerikaanse stelsel van centrale banken, de Federal Reserve, extra geld zal bijdrukken. Dat helpt verklaren waarom de prijs van goud, de enige echte ‘veilige haven’ in de ogen van zijn fans, het hoogste punt in zeven weken heeft bereikt. Maar ook de stijging van de dollar van vrijdag zou kunnen aanhouden. Net als in andere perioden van risicoaversie zou de dollar als veiliger kunnen worden ervaren dan de euro of het pond.

Maar de aandelenmarkten zijn kwetsbaar. De Dow Jones zou binnenkort weer onder de grens van tienduizend punten kunnen zakken, net als in juni en juli. Nog meer slechte Amerikaanse economische cijfers zouden die daling versnellen, die door de wereldwijde aandelenmarkten zou worden gedeeld. Naast olie zouden ook andere grondstoffen, waarvan de prijzen afhankelijk zijn van de vraag en het financiële vertrouwen, te lijden hebben.

Toch kunnen de economische zorgen overdreven zijn. De wereldhandel, industriële productie, groei en grondstoffenprijzen hebben zich allemaal snel hersteld van een diepe recessie. De recente aarzelingen kunnen een adempauze zijn tijdens de opleving. Maar een nare uitverkoop van aandelen en grondstoffen zou ook makkelijk kunnen optreden voordat er weer sprake zal zijn van geruststellende cijfers. De ultralage rendementen duiden op te dure obligaties. Als dit een zeepbel kan worden genoemd, is het een product van de angst en niet van overdreven enthousiasme.