De koel-zakelijke klusjesvrouw van Mark Rutte

Edith Schippers herstelde als vicevoorzitter de orde en het groepsgevoel in de Tweede Kamerfractie van de VVD. Als de partij straks gaat regeren, maakt ze kans op promotie.

Drie dagen lang stond de paardenkop in een grote pan op het fornuis te pruttelen. Voor de huisgenoten in het studentenhuis aan de Leidse Lammermarkt, die gewoonlijk uit die pan aten, een aparte ervaring. Vooral door de stank. Maar paardengek Edith Schippers moest en zou een paardenschedel hebben, en had bij een slachterij gevonden wat ze zocht. Het uitgekookte en schoongeschraapte resultaat staat nu nog bovenop de kast in haar studeerkamer.

Toen al ging Schippers recht op het doel af, niet geïnteresseerd in wat anderen van haar denken.

Ze leek het prototype van een linkse student. Blote voeten onder gebatikte kleding, lapsang thee en zelfgedraaide filtersigaretten. Als vrijwilligster begeleidde ze Iraakse vluchtelingen voor de Stichting Vluchtelingenwerk.

Schippers mocht er in die tijd links uitzien, zoals oud-huisgenoot en boezemvriendin Ellen van Eck zegt, haar standpunten waren altijd al liberaal. Zelfbeschikkingsrecht en individuele keuzevrijheid waren heilig. „Ze had toen al een hekel aan zaken die door de overheid werden opgelegd.”

Twintig jaar later hebben die opvattingen en haar werklust haar naar het centrum van de macht gebracht. In het gebouw van de Eerste Kamer onderhandelt Edith Schippers al twee weken over een nieuw kabinet. Ze is de secondant van VVD-leider Mark Rutte, die een minderheidskabinet met het CDA in elkaar probeert te zetten, met gedoogsteun van de PVV.

Sinds 2006 is Schippers vicefractievoorzitter van de VVD. Ze is, zeggen politici van binnen én buiten de VVD, het „oliemannetje”, de „klusjesvrouw” van Rutte. Ze is een harde werker met grote dossierkennis. Scherp analist en debater. Recht voor zijn raap. Soms genadeloos. Niet diplomatiek. Weinig empathisch. Hard-liberaal.

Haar opkomst in de VVD-rangen hangt nauw samen met een langdurige interne machtsstrijd die bijna een einde maakte aan de partij. Jozias van Aartsen was op 8 maart 2006 afgetreden als fractievoorzitter na slecht verlopen gemeenteraadsverkiezingen. Ook in de anderhalf jaar daarvoor was het al onrustig in de VVD. Van Aartsen en minister van Financiën Gerrit Zalm vochten om het partijleiderschap. Kamerlid Ayaan Hirsi Ali zorgde met ferme uitspraken over de islam regelmatig voor grote krantenkoppen. In september 2004 was de onhandelbare Geert Wilders al uit de fractie gestapt.

De fractie had een nieuwe voorzitter nodig. Van Aartsen had daarvoor de toenmalige staatssecretaris Mark Rutte op het oog. Die zou uit het kabinet de fractie in kunnen stappen, om direct door te groeien tot partijleider. Het leek een soepele leiderswisseling, maar een groepje jonge Tweede Kamerleden hield dat tegen. Edith Schippers zat daarbij, net als de huidige Kamerleden Frans Weekers en Paul de Krom. En voormalig Kamerlid Arno Visser, nu wethouder in Almere.

De groep was zeker niet tegen Rutte, zegt Visser. „Maar we moesten eerst van de chaos af. Als Mark niet op de goede manier leider werd, zou het aan hem blijven kleven, dan zou het lijken alsof hij was geparachuteerd.” Datzelfde groepje maakte zich toen ook sterk voor het aftreden van vicefractievoorzitter Bibi de Vries, vertelt Visser. „Soms moet er een nieuwe wind waaien.” Die nieuwe wind bleek Edith Schippers te zijn. Dát was haar sprong naar de macht, zegt een betrokkene van toen.

Schippers bleef een grote rol spelen in Ruttes carrière. Nadat hij Rita Verdonk had verslagen in een partijsplijtende strijd om het lijsttrekkersschap, kreeg Rutte bij de daaropvolgende landelijke verkiezingen minder stemmen dan Verdonk. Een unicum in de parlementaire geschiedenis. Verdonk kon zich niet met haar tweede plek verzoenen en stelde steeds opnieuw het leiderschap en de koers van de fractie ter discussie.

Toen Rutte besloot dat hij het genoeg vond, moest Schippers Verdonks gedwongen vertrek regisseren. Voorafgaand aan de fractievergadering ging zij langs bij medestanders van Rutte, om er zeker van te zijn dat zij hem actief zouden verdedigen als hij Verdonk uit de fractie zou zetten. Daarna moest Schippers zich richten op het pacificeren van de verdeelde partij en de beschadigde fractie.

Na jarenlang regeren kwam de VVD in 2006 in de oppositie. Vervelend, maar ook een kans: de liberalen hoefden geen compromissen uit regeerakkoorden meer te verdedigen, maar konden weer zeggen wat ze dachten. Maar wat dachten ze eigenlijk? Om daar achter te komen, liet Schippers de VVD’ers met elkaar discussiëren. Alle portefeuilles werden langs de VVD-meetlat gelegd.

Kamerlid Anouchka van Miltenburg (VVD), die nauw met haar samenwerkte: „Eindeloos vergaderen, alles werd langsgelopen en afgestoft. Wij kregen er wel eens genoeg van, Edith niet. Ze heeft een enorme werklust en is veeleisend, dus verwacht ze ook van anderen dat ze hard werken.”

Gevolg van Schippers’ aanpak „vanuit de inhoud”, zeggen diverse VVD’ers, was dat het groepsgevoel terugkeerde. „Edith brengt mensen bij elkaar zonder dat die dat zelf in de gaten hebben. Hoe ze dat doet? Ik kan het niet reproduceren”, zegt Van Miltenburg.

Ondanks haar belangrijke rol binnen de partij is Schippers voor de buitenwereld relatief onbekend. Dat is deels een bewuste keus. Schippers: „Mark [Rutte] is de VVD-leider met een scherp profiel. Ik zorg dat het intern goed loopt en dat zaken goed zijn afgewogen. Een scherp eigen extern profiel zit dat in de weg.” En deels is het karakter. Alle ondervraagden noemen Schippers „loyaal” en „dienend”. Zeker niet iemand die in de schijnwerpers wil staan. „Ze vond het vervelend dat ze, toen ze vicefractievoorzitter was geworden, bij congressen op de eerste rij moest zitten”, zegt Van Miltenburg. Dat ze zorg ‘deed’, droeg ook niet bij aan haar naamsbekendheid, zegt VVD-Kamerlid Fred Teeven. „Zorgwoordvoerders zijn niet de bekendsten. Bovendien heeft de VVD op dat gebied niet zo’n vrolijke boodschap te verkondigen.” Het harde geluid bij justitie of immigratie is populairder, wil hij maar zeggen.

Voor buitenstaanders mag zij nagenoeg onzichtbaar zijn, binnen de fractie speelt Schippers een prominente rol. Van Miltenburg: „Edith deed vanaf dag één haar mond open. En niet alleen over de zorg; ze heeft sterke, liberale opvattingen en is politiek strategisch.” Haar gezag ontleent Schippers ook aan haar dienstjaren. Van Miltenburg: „Als tijdens een discussie iemand zegt: ‘Ik heb nog met Bolkestein gewerkt en die zou hier dit van vinden’, dan luister je wel. Edith koketteert er niet mee, ze heeft het hooguit drie keer gezegd. Maar als je dat zinnetje op het juiste moment gebruikt, kan het veel invloed hebben.”

Als vicefractievoorzitter kan Schippers genadeloos zijn, zeggen haar collega’s. Rutte houdt te veel van harmonie om de wind eronder te houden, dat laat hij zijn secondant doen. Arno Visser: „Edith weet hoe je, oneerbiedig gezegd, mensen terug in het hok krijgt. Wanneer je stroop smeert, en wanneer je de stok gebruikt.” Dat gebeurt zonder aanzien des persoons, bevestigen fractiegenoten. Schippers maakt zich weinig zorgen over hoe haar collega’s dat ervaren. Wie bevriend met haar is, hoeft geen voorkeursbehandeling te verwachten.

Rutte vertrouwt Schippers blindelings, zeggen betrokkenen. De onderlinge samenwerking is zó goed dat het een onbedoeld neveneffect heeft. Sommige fractieleden voelen zich tijdens de formatieonderhandelingen wat buitengesloten. Ook inhoudelijk vullen Rutte en Schippers elkaar goed aan, zegt een collega. „Juist omdat ze het over van alles fundamenteel oneens zijn. Mark is meer de intellectuele liberaal, Schippers meer de ‘hard-liberale’ pragmaticus met een goed gevoel voor de Telegraaflezer.”

Al op jonge leeftijd ontdekte Schippers het belang van zelfredzaamheid en individuele keuzevrijheid. Toen haar ouders op haar vijfde uit elkaar gingen, moesten ze met weinig geld rondkomen. Haar moeder, die uit een streng gereformeerd gezin kwam, werd veroordeeld door de kerk. „Ik kan daar zo slecht tegen”, zegt Schippers nu. „Ooit hoorde ik in Ecuador een man prediken dat je ogen zouden worden uitgestoken als je niet gelovig was. Zijn gehoor bestond uit ongeletterde mensen, niet in staat er ooit achter te komen dat hij onzin verkondigde. Mijn hele wezen komt tegen zoiets in verzet.”

Politiek was niet haar eerste keuze. Schippers wilde paardrij-instructeur worden. Ze verliet het vwo voor de havo, om eerder klaar te zijn met school. Maar die droom liet ze snel los. „Ik had noch geld, noch al te veel talent, en realiseerde me dat je het dan in de paardenwereld niet ver schopt.” Nadat ze alsnog haar vwo-diploma haalde en uitgeloot werd voor diergeneeskunde, begon ze aan een studie politicologie.

Tijdens die studie hielp Schippers een Iraaks vluchtelingengezin met allerlei praktische zaken. Vriendin Van Eck: „Ik weet nog goed dat ze dat gezin, vlak nadat het in Nederland was aangekomen, voor een kop koffie meenam naar La Place. Dat kostte haar een flinke duit, want zonder te overleggen namen alle familieleden er ook een broodje bij. Ik had met haar te doen, maar zij maakte zich er niet druk om.”

Van die empathie hebben haar tegenstanders in de Kamer nooit veel gezien. Samen met toenmalig VVD-minister Hans Hoogervorst was Schippers vanaf 2003 een drijvende kracht achter de nieuwe Zorgverzekeringswet. Voormalig Tweede Kamerlid Frank Heemskerk (PvdA) vindt Schippers een erg goed politicus, maar „soms wel erg klinisch”. Er was weinig ruimte voor verplegers of kwetsbare patiënten. „Het ging erg veel over prikkels en pegels.” Misschien, zegt Heemskerk, was dat wel nodig om de wet erdoorheen te krijgen. „Maar wil je als politicus succesvol zijn, dan moet je niet alleen het hoofd van mensen winnen, maar ook het hart.”

Voor Tweede Kamerlid Henk van Gerven (SP) is Schippers een „vrouw met twee gezichten”. Een aardige, aimabele vrouw die „een keihard en asociaal programma” uitdraagt, zegt hij. „Dat je als rechtse partij meer asfalt wilt, of een andere economische ordening, begrijp ik wel. Maar zorg gaat over kwetsbare mensen.”

Schippers had altijd al VVD gestemd. Na haar afstuderen werd ze ook lid. De Tweede Kamer intrigeerde haar en vrij snel kon ze bij de VVD-fractie komen werken. Het liefst wilde Schippers – die de halve wereld afreisde – Buitenlandse Zaken doen, maar het werd volksgezondheid.

Schippers is helemaal een VVD’er van deze tijd. Ze is een enthousiast gebruiker van de bij de VVD zo geliefde klare taal, zo blijkt uit de filmpjes die ze maakte voor het tv-programma Pauw en Witteman. Geen fijngevoelige analyses of genuanceerde betogen. Liever: „Belasting is gif voor de economie.”

Schippers komt bij een opmerking over openbare orde al snel bij de islam terecht: „We zijn voor snoeihard ouderwets orde op straat. Er moeten grenzen getrokken worden: tot hier en niet verder. Het kan me niet schelen wat je afkomst is. Ik heb niks tegen moslims, maar je leeft wel in een andere samenleving, je bent niet in Saoedi-Arabië.”

Ook Schippers loopt vast in de voor de VVD zo kenmerkende spanning tussen het liberale beginsel van persoonlijke vrijheid en de normerende overheid. In haar zorgnota schrijft ze over de „onzin” van het verbieden van ongezonde gewoonten: „Je aan de wet houden is onvoldoende, leven naar een door de overheid vastgestelde norm komt steeds dichterbij. [...] De weg van het schonen van de publieke ruimte van alles wat politici als onwenselijk beoordelen, beschouwen wij als een bedreiging.” Maar in de Volkskrant sprak het Kamerlid zich vlak voor de verkiezingen uit tegen „gescheiden zwemmen, gezichtsbedekkende kleding en het weigeren van vrouwelijke handen”, toch geen wettelijk verboden gedragingen.

Economisch staat Schippers aan de rechterkant van de VVD-fractie. Als lid van de commissie-De Wit, die de kredietcrisis onderzocht, zocht zij als enige de oorzaak voor de instorting van de financiële sector in een overmaat aan toezicht en regulering, zeggen betrokkenen. Veel economen en politici denken juist dat een gebrek aan toezicht onverantwoordelijk gedrag van banken mogelijk maakte, en ijveren voor een strengere regulering van de sector.

Als de VVD uiteindelijk gaat regeren, maakt Schippers grote kans op promotie. Een ministerschap is mogelijk, maar ze wordt ook genoemd als nieuwe fractievoorzitter. Niet iedereen denkt dat dat een succes wordt. SP’er Henk van Gerven formuleert het zo: „Bij haar ontbreekt de X-factor.”

Kritiek van de vijand is niet verrassend, maar ook in haar eigen fractie klinken twijfels. Schippers is „van de inhoud”, houdt niet van geneuzel. Ze zal nooit voor een camera staan als ze niets te vertellen heeft. Als fractievoorzitter ontkom je er niet aan op algemene politieke kwesties à la minute te reageren. Door haar nadruk „op de inhoud” ontbreekt soms begrip voor de emotionele aspecten van de politiek. Daardoor komt ze ongeduldig over. Collega’s vragen zich ook af of ze met haar koel-zakelijke benadering voldoende mensen aanspreekt. En of ze er zelf gelukkig van zou worden.