De crux is de pindasaus

We gaan deze week Indonesisch koken. We beginnen met een klassieker die er, door de ingrediëntenlijst, bewerkelijker uitziet dan hij is. Een bezoekje aan een toko of een ander soort Aziatische speciaalzaak is wel een must, anders vind je geen laos (een beetje op gemberwortel lijkende wortelstok) en ook geen asem, tamarindepasta. Die is zuur en kan in geval van nood vervangen worden door citroen.

Eigenlijk is gado-gado een ideaal vegetarisch gerecht. Alles zit erin, eiwitten uit soja dankzij de tempeh en tahoe, rauwe en gekookte groenten, noten – de schijf van vijf is in één keer geheel met ons tevreden. En wat nog beter is: je bent zelf ook helemaal tevreden met die verschillende groenten met hun verschillende structuren en daaroverheen de warme, hete pindasaus. De crux van dit gerecht is de pindasaus.

Dat betekent wel dat die echt goed moet zijn. Deze is dat. Ga dus geen kant en klare pot of pak of zakje kopen. Dan sta ik nergens voor in. Het is mogelijk de santen te vervangen door cocosmelk uit blik, maar dan wordt de saus wel dunner en bleker. En houd er rekening mee dat pindakaas uit een potje (dit is bedoeld als: in tegenstelling tot pindakaas van de notenwinkel) bijna altijd gezoet is. Wees dus zuinig met de goela djawa, de javaanse suiker, als je geen kinderlijk zoete saus wilt.

Gado gado is machtig, dit eveneens dankzij die pindasaus, die helaas wel gevaarlijk vet is.

Snijd de gekozen groenten in overzichtelijke stukken en kook, of nog beter stoom ze een minuut of vijf, ze moeten stevig blijven.

Was de taugé. Was de komkommer, snijd hem in de lengte door en schep het zaad eruit. Snijd de helften weer doormidden en hak in blokjes van een centimeter of drie.

Kook de eieren in 8 minuten hard, laat ze afkoelen en pel ze.

Snijd de tempeh en de tahoe in blokjes en bak ze in de hete olie lichtbruin.

Voor de pindasaus: pel de sjalotten en de knoflook, haal de zaadjes uit de pepers en snijd ze in stukjes.

Stamp dit alles fijn in de vijzel met de trassi, laos, asem, goela djawa, in twee stukken gescheurde djeroekpoeroetblaadjes en één theelepel zout. Doe er 2 deciliter water bij en kook het geheel even. Roer er de pindakaas en de santen door en laat een paar minuten sudderen tot de santen helemaal is opgelost.

Schik de groenten op 4 borden, strooi er de taugé over en leg de blokjes tahoe en tempé erbovenop. Flankeer met komkommer. Snijd de eieren doormidden en leg op de groenten een half ei. Giet de pindasaus over het ei en de groenten en bestrooi met wat emping of stukjes kroepoek.