CDA'ers maken het zichzelf vast moeilijk

Terwijl de kabinetsformatie in volle gang is, komt Prinsjesdag snel dichterbij.

Het demissionaire kabinet moet nu al beginnen met miljarden bezuinigen.

Maxime Verhagen moet dezer dagen regelmatig op twee plaatsen tegelijk zijn. De fractievoorzitter van het CDA is niet alleen minister van Buitenlandse Zaken en minister voor Ontwikkelingssamenwerking, maar ook onderhandelaar bij de formatie. Terwijl de onderhandelingen over een kabinet van VVD/CDA met gedoogsteun van de PVV in volle gang zijn, draaien de overgebleven ministers van het demissionaire kabinet Balkenende IV ook hun laatste begroting voor Prinsjesdag in elkaar.

Daarmee ontstaat een wonderlijke toestand in de Trêveszaal, want echte plannen mag de regeringsploeg niet hebben. Kabinetten van demissionaire status worden immers geacht op de winkel te passen: neem het landsbestuur waar, handel lopende zaken af en let erop dat de financiën niet uit de hand lopen.

Het roept de vraag op wat straks de betekenis van Prinsjesdag is. Wordt de Troonrede een afscheidsrede van een gemankeerd kabinet dat op 26 van de 150 Kamerzetels steunt? Is de Derde Dinsdag van september dit jaar een non-event?

Toch betekent de demissionaire status van Balkenende IV niet dat er slechts niemendalletjes aan de orde zijn. De economische en financiële situatie dwingt zelfs een regering op weg naar de uitgang tot ingrijpende besluiten, tot miljardenbezuinigingen maar liefst. De ingrepen van het zittende kabinet zullen het VVD-leider Mark Rutte en zijn onderhandelingspartners nóg moeilijker maken de beoogde 18 miljard euro bezuinigingen bij elkaar te sprokkelen.

Minister Klink van Volksgezondheid (CDA) gaf daar deze zomer een voorproefje van. Hij besloot de vergoeding voor rollator en pil uit de basispolis te schrappen om een tegenvaller op zijn departement op te vangen. Zijn maatregelen waren al terug te vinden als bezuinigingsoptie in de verkiezingsprogramma’s van diverse politieke partijen. Een nieuw kabinet ziet door de ingreep van Klink een ‘snijmogelijkheid’ wegvallen. Lastig, want het is al zo moeilijk om het begrotingstekort met 18 miljard euro per jaar terug te dringen.

Verhagen lost zijn agendaprobleem meestal op door zich in de ministerraad te laten vertegenwoordigen door premier Balkenende of door de secretaris-generaal van Buitenlandse Zaken. Hij heeft één collega die soms aan beide tafels fysiek nodig is: Jan Kees de Jager, de minister van Financiën en gedoodverfde kandidaat om dat ook in een nieuw kabinet met CDA-deelname te worden.

De Jager is momenteel de onmisbare verbindende factor van alle Haagse onderhandelingstafels. In het demissionaire kabinet moet hij een erfenis uit het crisisakkoord afhandelen. In het aangepaste regeerakkoord van begin 2009 om de crisis te bezweren ging het kabinet uit van bevroren ambtenarensalarissen. Maar de nullijn bleef uit, waardoor een ingeboekte bezuiniging van 3,2 miljard niet volledig in Den Haag arriveert.

Kersvers Kamerlid Wouter Koolmees (D66) herinnerde het demissionaire kabinet daar op de valreep van het zomerreces aan. Zijn motie wordt serieus genomen door de nog zittende regeringsploeg. Minister De Jager zegt al „een eind op streek” te zijn met de oplossing van dit gat. Het betekent dat er besluiten zijn genomen over meer dan 1 miljard euro aan bezuinigingen – met steun van de ChristenUnie. De vraag is wat de inbreng van deze partij bij de laatste saneringen in zal houden.

Minister Eimert van Middelkoop (ChristenUnie) wees er onlangs op dat er tussen het CDA en zijn partij soms grote verschillen bestaan als het om bezuinigingen gaat. „Als we nog een tijdje over ons graf heen kunnen regeren is dat voor de ChristenUnie geen probleem.”

Tegelijkertijd zal zijn partij zich fatsoenlijk en plichtsgetrouw opstellen, zo is de verwachting. Het nog regerende CDA weet dat het voor vele omstreden bezuinigingen in uiterste instantie meerderheden kan vinden in de Tweede Kamer, niet in de laatste plaats door hulp van VVD en PVV.

In dat opzicht spelen de inzichten aan de formatietafel van Ivo Opstelten wel degelijk een rol in het nog zittende kabinet van andere politieke signatuur en vice versa. De Jager sprak in dit verband eerder van zwaluwstaarten, een timmermansbegrip voor een houtverbinding. Hij kan bij Opstelten laten weten wat er nog door het huidige kabinet wordt gedaan en in de ministerraad kan hij de wensen van de formatiepartners mee laten wegen.

Dat neemt niet weg dat dit jaar de situatie kan ontstaan dat op Prinsjesdag een kabinet met CDA erin een „beleidsarme” begroting presenteert, terwijl een dag later een nieuw kabinet, met ook CDA erin, met een regeerakkoord komt waarin afspraken staan om 18 miljard euro te bezuinigen. De jaarlijkse Algemene Politieke Beschouwingen krijgen dan een wel heel surrealistisch karakter, zeker als een ingetogen Miljoenennota moet worden verdedigd door een nieuwe ploeg met veel verstrekkender ambities.

Persoonlijk zullen politici ook over de nodige flexibiliteit moeten beschikken. Het is goed voorstelbaar dat minister-president Balkenende vurig hoopt op een nieuw kabinet vóór Prinsjesdag. Anders moet de voormalig CDA-leider straks nog als het gezicht van een vertrekkende kabinet een weinig inspirerende Miljoenennota voor de Tweede Kamer verdedigen.

Een politicus als André Rouvoet zal straks in een mum van tijd van minister van Onderwijs en van Jeugd en Gezin de knop moeten omzetten naar fractieleider van een oppositiepartij.