Veel beweging op de beurzen, maar niet echt omhoog

Beleggers op de beurs leven tussen hoop en vrees. De verwachting is dat de beurs volatiel blijft, maar uiteindelijk weinig terrein zal winnen of verliezen.

Zijwaarts. Het is het woord dat beleggers liefst niet willen horen. Zijwaarts. betekent een markt waar het zoeken is naar winsten. Waar rally’s weliswaar mogelijk zijn, maar weer teniet worden gedaan door correcties

Toch lijken beleggers veroordeeld tot zo’n beurs. De onzekerheid over de economische groei, de nog altijd precaire situatie van de financiële instellingen, de vraagtekens rond de economische groei in de Verenigde Staten en Europa en de ontwikkeling van de rente zullen ervoor zorgen dat beleggers niet achterover kunnen leunen.

„Het lijkt niks, een zijwaartse beweging. Maar wij verwachten redelijk volatiele beurzen”, zegt Frank van Wijk, hoofd research bij SNS Securities. „Het is en blijft leven tussen hoop en vrees. Hoop dat alles aantrekt en de vrees dat de economie terecht komt in een ‘double dip’, een nieuwe recessie.”

Die angst leeft al enige tijd en duikt vooral de laatste weken weer op. De economie in veel Noord-Europese landen groeit weliswaar, maar de kloof met de zuidelijke buren wordt groter omdat hier de groei sterk achterblijft.

Dat de hoop en vrees dagelijks met elkaar strijden werd donderdag duidelijk. De hoop op herstel werd die dag gevoed door het nieuws dat de Duitse Bundesbank de verwachting voor de economische groei in het land opschroefde van 1,9 procent tot rond de 3 procent.

Aan de andere kant kregen beleggers voer voor hun vrees dat het economisch herstel wellicht niet langdurig zal zijn. Zo bleek dat het aantal nieuwe aanvragen voor werkloosheidsuitkeringen in de VS onverwacht gestegen naar het hoogste niveau in negen maanden. Een schok ging door de financiële markten en de koersen daalden, omdat analisten juist hadden verwacht dat het aantal aanvragen wat zou afnemen.

„De werkloosheidsaanvragen in de VS zorgden weer voor onrust. Als de werkeloosheid daar hoog blijft, kan de consument het stokje niet overnemen van de overheid als deze moet gaan bezuinigen”, aldus Van Wijk. „Daarbij is de situatie in China een vraagteken. Hoe lang kan men daar hard doorgroeien.” De vraag is of de consumenten in de VS dit stokje wel kunnen overnemen, omdat de consumptie van burgers er al de hoogste ter wereld is en men er weinig spaart.

Daarbij kwam ook nog eens de verklaring eerder deze maand van het Amerikaanse stelsel van centrale banken, de Federal Reserve, dat de economie trager herstelt dan verwacht. De experts van vermogensbeheerder Schroders waren gisteren na al dit nieuws duidelijk in hun oordeel over de internationale beurzen. „In de tweede helft van 2010 zal de volatiliteit exceptioneel hoog blijven.”

Toch hoeft de beweeglijkheid op de aandelenbeurzen geen reden te zijn om weg te blijven, al was het maar omdat er weinig alternatieven voorhanden zijn.

Door de lage internationale rente is het wegzetten van geld op spaarrekeningen of deposito’s niet erg aantrekkelijk. Staatsobligaties zullen voor diegene die rust en veiligheid willen wel een optie zijn, maar niet voor de investeerder die rendement zoekt. „Het dividend rendement op de Amsterdamse beurs staat rond de 3,5 procent, de rente op de laatste tienjarige Nederlandse staatslening op 2,5 procent”, stelt Van Wijk van SNS Securities. „Dat maakt de beurs weer aantrekkelijk.”

Overigens zullen beleggers die de laatste jaren actief waren hier wellicht een vraagteken bij plaatsen. Ook het dividendrendement is slechts een verwachting. Na het uitbreken van de kredietcrisis besloot immers een groot aantal bedrijven, in binnen- en buitenland, namenlijk plots geen dividend uit te keren, omdat de winsten tegenvielen of omdat er verlies werd geleden.

De historisch lage korte en lange rente helpt in ieder geval één sector op de beurs: de banken. De sector die als aanstichter wordt gezien van de kredietcrisis kan via de lage rente de winsten weer opschroeven en er zijn deskundigen die denken dat de centrale banken de rente laag houden om de bancaire sector te helpen er weer bovenop te komen. Dat komt in wezen neer op een subsidie van het bankwezen.

De analisten van Insinger de Beaufort schreven in hun laatste beleggingsvisie overigens dat men verwacht dat de banken nog vele moeilijke jaren tegemoet gaan, waarbij de sector langdurig kan achterblijven bij de rest van de aandelenmarkt, ondere meer omdat de wereldwijde schuldvermindering nog lang niet is afgelopen. Ook bij Insinger verwacht men een zijwaartse beweging van de beurzen, niet alleen voor dit jaar, maar wellicht voor de „komende jaren”.

De aandelenbeurs is op zich van ver gekomen. Na het uitbreken van de kredietcrisis, nu drie jaar geleden, stortte ook de Amsterdamse AEX-index in. De graadmeter ging van rond de 550 punten naar minder dan 200 punten in de eerste helft van 2009. Daarna zette het herstel in, geholpen door de aantrekkende economie in de VS en de voortdurende groei van China. Ruim een jaar na dat dieptepunt staat de Amsterdamse index op 320 punten. Eerder dit jaar steeg de AEX tot rond de 355 punten, om na de Griekse schuldencrisis in het voorjaar weer 40 punten in te leveren. Gisteren sloot de AEX op 318.02 punten.

De koerswinstverhouding van de AEX staat voor dit jaar op 10. Dit lijkt een koopje, omdat deze verhouding de laatste tien tot vijftien jaar rond 15 stond. Maar gezien de enorme wereldwijde schuldenberg, de economische onevenwichtigheden en de door de centrale bank kunstmatig laag gehouden rente lijkt zelfs een koerswinstverhouding van 10 niet erg goedkoop.