Column

Sterke verhalen

Prachtige beelden deze week van een dolle stier die in een Spaanse arena de tribune op springt en het publiek de stuipen op het lijf jaagt. Gelukkig waren er ook een paar gewonden. Ik word daar op de een of andere manier vrolijk van. Vooral van die gewonden. Wat is het nut van stiertje treiteren en het arme dier langzaam radeloos laten doodbloeden terwijl een meute zich amuseert door olé te roepen? Voorstanders bazelen altijd over eeuwenoude tradities die moeten blijven bestaan. Dat is het stenigen van overspelige vrouwen in enge moslimstaten ook. Nee, mooie wraak van die stier en een heroïsch slot van zijn stierenleven. Van wie zal hij de reïncarnatie zijn geweest? En als wat keert hij binnenkort terug op aarde?

Heb deze week mijn zolder opgeruimd en dat is sinds het drama in het Friese Nijbeets een spannend klusje. Voor de zekerheid toch maar even met de lege koffers gerammeld. Blijft toch wel een van de sterkste verhalen die ik ken. Vier kinderen baren en ombrengen zonder dat je ouders iets merken. En als ze nou in een paleis met zeventien kamers woonden…. Gezellig communicatief gezinnetje! Wel weer opgetogen dat de buurt van deze arme mensen deze week die tyfuszooi aan knuffels en kaarsjes heeft opgeruimd. Wat is er toch in ons gevaren dat we bij wildvreemde mensen een teddybeer aan het hek gaan hangen omdat er in dat huis iets verschrikkelijks is gebeurd? Sowieso is er een soort volslagen debiele knuffelcultuur.

Hard rijdende schaatsers worden na een overwinning bedolven onder de meest debiele speelgoedbeesten. Goed betaalde popsterren krijgen tijdens het zingen van hun hitje die pluche dingen met honderden tegelijk naar hun kop gegooid. Waarom? Die dingen zijn toch voor baby’s? Waar ging het mis met ons allemaal? Massaal mis! Aan het eind van een voorstelling krijg ik ook nog wel eens een bosje bloemen en vaak zijn dat goed bedoelde, doch hele lelijke boeketten. Vroeger liet ik ze nog wel eens in mijn kleedkamer liggen, maar tegenwoordig neem ik ze mee en prik ik ze onderweg ergens lukraak in de vangrail of leg ze onder een boom in een flauwe bocht. Als ik de volgende dag weer naar het zelfde theater rijd kijk ik wat er mee gebeurd is.

Meestal liggen er al een paar bosjes naast, branden er een stuk of wat waxientjes en staren een paar knuffels me scheel aan. Het bermmonumentje voor de onbekende automobilist! Ik krijg er steeds meer lol in. Nu ik deze zomer vrij was heb ik regelmatig een zelf gekocht bosje ergens gedrapeerd en ja hoor….binnen vierentwintig uur was het raak. Ook stonden er regelmatig wildvreemde mensen treurig bij te zwijgen. Ik mocht me daar graag bij aansluiten en verdrietig stamelen: “Erg hè?” Een sterk verhaal stond deze week op een advocatensite. Twee jaar geleden schijnt een partner van DLA Piper bij een klant de verkeerde USB-stick in een laptop geduwd te hebben en in plaats van allerlei saaie grafiekjes over belastingvoordeel kregen de medewerkers van zijn klant Orangefield Trust keiharde porno voor hun kiezen.

En het bleek dat de slideshow niet te stoppen was. Dus alle foto’s moesten worden geconsumeerd. Ik vind dat zo geestig. Tijdens dat soort presentaties zit meestal de hele zaal aan porno te denken, dus eigenlijk komt het wel goed uit. Het verhaal vertelt niet of het van pornosites gejatte plaatjes waren of dat we de belastingadviseur zelf dampend aan de gang zagen. Dat laatste zou natuurlijk het leukste zijn. Wie van de partners zal het zijn? Dat wil iedereen natuurlijk weten. Lijkt me voor de anderen binnen dat bedrijf ook redelijk ingewikkeld. Dat je steeds tegen een klant lacherig moet zeggen: “Ik was het niet hoor!” Of dat je als belastingadviseur van DLA zonder blozen over aftrekken moet beginnen.

De woordspeling DLA Pijper durf ik hier niet te maken. Die gonst waarschijnlijk al door het advocatenwereldje en ik vrees dat ze die naam niet gemakkelijk meer kwijtraken. Nooit meer zelfs!