Moeder Teresa

Illustratie Anje Jager

Wie is de vrouw van deze week?

Ongetwijfeld Agnjezë Gonxha Bojaxhiu, de ‘Engel der Armen’, beter bekend als Moeder Teresa. De grootste weldoenster van arm Calcutta.

Leeft ze dan nog?

Jazeker, in de harten van allen die haar beminden. Haar geest is onder ons, paus Paulus Johannes II verklaarde haar in 2003 zalig, een heiligverklaring ligt in het verschiet. Maar inderdaad, ze is niet meer lijfelijk aanwezig, ze overleed op 5 september 1997. Ze werd 87.

En waarom is het haar week?

We vieren op 26 augustus dat ze honderd jaar geleden werd geboren in Skopje.

Groot feest?

Vooral grote herrie.

Tussen wie en wie?

Tussen Albanië en India. Teresa ligt begraven in India, waar ze tot haar dood werkte. Albanië wil haar lichaam herbegraven in de grond waarop ze werd geboren, maar India weigert dat.

Albanië? Skopje ligt toch in Macedonië?

Ja, die hebben dus ook gedoe over de nationaliteit van de non. In 1910 was Skopje een stad in het Ottomaanse Rijk, en nu is het de hoofdstad van Macedonië. Maar Teresa, toen nog Agnjezë, werd geboren uit Albanese ouders, vandaar.

Maar verder alles onder controle?

Er loopt ook nog een relletje in New York tussen de Catholic League, een Amerikaanse burgerrechtenorganisatie, en de directie van het Empire State Building. De directie weigert de 381 meter hoge torenflat blauw-wit te verlichten op haar geboortedag, de kleuren van de sari die ze altijd droeg. De directie zegt dat ze dat nooit doet voor religieuze figuren. De katholieken zijn boos, want vorig jaar ging het licht wél aan voor de zusters salesianen.

Niet best, zoveel heibel over de vrouw die in 1979 de Nobelprijs voor de Vrede kreeg.

De gemeenteraad van New York roept alle burgers nu op om op 26 augustus zelf blauwe en witte lampjes achter hun raam te zetten.

Wordt het toch nog feestelijk.

Zeker voor postzegelverzamelaars. De Duitse Post geeft een Teresa-zegel uit van 70 cent, Amerika van 44 cent, Frankrijk zelfs twee van 85 cent, één met gom en één zelfklevend.

Rinskje Koelewijn