Hoekse twisten

Hoek van Holland, de badkamer van Rotterdam, moet een bruisende kustplaats worden, vinden de horecaondernemers. „De Hema gaat hier een filiaal openen.” Niet iedereen steunt de vernieuwingsdrang.

Zonnebedjes van strandclub Danz.

Hij is de koning van de kustlijn, maar hoeveel paviljoens Iem Kap in bezit heeft aan het strand van Hoek van Holland? De horecaondernemer moet even tellen. Op zijn vingers. „Tien, ja, tien”, zegt hij uiteindelijk, gezeten op het terras van Beachclub Royal, dat onlangs werd uitgeroepen tot ‘beste strandpaviljoen van 2010’. Op de achtergrond leggen zijn medewerkers de laatste hand aan het feestterrein waar een dag later het 100% NL Strandfeest wordt gehouden. Volkszanger Gordon komt ook. Kap verheugt zich. „Altijd leuk, zo’n feestje.” Hij heeft vijfduizend kaarten verkocht. „Meer mocht niet van de politie.”

Morgen is het exact één jaar geleden dat in de Rotterdamse deelgemeente een dode viel tijdens het ontspoorde dancefeest Sunset Grooves. Uitgerekend op de ‘verjaardag’ van die voor velen traumatische veldslag organiseert Matthieu van den Assem van de beachclub Miljonairs opnieuw een dancefeest, getiteld Ministry of Beats. In zijn eigen strandtent, morgen vanaf vier uur ’s middags tot half één ’s nachts. Tot woede van de politievakbonden en de gemeente, die begin deze week aandrongen op verplaatsing of afgelasting van het evenement. Maar Van den Assem hield voet bij stuk. De omvang van het besloten feest (maximaal duizend gasten) voldoet aan de voorwaarden die zijn opgenomen in zijn exploitatievergunning. Bovendien: een soortgelijk feest verliep eerder dit jaar probleemloos. Een deel van de bevolking mag dan moeite hebben met zijn beslissing, Van den Assem is ondernemer. Zo’n denderend seizoen is de zomer van 2010 tot dusver niet.

„Geen handige timing van Matthieu”, zegt de huurbaas van Van den Assem, Iem Kap. „Maar tegelijkertijd kunnen we ook niet eindeloos blijven stilstaan bij dat ene incident. Want dat was het: een incident, niets meer en niets minder. Hoek van Holland moet verder.” Hij zelf ook. Kap, rijk geworden in de telecommunicatie, heeft de afgelopen twee jaar ruim 4 miljoen euro geïnvesteerd. Dit najaar gaat de eigenaar van Strandbeheer BV opnieuw met de deelgemeente om de tafel. Het centrale toegangsplein vlakbij het strand wil hij voorzien van „gezellige winkeltjes waar je de krant kan kopen of een leuke souvenir”.

In deelgemeentebestuurder Paddy Roomer (PvdA) vond Kap drie jaar geleden een hartstochtelijk medestander. De vlotte veertiger die in 1978 vanuit de Rotterdamse volkswijk Spangen in ‘De Hoek’ belandde, bleek doortastender dan zijn voorgangers. „Paddy is een commerciële jongen die van aanpakken weet”, zegt ook Marcel Zumker, eigenaar van café-restaurant De Torpedoloods in de haven van Hoek van Holland. Roomers grootste verdienste volgens Zumker is dat hij het Rotterdamse gemeentebestuur heeft wakker geschud. „Tot die tijd was het hier een doodse bedoening. Paddy heeft op het stadhuis net zolang kabaal lopen maken, totdat Rotterdam besefte: hé, we hebben ook nog een badplaats die aandacht verdient.”

De gevolgen van de herontdekking van ‘Rotterdam aan Zee’ zijn zichtbaar in Hoek van Holland: palm- en olijfbomen langs de kust, rotsblokken bij de entree van het dorp en op elke strandoprit vlaggen met de tekst Rotterdam World Beach en Get Hoekt! Met die laatste slogan zetten Roomer en zijn collega-bestuurders hun vernieuwingsdrift drie jaar geleden kracht bij. De voormalige vestingplaats, in de Tweede Wereldoorlog onderdeel van de Duitse Atlantikwall, moest mee in de vaart der volkeren. Het strand bood die kans. Feesten en partijen zouden nieuw elan brengen in de ‘badkamer van Rotterdam’. En vooral: meer toeristen en dagjesmensen, en dus meer inkomsten en meer werkgelegenheid genereren. „Hadden we niets gedaan, dan was Hoek van Holland langzaam maar zeker doodgebloed”, zegt Roomer.

Oudere Hoekenezen beamen dat. ‘Wanneer de wereld vergaat moet je naar Hoek van Holland, want daar gebeurt alles vijftig jaar later’, is een bekende grap die vroeger werd gemaakt. Hoek van Holland gold ook jarenlang als ‘het dorp van de vergeten boodschappen’. De grote inkopen werden gedaan in het aangrenzende Westland: in Naaldwijk of ’s-Gravenzande. Alleen voor een vergeten pak melk gingen bewoners naar de lokale middenstand. „Tal van voorzieningen verdwenen, en hetzelfde gold voor de jeugd, waardoor Hoek van Holland meer en meer een spookdorp werd. Aan die uittocht moesten we een einde maken”, zegt Roomer.

Dat is volgens hem grotendeels gelukt. Hoek van Holland groeit weer, zij het langzaam. De kustplaats heeft ruim 9.500 inwoners. Het aantal toeristen is in twee jaar gegroeid, zegt Roomer: van 1,2 naar 2 miljoen per jaar. „We gaan de goede kant op. En het zijn niet alleen jongeren die hierheen komen, ik zie ook veel senioren.” Aan het strand verrezen in twee jaar tijd dertien gloednieuwe paviljoens. „De Hema opent in januari een filiaal in het centrum.”

Toch is niet iedereen even enthousiast. Het ontspoorde strandfeest van 22 augustus 2009 heeft de onderhuidse spanningen tussen voor- en tegenstanders van de vernieuwingsdrang aangewakkerd. Roomer (48) moest vorig jaar zelf een veilig heenkomen zoeken in de duinen, samen met vrouw en dochter. In de dagen en de weken volgend op het drama was hij geregeld het verbale mikpunt. „Iedereen verkeerde in een shock. Mensen moesten hun emotie kwijt. Dan is het logisch dat ze bij mij uitkomen, als voorzitter van de deelgemeente.”

Roomer is inmiddels voorzitter af, maar hij maakt nog wel deel uit van het deelgemeentebestuur. Hij beheert nog altijd de ‘strandportefeuille’. Zijn verkiezingsnederlaag staat los van het ontspoorde strandfeest, benadrukt hij.

Tom van Ooijen van het huis-aan-huisblad De Hoekse Krant onderschrijft dat. De PvdA-lijsttrekker heeft de verkiezingen verloren, domweg omdat de VVD een betere campagne heeft gevoerd. De rellen op het strand worden hem niet (meer) aangerekend, stelt hij. Maar Roomer heeft de laatste jaren zo links en rechts wel wat vijanden gemaakt, constateert Van Ooijen. „Hij heeft volgens sommige bewoners te weinig oog gehad voor het dorp en te veel voor het strand. De doorsnee Hoekenees wil toch liever dat kleinschalige dorp behouden. Het strand en de horeca zijn voornamelijk gericht op de jeugd.”

Met name jongeren uit het Westland weten de weg naar Hoek van Holland te vinden. Elk weekeinde dompelen zij zich onder in de alcohol in een van de feesttenten aan het strand. Voorheen gebeurde dat in het centrum van Hoek van Holland. In de dancing van Hotel America om precies te zijn. „Vrijwel elk weekeinde was het daar knokken geblazen”, herinnert Marcel Zumker („Ik ben een echte Hoekenees”) zich. Hoek van Holland heeft altijd de reputatie gehad ‘losser’ te zijn, meer vrijgevochten dan de omliggende gemeenten in het kassengebied. Het dorp aan de Nieuwe Waterweg telde relatief veel cafés, een bioscoop en een discotheek: in de ogen van veel gelovige Westlanders een sodom en gomorra. De Hoekse bevolking is, in tegenstelling tot die in het Westland, overwegend niet-kerkelijk.

Anno 2010 is vooral de Waterskihut zeer in trek bij de uitgaande jeugd. De uitbater, horecaondernemer Chiel Jongejan, wordt in Rotterdam ‘de koning van het Stadhuisplein’ genoemd. Pal tegenover het stadhuis aan de Coolsingel bezit hij nagenoeg alle cafés. Jongejan schaamt zich niet voor zijn bedrijfsfilosofie. „Hoe platter het vertier, hoe hoger de opkomst”, zei hij vorig jaar bij het begin van het strandseizoen. Niet voor niets heeft hij zijn strandtent in Hoek van Holland vernoemd naar de succesvolle ‘feestfabriek’ in het centrum van Rotterdam, de Après Skihut, die wekelijks ruim zevenduizend bezoekers trekt. In Hoek van Holland namen de klachten over overlast vorig jaar toe. Met name de eigenaars van 42 strandhuisjes (zes bij drie meter, bijna 70.000 euro per stuk) roerden zich. Daarop besloot de beheerder afgelopen najaar de eerder dat jaar aangelegde wandelpromenade te onderbreken. Zodat feestgangers gedwongen zijn het strand weer via de toegangsweg te verlaten. „Als jongeren middenin de nacht met een bakkie op door de duinen struinen, levert dat overlast op, dus ik begrijp die ingreep best”, zegt Iem Kap.

Dat begrijpt ook Arthur Bosschaart. Hij is uitbater van Jan Patat, een enigszins vervallen strandtent die zich „op veilige afstand van het feestgedruis” bevindt, recht tegenover de strandwacht. Zijn zaak ademt de sfeer van een clubhuis. Vlakbij de ingang staat een robuuste motor geparkeerd, de houten banken liggen bezaaid met kussens. Kinderen zitten op deze vrijdagochtend met opgetrokken knieën stripboeken te lezen. „Ik wil geen moderne toko, iedereen moet zich hier lekker op z’n gemakkie voelen”, zegt Bosschaart. Zijn vader begon de strandtent in 1972, sinds 2001 is hij de eigenaar.

Bosschaart – grote oorbellen, dito bakkebaarden – heeft Hoek van Holland de laatste jaren zien veranderen. „Al die feesten en partijen trekken een publiek dat ik liever zie gaan dan komen.” Soms schuiven ze aan op zijn terras. „Van die omhooggevallen groenteboeren die koffie bestellen, maar zodra ze dat geserveerd krijgen zeggen dat ze uiteraard cappuccino bedoelden. Die stuur ik zonder pardon weg. Ik heb geen zin in dat soort mensen, en mijn vaste klanten ook niet.”

Ook op recreatieoord Hoek van Holland, een verzameling vakantiehuisjes pal achter de duinen, overheerst scepsis. Het vakantiepark werd begin vorige eeuw opgezet ten behoeve van de Rotterdamse havenarbeiders. Een beetje leven in de brouwerij, prima, wordt hier gezegd. Maar als het ontspoorde strandfeest iets heeft duidelijk gemaakt dan is het wel dat Hoek van Holland is doorgeslagen in de eigen geldingsdrang. Carel van Hees bezit al bijna dertien jaar een huisje op het recreatiepark. De Rotterdamse filmmaker en fotograaf verwijst naar de beroemde dichtregel van Lucebert: Alles van waarde is weerloos. „Ik gun iedereen zijn of haar pleziertje, maar het gaat om smaak.” En die is ver te zoeken, stelt Van Hees. In plaats van zich te profileren als een gemoedelijke badplaats kopieert Hoek van Holland de stad van de wansmaak, waar Rotterdam al zo vaak voor wordt versleten. „Uitgaan kan een mens overal, waarom moet dat uitgerekend hier gebeuren? Mensen zijn hier juist op zoek naar rust.”

Dat de Waterskihut niet alleen maar fans heeft, bleek in mei van dit jaar. Vlak voor het begin van het strandseizoen brandde de uitgaansgelegenheid volledig af. Twee aangrenzende paviljoens gingen eveneens in vlammen op. De brandweer liet meteen weten dat brandstichting de vermoedelijke oorzaak was. Maar aan dader(s) ontbreekt het vooralsnog. Het onderzoek is nog niet afgerond, zegt de Rotterdamse politie.

In Hoek van Holland gonst het sindsdien van de geruchten. Het zou gaan om gefrustreerde Marokkanen, die wraak zouden hebben genomen omdat hun eerder de toegang was geweigerd. Ook wordt gesproken over afgunstige ondernemers uit Naaldwijk of het centrum van het dorp, die met lede ogen zouden moeten toezien dat hun omzet fors is gedaald. Hoofdbeheerder Iem Kap zegt slechts te kunnen gissen naar de oorzaak. „Ik weet het niet, ik hoor het vroeg of laat wel. Wat telt voor mij is dat twee van de drie getroffen zaken binnen twee weken weer overeind stonden. De schade is beperkt gebleven.”

Paddy Roomer constateert hetzelfde. Hij zit vandaag op het terras bij Kap. Af en toe organiseert Roomer bijeenkomsten in Beachclub Royal. Vorig jaar nodigde hij de Rotterdamse fractievoorzitters van PvdA, CDA en GroenLinks uit om „met uitzicht op zee” de coalitie weer vlot te trekken. In de kleine gemeenschap Hoek van Holland wordt gefluisterd dat Roomer onder één hoedje speelt met horecaondernemer Kap. Marcel Zumker („Ik sta achter Paddy”): „Paddy droeg vorig jaar bij het begin van het strandseizoen een T-shirt van Beachclub Royal”, vertelt hij. „Ik ben naar hem toe gegaan en heb gezegd: joh, doe dat nou niet, dat roept weerstand op. Als bestuurder moet hij onafhankelijk zijn en dat moet hij ook uitstralen.”

Dick Ruis werkte jarenlang als wijkagent in Hoek van Holland. Hij is nu met pensioen en constateert dat met name oudere bewoners van Hoek van Holland het gevoel hebben dat de ontwikkeling van het strand ten koste is gegaan van de rest van het dorp. „Jongeren kunnen nog altijd moeilijk een woning vinden en trekken weg.” De bevolkingsaanwas komt vooral voor rekening van nieuwkomers uit Rotterdam en dat zijn zelden of nooit de hogere klassen. Eerder het tegendeel, zegt fotograaf Peter de Krom. „Links en rechts zie je steeds meer probleemgezinnen.”

De Krom (28) is onlangs teruggekeerd in het dorp waar hij opgroeide. Hoek van Holland is niet meer het Hoek van Holland uit zijn jeugd, constateert hij een tikje weemoedig. „Ik wil het verleden niet romantiseren, maar dit dorp heeft geleden onder een enorme kaalslag. Hele rijen bomen zijn weggevaagd. En dat allemaal voor woningen die nooit zijn gebouwd en een weg die wel is aangelegd maar geen functie heeft omdat de woningen ontbreken.”

De Krom twijfelt. Zijn vorige maand opgeleverde arbeiderswoning is hij aan het opknappen. „Maar diep in mijn hart vraag ik me af: wat doe ik hier? Waarom zou ik hier blijven? In een dorp dat worstelt met een identiteitscrisis.”

Iem Kap daarentegen is tevreden. Hoek van Holland, nog niet zo lang geleden een armoedige badplaats onder de rook van Rotterdam, bruist weer. „Aan het strand hebben we voor elk wat wils. Bij Miljonairs kan je de dikke Dirk uithangen, in de Waterskihut kan de jeugd uit z’n dak. We hebben het hier goed voor elkaar.”