Burgemeesters zien gaten in Voetbalwet

Burgemeesters voorzien problemen in de uitvoering van de voetbalwet, waarmee ze relschoppers harder kunnen aanpakken. De wet wordt op 1 september van kracht, maar burgemeesters weten nog niet hoe ze bij risicowedstrijden notoire relschoppers een meldplicht kunnen opleggen.

Een politiebureau waar een relschopper zich moet melden, mag bijvoorbeeld niet ver van zijn woning afliggen. De openingstijden dienen niet voor hem te worden aangepast, en vermenging van de relschoppers met het publiek moet worden vermeden.

Zo staat het in een handleiding die het ministerie van Binnenlandse Zaken naar alle burgemeesters zal sturen over de Wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast (de ‘voetbalwet’). Er wordt uitgelegd dat bij een risicowedstrijd de burgemeester van de „ontvangende gemeente” een verzoek doet aan zijn collega an de „zendende gemeente” om een relschopper zich in zijn woonplaats te laten melden. Maar als supporters in vele gemeenten wonen, moet het verzoek wellicht aan veel meer burgemeesters worden gericht.

Burgemeester Wolfsen van Utrecht noemt de communicatie hierover „ingewikkeld”. Ferd Crone van Leeuwarden vreest dat de wet in het voordeel kan gaan werken van relschoppers. De wet zal zich „in de praktijk moeten zetten”, zegt een woordvoerder van het Nederlands Genootschap van Burgemeesters.

Meldplek: pagina 3