We leven nog

Wel eens iemand gesproken die een hekel heeft aan Feyenoord? Kan haast niet. Ajax wordt arrogant genoemd, PSV berekenend, ADO Den Haag een tikje ordinair. Elke club heeft wel wat, behalve Feyenoord. Eerlijkheid en hard werken, daar is niemand tegen. Iedereen hoopt dat de club er bovenop komt. Al weten weinigen waar ‘er’ voor staat: een roemrijk verleden, de tijd van zwart-wittelevisie en Coen Moulijn, de afgeladen Coolsingel na de 2-1 tegen Celtic. Sinds de invoering van kleur is het veelal smachten geweest, smijten met geld voor verkeerde spelers, een fatale cocktail van intriges, fraude, domheid en pech. Het mooiste stadion van Nederland als troost voor een wijk van armoe en verveling: het Rotterdamse verlangen naar succes is uitgegroeid tot een nationale obsessie. Hup Faaienoort!

Wat zaten we gisteravond dus te hopen dat het goed kwam. Uitschakeling door AA Gent zou desastreus zijn, heette het; winnen van levensbelang. Feyenoord moest en zou naar de Europa League. Want anders, ja, want anders. Nog even en Feyenoord wordt een gemiddelde eredivisieclub, onthulde Leo Beenhakker laatst in VI. Met de aandoenlijke openhartigheid waarop ze in Rotterdam een patent hebben, verwoordde de technisch directeur zijn nachtmerrie: de dag dat Feyenoord blij is met een plaats in het ‘linkerrijtje’. Het zou verschrikkelijk zijn. Voor de volksgezondheid ten zuiden van de Maas is topvoetbal noodzakelijk, maar er is geen geld. Integendeel, er is een schuld van 36 miljoen euro. Feyenoord, leek Beenhakker te suggereren, ploetert op weg naar de afgrond.

Omdat een ‘gokje’ uit 2007 verkeerd afliep (oude spelers tegen idiote salarissen naar de Kuip gelokt), trad Feyenoord gisteren aan met een nieuw gokje: een soort juniorenelftal. Het laatste wat de voormalige topclub nog heeft, jong, goedkoop talent, maakte er een fijne avond van. Trouwe fans op de tribunes en in huiskamers van Terneuzen tot Roodeschool, schreeuwden de tieners naar voren. Ze moesten scoren. Het laatste restje hoop moest overeind blijven. Winnen van Gent en dan Europees voetbal, centjes verdienen. Even niet letten op de vele lege stoeltjes, gevolg van een straf wegens supportersrellen. In godsnaam: geen rellen! De spelers moesten alles geven. De UEFA gunstig stemmen, investeerders paaien. Het goede voorbeeld geven: nóg minder verdienen en dan, beetje bij beetje, onder de curatele van de KNVB uitkomen. Het vertrouwen winnen van havenbaronnen. Kapitaaltje krijgen, er bovenop komen. Kleine kans, maar je kan nooit weten.

Eerst struikelde Leroy Fer en miste. Toen struikelde Fer opnieuw en scoorde. Heel Nederland veerde op. Met 1-0 in de zak naar Gent: jongens, we leven nog.