opinext@nrc.nl

Waarom lees ik niks over Baha’i in Iran?

Al sinds het eerste uur ben ik een ‘kritische maar vrolijke’ lezer van nrc.next (zoals Aaf in haar afscheidscolumn van 26 maart schreef). Maar de afgelopen dagen valt dat laatste mij zwaar. Dat komt door nieuws uit de Islamitische Republiek Iran, waar zeven vooraanstaande aanhangers van het bahá’í-geloof, elk tot twintig jaar cel zijn veroordeeld. In mijn geliefde krant las ik daarover niets.

Nu kunnen er vele redactionele overwegingen zijn om hierover niet te berichten. Maar telkens wanneer ik nu een witte plek in de (overigens smaakvolle) opmaak van mijn krant zie, zoals die naast een artikel in een serie over wereldverbeteraars, denk ik: daar had ook kunnen staan:

‘Nog voor de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Hilary Clinton dat deed, heeft minister Verhagen zich uitgesproken tegen de veroordeling van zeven leden van de Iraanse baha’i-gemeenschap. „Dat deze mensen veroordeeld lijken te zijn vanwege hun geloof is schokkend” aldus de minister. De zeven, Behrouz Tavakoli, Saeid Rezaie, Fariba Kamalabadi, Vahid Tizfahm, Jamaloddin Khanjani, Afif Naemi en Mahvash Sabet, zaten sinds mei 2008 gevangen. Beschuldigd van spionage en activiteiten tegen de nationale veiligheid zijn zij nu, na een proces achter gesloten deuren, veroordeeld tot elk 20 jaar cel.’

Zo’n kort berichtje is belangrijk omdat publiciteit bij schendingen van de mensenrechten vaak de enige verdediging vormt. En er is nog een tweede reden: de glimlach van de kleinzoon van oma Claudia De Breij wanneer hij in 2060 leest dat in onze tijd „het nieuws zo belangrijk was geworden dat het niet meer uitmaakte waar het over ging” (Zinpagina, 12 augustus).

Jelle de Vries

Rotterdam

Brieven en opiniestukken kun je sturen naar: opinext@nrc.nl