Creatieve vernietiging

Toen tien jaar geleden de dotcom-bubbel barstte, voorspelde Paul McCulley van PIMCO, het grootste obligatiehuis ter wereld, dat het Amerikaanse stelsel van centrale banken, de Federal Reserve (Fed), een speculatieve zeepbel op de huizenmarkt zou creëren om het Amerikaanse hedonisme gaande te houden.

Mede onder invloed van de – door de Fed fors verlaagde – rente verdubbelden de huizenprijzen in de tien grootste steden van de Verenigde Staten tussen 2001 en 2006. De stijging van de huizenprijzen en de lage rente leidden ertoe dat op grote schaal tweede hypotheken werden afgesloten. Alleen al in het jaar 2005 verzilverden Amerikanen 750 miljoen dollar van de overwaarde in de eigen woning (oftewel 6 procent van het bruto nationaal product), waarvan tweederde werd gebruikt voor persoonlijke consumptie en het opknappen van de eigen woning.

Vorige week kwam het Federal Open Market Committee van de Fed bijeen, dat het monetaire beleid voor de Verenigde Staten vaststelt. Op de financiële markten werd reikhalzend naar de bijeenkomst uitgekeken. Welk konijn zou centralebankpresident Ben Bernanke deze keer uit zijn hoed toveren om het wankele economische herstel te stutten? Anders dan tien jaar geleden kan Bernanke het officiële rentetarief, dat nu minder dan een kwart procent bedraagt, nauwelijks verder verlagen.

Na de val van de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers in september 2008 liet de Fed de geldpersen al volop draaien. Met de versgedrukte dollarbiljetten werden staatsobligaties en gebundelde hypotheekleningen aangekocht, de zogenoemde collateralized debt obligations (cdo’s), met het doel om de marktrente te verlagen en zo het kredietverkeer weer op gang te helpen.

Op Alphaville, het financiële -marktenblog van de Financial Times, vroeg men zich vorige week hardop af of de Fed deze keer niet gewoon aandelen (of beter nog: de hele aandelenmarkt) zou kunnen opkopen (en de facto een communistische heilstaat vestigen). Een hausse op de aandelenmarkt is in de jaren negentig immers een uiterst effectieve aanjager van de Amerikaanse economie gebleken.

Uiteindelijk heeft de Fed woensdag besloten om de rente op de eerder ingekochte staatsobligaties en andere schuldpapieren te herinvesteren in staatsobligaties (de wet staat rechtstreekse aankopen van aandelen door de Fed helemaal niet toe). Een maatregel van beperkte betekenis. De financiële markten vatten dit evenwel op als een teken dat het Amerikaanse stelsel van centrale banken ook dit keer weer alles uit de kast zou halen om de economie weer aan de praat te krijgen.

Er was één lid van het Federal Open Market Committee, president Hoenig van de centrale bank van Kansas, dat in scherpe bewoordingen het besluit van de meerderheid afwees. In een toespraak afgelopen vrijdag zei hij dat de Fed door meer geld in de economie te pompen het risico liep om opnieuw een boom-and-bust-cyclus in gang te zetten. Volgens Hoenig kan monetair beleid niet alle problemen oplossen waarvoor de Verenigde Staten zich gesteld zien. Er is nou eenmaal geen pijnloze manier om van een diepe recessie en torenhoge schuldenlast over te schakelen naar robuuste en duurzame economische groei.

Het probleem waar de economie mee kampt, is niet langer een tekortschietende vraag zoals dat eind 2008 en begin 2009 wel het geval was. De wereldeconomie groeit dit jaar naar verwachting met 4,6 procent. Waar het wel aan schort, is vraag naar Amerikaanse producten. Maar dat is een structureel probleem dat je niet kunt verhelpen met een simpele renteverlaging. Door telkens de geldpersen aan te zetten en over de structurele problemen heen te behangen, breng je de oplossing juist verder buiten bereik.

Consumentisme klinkt namelijk verdacht veel als ‘Komfortismus’, zoals Ian Buruma en Avishai Margalit het beschreven in hun fraaie boekje Occidentalism – The West in the Eyes of its Enemies (2004). Verslaafd aan comfort, zekerheid, geld en materie, en niet bereid om risico’s te nemen. Niet exact een ideale broedplaats voor de broodnodige innovatie. De kern van creatieve destructie is immers dat door schaarste creativiteit wordt aangeboord. Of zoals Simone de Beauvoir het ooit zei: kunst wordt geboren in tijden van crisis.

Bovendien gaat anders dan in het verleden een hoge werkloosheid (9,5 procent) deze keer samen met een relatief hoog percentage openstaande vacatures (2,5 procent). Als de relatie tussen werkloosheid en vacatures dezelfde was gebleven als die tussen 2000 en 2008 was, dan zou de werkloosheid gegeven het aantal vacatures nu 6,5 procent in plaats van 9,5 procent moeten bedragen. Er is kennelijk sprake van een mismatch tussen het werk dat wordt aangeboden en het werk dat wordt gezocht.

Maar tegen die mismatch kun je met monetair beleid weinig uitrichten. Met een lage rente kan de Fed misschien wel zodanige voorwaarden creëren dat een koekjesfabriek weer koekenbakkers in dienst wil nemen, maar de Fed kan er niet voor zorgen dat bouwvakkers die werkloos zijn geworden omdat de huizenmarkt is ingestort zich laten omscholen tot koekenbakkers.

Daarom is het een illusie te denken dat de Verenigde Staten de huidige crisis op een pijnloze manier te boven kunnen komen. Ik vind dat een zegen. Als de afgelopen tien jaar iets hebben aangetoond, dan is het wel dat er geen ontevredener burger is dan een gepamperde burger.

Dit is de laatste column van Heleen Mees in NRC Handelsblad.

Wilt u reageren? Dat kan via nrc.nl/mees

Rectificaties / gerectificeerd

Correcties & aanvullingen

In de column van Heleen Mees Creatieve vernietiging (20 augustus, pagina 7) staat dat in 2005 de Amerikanen voor 750 miljoen dollar de overwaarde van de eigen woning verzilverden. Dit moet zijn: voor 750 miljard dollar.