Zeven doden bij aanslag in Chinese Xinjiang

In de Chinese provincie Xinjiang, vorig jaar toneel van etnische onlusten, heeft zich volgens de autoriteiten vanmorgen een aanslag voorgedaan waarbij zeven mensen werden gedood en veertien gewond raakten.

De aanslag had plaats in de stad Aksu waar een driewielig voertuig explodeerde bij een brug. Het was vanmorgen nog onduidelijk welk materiaal de ontploffing had veroorzaakt. Volgens een lokale woordvoerder was een Oeigoerse man met een voertuig met explosieven een menigte in gereden. De man werd na de explosie gearresteerd. De autoriteiten verklaarden dat het incident als een „criminele zaak” wordt onderzocht.

In de Xinjiang, in het westen van het land, kwam het vorig jaar zomer tot etnisch geweld tussen Oeigoeren en de meerderheid van Han-Chinezen. Bij ongeregeIdheden in de hoofdstad Urumqi kwamen volgens de overheid 197 mensen om en vielen meer dan duizend gewonden. Enkele tientallen aanstichters van het geweld kregen de doodstraf.

Het etnische geweld brak uit op 5 juli toen enkele duizenden Oeigoeren demonstreerden. De uitbarsting volgde op jaren van oplopende spanningen met de Han-Chinezen die de afgelopen decennia met miljoenen naar Xinjiang zijn geëmigreerd. De islamitische Oeigoeren voelen zich door de komst van zoveel Chinezen bedreigd in hun bestaan. Mensenrechtenorganisaties als Amnesty International hebben de Chinese veiligheidstroepen ervan beschuldigd excessief geweld gebruikt tegen de Oeigoerse minderheid tijdens de rellen.

De gouverneur van Xinjiang, Nur Bekri, zei vanmorgen op een persconferentie dat de overheid in de provincie een strijd voert tegen „separatistische krachten”. De persconferentie had plaats voordat de berichten over de explosie in Akzu, 650 kilometer ten westen van Urumqi, wereldkundig werden. „Het incident van 5 juli was geen etnisch conflict, noch een religieus gerelateerde kwestie. Het was een ernstig geweldsincident, geleid door separatistische krachten van buiten”, zei hij.

De uitlatingen van Nur Bekri passen in de strategie van de Chinese autoriteiten om separatistische groepen in Xinjiang de schuld te geven van aanvallen op de politie over andere overheidsinstellingen.

Peking merkt daar vaak bij op dat deze groepen samenwerken met Al-Qaeda of Oeigoerse militanten die voor een onafhankelijke staat strijden, Oost-Turkestan.

De Chinese autoriteiten beschuldigden Oeigoerse organisaties in de VS en Duitsland er ook van de rellen van juli vorig jaar te hebben georganiseerd. Daarbij zou vooral het Wereld Oeigoers Congres van Rebiya Kadeer de regie hebben gehad. (BBC, Reuters, AP)