Laatste Amerikaanse gevechtsbrigade weg uit Irak

Ruim voor de deadline van 1 september heeft de laatste Amerikaanse gevechtsbrigade zich vannacht uit Irak teruggetrokken. Een lange rij pantservoertuigen van de 4de Stryker Brigade reed voor zonsopgang de grens met Koeweit over, onder gejuich van de manschappen. Amerikaanse en Britse troepen vielen in maart 2003 Irak binnen om het regime van Saddam Hussein omver te werpen. Sindsdien zijn 4.400 Amerikaanse militairen in Irak gesneuveld.

Amerikaanse woordvoerders onderstreepten dat formeel de gevechtsmissie op 1 september eindigt. De circa 50.000 Amerikaanse militairen die daarna achterblijven (tegen 170.000 op het hoogtepunt in 2007), hebben alleen tot taak Iraakse militairen te adviseren en te trainen. Volgens het troepenakkoord tussen beide landen zullen zij het land allemaal voor 1 januari 2012 moeten verlaten.

In grote delen van Irak verandeert er weinig door het vertrek van de gevechtseenheden. Alle gevechtstroepen trokken zich immers al meer dan een jaar geleden uit de steden terug. De verantwoordelijkheid voor grote en onveilige steden als Bagdad en Mosul kwam toen volledig in handen van de Iraakse veiligheidsdiensten.

De Iraakse legerchef, generaal Babaker Zebari, waarschuwde vorige week dat zijn troepen pas tegen 2020 in staat zullen zijn de veiligheid te handhaven in het hele land en dat de totale Amerikaanse terugtrekking per 1 januari 2012 dus voorbarig is. Demissionair premier Nouri al-Maliki zei meteen dat er geen sprake van uitstel kan zijn. Sommige analisten wijzen erop dat Zebari een Koerd is en dat de Koerdische minderheid een Amerikaanse militaire aanwezigheid wil behouden, in tegenstelling tot veel shi’ieten van wie Maliki een vertegenwoordiger is.

De laatste maanden neemt het geweld in Irak weer gestaag toe. In juli eiste geweld de levens van 396 burgers. Washington houdt echter vol dat de situatie onder controle is. (Reuters, AP, AFP)