De wolf is terug in het land van Roodkapje

In 1945 werd in Duitsland de laatste wolf afgeschoten.

Pas na de val van de Muur staken de gevreesde wolven weer vanuit Polen de grens over – nu als beschermd dier.

Er was eens – zo moet dit verhaal beginnen over het grenzenloze leven van een roofdier in Midden-Europa.

Er was eens een jonge wolf in het bos van Dolnoslaskie in West-Polen. Hij was op zoek naar een eigen territorium. Rond 1995 zwemt hij de Pools-Duitse grensrivier over, de Neisse. Wolven zijn uitstekende zwemmers, het kost hem geen enkele moeite. Hij komt in Duitsland in een gebied dat de Muskauer Heide heet; deels militair oefenterrein, deels land dat ooit is afgegraven voor bruinkoolwinning en nu als natuurgebied in ontwikkeling is.

Het is praktisch onbewoond, maar een wildernis is het niet. De Lausitz, zoals de streek heet waarvan de Muskauer Heide deel uitmaakt, is een typisch Duits cultuurlandschap met bos, akkerbouwpercelen, dorpen en hier en daar woeste grond. Aan de rand van de Muskauer Heide ligt het dorp Rietschen, waar je overdag de tanks van de Bundeswehr kunt horen schieten. Dat hoort de Poolse wolf ook, maar binnen enkele dagen deert hem dat niet meer.

Het bevalt de grensganger prima in Duitsland. Er zijn prooien genoeg: reeën, everzwijnen, hazen. Hij zou zich nu eigenlijk moeten voortplanten, maar een wolvin is er niet. Hij is de enige wolf in Duitsland. Maar Polen is dichtbij. Nachtenlang laat hij zijn kenmerkende gehuil horen en in 1998 krijgt hij gezelschap van een Poolse vrouwtjeswolf. In 2000 worden vier welpen op de Muskauer Heide geboren. De wolf uit Polen heeft z’n eigen roedel en dat blijft niet onopgemerkt. Snel weet iedereen het: de wolf is terug in Duitsland, het land van de gebroeders Grimm en het sprookje van Roodkapje.

„In de Lausitz zijn nu vijf roedels”, zegt Jana Schellenberg niet zonder trots. Ze beheert een documentatiecentrum in Rietschen dat zich bezighoudt met de wolven in deze streek. Een roedel (familie) bestaat uit vijf tot tien dieren; dat maakt in totaal vijfentwintig tot vijftig wolven, afhankelijk van het aantal welpen. Een van die wolven hopen we te zien, maar de kans daarop is klein. Een spoor zou al mooi zijn.

Al meer dan 150 jaar is canis lupus uitgeroeid in Duitsland. Hij heeft nog weleens geprobeerd de grens met Polen over te steken, maar dat liep steeds verkeerd af. De ‘Tijger van Sabrodt’ is de laatste wolf die voor 1945 in Duitsland is afgeschoten. Dat gebeurde in de Lausitz, vlakbij waar de wolf nu is teruggekeerd. In de DDR-tijd zorgden jagende grenswachten ervoor dat er geen wolven vanuit Polen westwaarts kwamen.

Na de val van het IJzeren Gordijn veranderde dat. Vanaf 1990 is de wolf in de Bondsrepubliek beschermd; vanaf 1998 in Polen. Wolven kennen geen grenzen en dus konden ze uiteindelijk ongehinderd Duitsland intrekken. Duitse wolven zijn Poolse wolven of directe afstammelingen daarvan.

De wolf is in Duitsland lang gehaat en vervolgd. Roodkapje en de mythe van de mensenetende wolf hebben hieraan bijgedragen. Ook anno 2010 is de aanwezigheid van wolven in Duitsland niet onproblematisch. „Het is voor het eerst sinds anderhalve eeuw dat we proberen met een groot roofdier samen te leven, en historisch gezien het meest controversiële”, zegt wolvengids Stephan Kaasche. „Dat levert spanningen op met de bevolking en met jagers en veehouders.” Hij en zijn collega Jana Schellenberg proberen de angsten en de vooroordelen jegens de wolf weg te nemen. De mens heeft van de wolf niets te vrezen.

En zo gaan we onbevreesd op zoek naar een wolf. Van Rietschen naar Steinbach aan de grens met Polen, langs een gemarkeerde wolvenroute. Hier, in een landschap van bossen, meren en open veld is de wolf van de Muskauer Heide voor het eerst gesignaleerd. We dwalen over wild- en wandelpaden. Een zeearend boven een stil meer doet alsof hij de hoofdfiguur van dit verhaal is. We horen de koekoek en de karekiet. We zien kikkers en kraanvogels, maar geen wolf of wolvenspoor. ’s Nachts in pension Forsthaus, aan de rand van het bos, openen we de ramen en hopen op wolvengehuil. De dennentoppen ruisen; dat is alles.

Met wolvengids Kaasche hebben we later meer geluk. Na uren lopen in de grensstreek rond de Muskauer Heide vinden we wolvenuitwerpselen. Licht van kleur, harig en met de botten en kiezen van opgegeten prooidieren erin. Kaasche vindt bovendien een vers wolvenspoor. Een pootafdruk van bijna tien centimeter. „Een flink dier.”

De zon daalt, het begint avond te worden. Wolventijd. De vraag is: wil je hier nu alleen zijn? „In Polen vragen de mensen zich dat niet af”, zegt Kaasche. „Daar is de acceptatie groter. Daar hoort de wolf er gewoon bij.”

Poolse wolven in Duitsland: het is een verrassend maar vooralsnog onzeker verhaal. Als in Rietschen schapen zijn gedood, verschijnen bloeddorstige artikelen in de sensatiepers. „De sfeer, die nu nog afwachtend is, kan door incidenten snel omslaan”, beaamt Kaasche. Anderzijds: de wolven breiden zich over het land uit. In Hessen, vierhonderd kilometer westelijker, is een eenzame wolf gesignaleerd waarvan excrementenanalyse aantoonde dat hij uit een West-Poolse of Oost-Duitse roedel stamt.

Van Polen naar de Lausitz en vandaar naar het Reinhardswald in Hessen. Zo is de wolf – grensverleggend.

Dit is de tweede aflevering van een serie waarin onze correspondenten schrijven over echte of fictieve grenzen van hun land.