De gevallen koning van BP is pas aan het eind kritisch over de oliesector

Auteur:John BrowneTitel: Beyond business; An inspirational memoir from a visionary leader. Uitgever: Weidenfeld & Nicholson. ISBN: 978 0 297 85915 4. 310 blz., € 24,99

Hij groeide uit tot een van de machtigste mannen in de olie-industrie. Maar aan zijn glansrijke carrière kwam in 2007 abrupt een einde toen bekend werd dat hij homoseksueel was en had gelogen over een vroegere affaire met een jonge Canadees.

John Browne (1948), die van 1995 tot 2007 topman was van de Britse oliemaatschappij BP, kijkt in zijn boek Beyond business openhartig terug op zijn leven in de olie-industrie, en op de dramatische ontknoping daarvan. Behalve het uitlekken van zijn homoseksualiteit kreeg hij te maken met twee rampen – een explosie bij een raffinaderij in Texas waarbij vijftien mensen om het leven kwamen, en een grote olielekkage in Alaska. De door Browne zorgvuldig opgebouwde reputatie van BP lag aan diggelen.

Toen het boek werd gepubliceerd, afgelopen februari, kon Browne niet bevroeden dat BP twee maanden later nog een klap zou krijgen. Een olieput in de Golf van Mexico ontplofte en leidde tot tot de grootste olieramp uit de Amerikaanse geschiedenis.

Browne schrijft dat de liefde voor de olie-industrie bij hem op tienjarige leeftijd ontkiemt, als het gezin in Iran woont. Zijn vader, die ook in de industrie werkt, neemt hem mee naar een olieput die in brand staat. Het betovert hem.

Na een studie natuurkunde komt hij in 1969 terecht bij BP, waar hij zich opwerkt tot hoofd van exploratie en productie, en later tot topman van het bedrijf. Browne schrijft vooral over de latere fase van zijn carrière. Hij doet uit de doeken hoe hij BP laat uitgroeien tot een wereldspeler via een serie indrukwekkende overnames, onder andere van het Amerikaanse oliebedrijf Amoco – het is op dat moment wereldwijd de grootste industriële overname ooit. In 2005 is er even sprake van een fusie met het Brits-Nederlandse Shell. Maar die ketst af.

Browne beschrijft hoe hij deals maakt met machtige, maar vaak ook corrupte regeringsleiders. Hij voert de lezer mee naar het door oorlog verscheurde Colombia, naar discutabele Russische oligarchen en naar de tent van de Libische leider Gadaffi. Hij geeft mooie details. Als hij in 2003 de doodzieke president Heydar Aliyev van Azerbajdzjan bezoekt, ziet hij dat de vermagerde man geschminkt is, maar dat daarbij de oren zijn vergeten.

Browne schrijft over zijn strategieën om concessies los te krijgen voor BP, desnoods via de inzet van Britse politici zoals Tony Blair en Margaret Thatcher. Het hoort er allemaal bij in deze industrie, die als weinig andere verstrengeld is met politieke belangen. Veel twijfel hierover is er bij Browne niet. De olie moet nou eenmaal gewonnen worden, want de wereld hongert ernaar. Pas aan het eind van zijn boek, als het over de aanpak van klimaatopwarming gaat, klinkt iets van kritiek door op zijn eigen sector. Hij pleit voor duurzame energie, wetende dat de gevestigde industrie de opmars ervan zal proberen te frustreren.

Browne is soms inconsequent. Of is het hooghartig? Dat BP hooggeplaatste Britse politici inzet om concessies los te krijgen, lijkt hem niet te storen. Maar als de overheid omgekeerd een beroep doet op BP, bijvoorbeeld in geval van de overdracht van Hongkong aan China, merkt hij geërgerd op dat BP wordt gebruikt als een „politieke voetbal”.

Bescheiden is Browne niet. Hij is volgens eigen zeggen degene die de aanzet geeft tot het opzetten van een internationaal systeem om geldstromen van oliebedrijven naar overheden transparanter te maken. Hij zou ook de eerste in de olie-industrie zijn die de klimaatopwarming aankaart, en duidelijk maakt dat de sector met duurzame oplossingen moet komen. Hij noemt zich in de ondertitel van zijn boek niet voor niets een visionair leider.

Het siert Browne dat hij aan het eind toegeeft dat hij te lang is aangebleven als topman. Hij bekent dat hij te zeer was geobsedeerd door BP, en de uitdagingen voor het bedrijf.

Over zijn seksuele geaardheid schrijft hij dat hij die altijd geheim heeft proberen te houden. Browne groeide op in een periode dat homoseksualiteit nog werd gezien als illegaal. Hij was bang dat het zijn carrière zou kosten, als het bekend werd. Dat deed het uiteindelijk ook.