Potasfusie moet Russisch blijven

Er zijn veel goede redenen waarom de mondiale kunstmestindustrie zou moeten consolideren. Maar de manier waarop twee grote Russische potasproducenten op een waarschijnlijke fusie aansturen, laat zien waarom buitenlandse beleggers zich verre moeten houden van Russische fusies en overnames.

Suleiman Kerimov, een geheimzinnige oligarch die erom bekendstaat dat hij dikwijls het vuile werk voor het Kremlin opknapt, is bezig het samengaan te bewerkstelligen van Uralkali, een potasproducent die hij in handen heeft, en de lokale concurrent Silvinit, waarin hij eveneens een aanzienlijk belang bezit.

Er is geen twijfel aan dat de fusie industrieel gezien verstandig is. Rusland beheerst samen met zijn vroegere satellietstaat Wit-Rusland een derde van de wereldwijde potasproductie. Potas is een belangrijke chemische component van kunstmest. De bedrijfstak herstelt zich van de recessie van 2009 en zal een impuls krijgen door de slechte oogsten van dit jaar, omdat boeren kunstmest gebruiken ter compensatie van het slechte weer.

Ironisch genoeg zal het ontstaan van een concern met een grotere macht om de prijzen vast te stellen gunstig zijn voor de export, zodat Rusland voor een deel de tarwetekorten kan goedmaken die zijn ontstaan door de droogte van deze zomer.

Maar een blik op de methoden van Kerimov volstaat om te begrijpen waarom buitenlandse beleggers zich beter afzijdig kunnen houden. Kerimov heeft eerst twee maanden geleden de zeggenschap over Uralkali naar zich toe getrokken door samen met een paar vrienden een controlerend belang van 53 procent te verwerven. Maar hij heeft zelf slechts 25 procent gekocht, zodat hij niet verplicht was een formeel bod op het hele bedrijf uit te brengen. De aandelenkoers van Uralkali, dat ook een beursnotering in Londen heeft, kwam als gevolg van de transactie nauwelijks in beweging.

Het belang in Silvinit maakte deel uit van deze deal. Kerimov heeft ontkend dat hij probeerde zijn belang in Silvinit uit te breiden. Maar deze week heeft dat bedrijf gezegd dat 44 procent van de aandelen was overgenomen door twee mysterieuze fondsen. Toevallig werden beide fondsen geleid door kennissen van Kerimov.

De voorgenomen overeenkomst kent ook nog andere merkwaardigheden. Silvinit heeft een omzet die net zo groot is als die van Uralkali, en is aanzienlijk winstgevender, met operationele marges van meer dan 50 procent, tegen 40 procent bij zijn concurrent. Maar de marktwaarde van Uralkali bedraagt 10 miljard dollar en die van Silvinit slechts 6 miljard dollar. Waarom de ene potasproducent wordt verhandeld op veertien maal de verwachte winst over 2011 en de andere slechts op acht maal de winst, kan niet worden verklaard door de gebruikelijke marktlogica. De reden voor het verschil is waarschijnlijk ook de reden dat de fusie een strikt Russische aangelegenheid moet blijven.