Korting voelt als een overval

De berichten van het pensioenfonds waren „altijd positief”. Nu moeten de notarissen toch vrezen voor hun uitkeringen.

Hebben de notarissen het zien aankomen? Peter Kooijman (40) van familiebedrijf Kooijman Lambert Notarissen wist dat het pensioenfonds van zijn beroepsgroep er niet goed voorstond. In zijn kantoor in Rotterdam vertelt hij deze maanden vaak bericht te hebben ontvangen van zijn fonds. „Volgens het laatste bericht was de dekkingsgraad 90 procent.”

Maar op basis van soortgelijke berichten heeft notaris Hans Borren aan de Keizersgracht in Amsterdam geconcludeerd dat hij zich geen zorgen hoefde te maken. Hij leest voor uit een brief van maart dit jaar, van de Stichting Notarieel Pensioenfonds. „Voorts kan worden geconstateerd dat de dekkingsgraad zich gunstig ontwikkelt: de dekkingsgraad bedroeg eind 2009 circa 96 procent.” Een „significante stijging” ten opzichte van eerdere, slechtere jaren: „Hier staat nog dat alles goed gaat, ik kan het niet anders lezen.”

Veel pensioenfondsen zitten in de problemen. Gisteren kondigde minister van Sociale Zaken Donner (CDA) aan dat de financiële situatie van veertien fondsen zó slecht is dat er gekort zal moeten worden op de uitkeringen. Welke fondsen moeten korten, werd niet bekendgemaakt. Het notarieel pensioenfonds is er hoogstwaarschijnlijk één van. Het heeft nog geen bericht gekregen van DNB, zegt directeur Max Muntinga van de uitvoeringsorganisatie van het notarieel pensioenfonds. „Ik weet evenveel als u. Dus voorlopig gaan we er vanuit dat wij er niet onder vallen.”

Ook apothekers en vleeswarenfabrikanten zouden worden gedupeerd. Apotheker Antoon Pelzers (55), eigenaar van de Hofstad Apotheek in Den Haag, zegt dat de berichten van zijn pensioenfonds tot nu toe „altijd positief waren”.

In de ontvangstkamer van hun kantoor aan de Keizersgracht bespreekt Borren de ontwikkelingen met zijn kantoorgenoot Maarten Meijer. Die weet „minder van pensioenen dan Hans”, maar begrijpt goed dat bij een lagere dekkingsgraad een lagere uitkering dreigt.

Borren heeft zijn vrouw „nog niet huilend aan de lijn gehad”, maar, zo vult zijn kantoorgenoot hem aan: „Het is wel zorgelijk.”

Vervolg Notaris: pagina 11

Niet iedereen ligt wakker van procentje

Notaris Maarten Meijer: „Hans, jij bent financieel goed. Als we nu straks de brief krijgen waarin dit wordt aangekondigd, moet je een duidelijk briefje terugschrijven waarin je je zorg kenbaar maakt en waarin je je tegelijkertijd bereid verklaart mee te denken aan een oplossing.” Tegen het bezoek: „Je moet altijd constructief blijven.”

Ook Borren vindt dat, maar: „Je hebt geen invloed op de AEX- index, noch op de levensverwachting, noch op de rente. Het is ook hopen dat het overwaait.”

Voor deze beide deelnemers aan het fonds werkt de tijd ‘in ons voordeel’. Meijer is 53, Borren 51: de pensioenleeftijd is „nog ver weg”. Wel betalen ze ieder jaar meer premie: die is anders dan voorheen aan leeftijd gebonden en niet langer aan inkomen. Ze vertellen over de gunstige voorzieningen van dit fonds, „die de dekkingsgraad natuurlijk óók beïnvloeden”. Ze sommen op: wie arbeidsongeschikt raakt , krijgt, ongeacht zijn leeftijd, hetzelfde uitgekeerd als wat op het vijfenzestigste levensjaar uitgekeerd zou worden. Hetzelfde geldt voor de weduwe, ingeval van overlijden. En voor de wezen. Allemaal „riante uitkeringen, die een behoorlijke aanslag op de kas doen”. Maar, stelt Meijer nadrukkelijk: „Het solidariteitsbeginsel moet gehandhaafd blijven. Dat moet gewoon, binnen een beroepsgroep.”

Even nadrukkelijk zeggen beide notarissen niet namens die beroepsgroep spreken als ze bekennen „niet wakker te liggen van een procentje meer of minder”. Maar, zegt Meijer weer: „We moeten nog afwachten of we de pineut zijn.” Helemaal niet, werpt Borren tegen: „We zijn de pineut , de vraag is alleen voor hoeveel.” Meijer: „Ach ja, natuurlijk.”

Is dit niet een nieuwe slag voor de notarissen? Eerst was er het vrijgeven van de tarieven, waardoor inkomsten onzeker werden. En toen kwam de recessie waadoor de onroerend goedtransacties terugliepen? Borren: „Onze omzet is ten opzichte van 2007 met twintig procent gedaald. Dat valt dus mee. We hebben altijd veertig procent ‘rechtspersonen’ gedaan, dus stichtingen en bv's en dergelijke, veertig procent onroerend goed en twintig procent familiezaken. In de laatste categorie zijn de prijzen door het loslaten van de tarieven gestegen.” Wat kost een eenvoudig testament? Vijf- à zeshonderd euro, zegt Meijer. Hij concludeert tevreden: „Gelukkig hebben wij niet al onze eieren in één mandje.”

De Rotterdamse notaris Kooijman is minder optimistisch. Er zijn steeds minder notarissen, zegt hij. Het pensioenfonds moest veel uitkeren, terwijl de inkomsten afnamen. Toen kwam de kredietcrisis. „Ze zijn op het slechtste moment uit de beleggingsmarkt gestapt”, zegt Kooijman. „En nu het weer wat beter gaat, durven ze geen risico meer te nemen.”

De pensioenuitkeringen binnen het notariaat zijn traditioneel laag, vertelt Peter Kooijman. „Van notarissen wordt verwacht dat zij zelf het nodige doen om het inkomen dat zij gewend zijn te kunnen handhaven. Door te beleggen, en zo.” Maar binnen de beroepsgroep is niet iedereen daar in geslaagd.

Over zijn eigen situatie maakt Peter Kooijman zich geen zorgen. Zijn bedrijf is een familiebedrijf. Zijn vader Jan Kooijman ging onlangs met pensioen. „Bij mij is het er goed ingeprent dat je zelf wat opzij moet leggen als je later wat wil overhouden.”

Apotheker Pelzers vindt de mate waarin apothekers worden getroffen disproportioneel. Hij rekende voor zijn oude dag op de opbrengst van zijn zaak. „Op dit moment zijn niet veel mensen te verleiden tot zo’n aankoop. De zaak levert waarschijnlijk minder op dan waar ik op had gerekend. Met een kleiner pensioen wordt het dan wel aan de magere kant.”

Met medewerking van Erik Bloem