Korpschef Welten botst met buitenlands beleid

Is het uit tussen Suriname en Nederland? De samenwerking tussen politieorganisaties loopt af, maar dat wijst niet per se op een totale breuk.

De samenwerking tussen de Nederlandse en Surinaamse politie heeft twee gezichten: een formeel en een praktisch. Volgens de Amsterdamse commissaris Bernard Welten, in de Raad van Korpschefs de verantwoordelijke man, is die samenwerking in de praktijk al enige tijd geleden stopgezet. Buitenlandse Zaken in Den Haag, een belangrijk financier, weet formeel van niets. Het wacht af zolang onduidelijk is wat de gevolgen zijn van de verkiezing van Desi Bouterse tot president van Suriname. Het is bovendien aan een nieuw kabinet om stappen te zetten. Justitie en Binnenlandse Zaken volgen die lijn.

Daarom reageerde minister Hirsch Ballin (Justitie en Binnenlandse Zaken, CDA) gisteren zo fel op de uitlatingen van Welten. Het is, zei de minister, aan de regering en niet aan de politie om ontwikkelingssamenwerking al dan niet te staken. En Hirsch Ballin is dat voorlopig niet van plan. Hij overlegt eerst met de Raad voor de Rechtspraak, het College van Procureurs-Generaal en de Raad van Korpschefs. Dat moet leiden tot criteria om de Surinaamse plannen en daden voor politie en justitie te beoordelen. Pas dan kan een besluit vallen over de toekomst van de politiesamenwerking.

De ontwikkelingssamenwerking met Suriname wordt vanaf volgend jaar op een andere leest geschoeid. Toen het land in 1975 zelfstandig werd, zegde Nederland 4 miljard euro aan ontwikkelingshulp toe, voor de ontwikkeling tot zelfstandige staat. Daarbij ging het om projecten op het gebied van gezondheidszorg, huisvesting, landbouw, rechtsbescherming en veiligheid. De afspraken daarvoor waren gemaakt tussen beider overheden. Vijf jaar geleden besloten Nederland en Suriname dit type hulp in 2010 te vervangen door een zogeheten ‘twinning-faciliteit’. Projecten zouden worden opgezet door door maatschappelijke instellingen, en de overheid zou alleen nog hen voor wat financiering zorgen. Een proefproject met twinning loopt al; voor de periode 2008-2011 is er 12 miljoen euro voor beschikbaar.

In het kader van de ‘oude afspraken’ resteert voor de politiesamenwerking nog 3 miljoen euro. Daarna is het geld op. De vraag is nu niet alleen of er nog verder wordt samengewerkt met de politie in Suriname, maar, zo ja, ook hoe die te betalen. Dezelfde vraag rijst als het gaat om samenwerking in onderwijs, huisvesting en landbouw.

Volgende week neemt ook Amsterdam een besluit over de projecten die de gemeente in Suriname heeft lopen. Burgemeester Eberhard van der Laan steunt, als korpsbeheerder, het besluit van Welten om de politiesamenwerking te stoppen. Die samenwerking drukte vooral op het Amsterdamse korps.

Ook Suriname bepaalt nog een standpunt. Een totale breuk met Nederland ligt niet voor de hand. Het is namelijk eerder de relatie tussen Paramaribo en Den Haag die bekoeld is. Harvey Naarendorp, stafchef van Bouterse, zei het al: „Hoe meer Nederlandse zakenmannen hier komen en hoe minder ambtenaren uit Nederland, hoe beter de relatie zal worden.”

Commentaar: pagina 7