Een straatcoach is geen vriend

De Amsterdamse wijk Slotervaart weerspiegelt de culturele verschillen van het moderne Nederland. Twee keer per week bericht deze krant over het gewone leven in de wijk. Vandaag: de straatcoach.

Aanbesteding Leeuwarden. Credit: Babette Kouwenhoven

Hangjongeren vinden het leuk om een beetje te intimideren. Maar aan één ding hebben ze enorm de pest: zelf lastiggevallen worden.

En dat is dus hoe de hinderlijke, overlastgevende en criminele jongerengroepen in Amsterdam Slotervaart worden aangepakt. Mourad Taimounti (29) is gekleed in een nette broek, een spierwit overhemd, een bruine stropdas met een dubbele windsor. Hij draagt een bril met zwart montuur. Hij is een van de mannen achter de Aanpak Overlast Amsterdam.

Die aanpak is eenvoudig, maar arbeidsintensief: zorg voor goed opgeleide straatcoaches die goed herkenbaar zijn. In Slotervaart dragen ze een zwarte combatbroek, een lichtblauw poloshirt en een zwartgrijs jack met het logo van de straatcoach erop. Als er geen melding van overlast is, ziet de burger dat ze er zijn. Van de acht uur dat ze per dag werken, zijn ze zeveneneenhalf uur op straat, zegt Taimounti. Het geeft burgers een gevoel van veiligheid. Als er wel een melding is van overlast, kunnen ze er direct op af. Lopend of op de fiets. Bijkomend voordeel: de politiemensen kunnen hun tijd gebruiken voor zwaardere delicten.

In de meldkamer bewegen twee poppetjes over het scherm. Dat zijn twee straatcoaches – die altijd in koppels opereren. Inmiddels zijn er in heel Amsterdam elke dag 21 koppels op straat, in totaal zijn 100 straatcoaches in dienst. Bij een melding kijkt de meldkamer wie het dichtst in de buurt is. Die krijgt de opdracht.

De straatcoaches spreken de jongeren aan op hun gedrag. Ze kennen hun taal. Ze vragen hun zich te verwijderen van de plek waar ze overlast veroorzaken. Blijven desnoods staan tot de jongens afdruipen. En doen dat de volgende keer weer. En weer. Ze gebruiken de tactiek van de jongens zelf: ze zijn confronterend aanwezig. Zo wordt het rotzooi schoppen een stuk minder aangenaam.

De straatcoaches hoeven geen relatie met de jongens op te bouwen zoals jongerenwerkers. Ze hoeven geen vrienden te worden. Wangedrag heeft consequenties. Als het niet stopt, belt een straatcoach de politie.

De aanpak met straatcoaches heeft effect en wordt inmiddels door andere gemeenten gekopieerd. Slotervaart was enkele jaren geleden nog berucht wegens de vele overlastgevende en criminele groepen jongeren. In het burgerjaarverslag van 2004 stonden er nog negen groepen vermeld. Een aantal groepen bestonden uit Marokkaans-Nederlandse jongeren, andere waren gemengd of juist helemaal wit. Van de negen groepen zijn er nu acht verdwenen.

Maar er is nog iets anders, iets wat wel wordt vergeten door gemeenten die het concept van de straatcoaches willen kopiëren, zegt Mourad Taimounti. „Alleen wegjagen heeft geen zin. Dat is een paracetamolletje. Je moet de verantwoordelijkheid neerleggen waar die hoort: bij de ouders.” In Slotervaart stappen gezinsbezoekers vervolgens naar de ouders. Altijd. Meteen de volgende dag, hooguit twee dagen later. Om eens achter de voordeur te kijken. Om de ouders te helpen de macht terug te krijgen. En als ouders niet willen? Dan moeten ze toch.