Merkel gaat hard op zoek naar energie

Bondskanselier Merkel gaat op ‘energiereis’. Ze zoekt vervangers van kernenergie – of aanvaardbare redenen om Duitse kerncentrales langer open te houden.

Duitsland gaat met zijn energievoorziening een paar onzekere jaren tegemoet. De Duitse kerncentrales moeten wettelijk binnen elf jaar allemaal sluiten. Alternatieven zijn er nog niet. Bondskanselier Angela Merkel wil zich, alvorens haar regering volgende maand een nieuw nationaal energiebeleid presenteert, zo breed mogelijk laten informeren over wind- en waterenergie, kern- en kolencentrales en over de vele mogelijkheden van energiebesparing.

Merkel gaat daartoe morgen en overmorgen en volgende week donderdag en vrijdag op reis in eigen land. Haar ‘energiereis’ voert haar door diverse deelstaten. Maar overal waar ze komt zal ze direct of indirect worden geconfronteerd met die ene harde waarheid: nog niet één energiedrager kan de straks wegvallende Duitse kernenergie vervangen.

Als voorschot op haar reis hebben de chefs van vier grote energiebedrijven langere looptijden voor hun kerncentrales geëist. De bestuursvoorzitters van E.on, RWE, Vattenfall en EnBW hebben in ondubbelzinnige bewoordingen laten weten ervan overtuigd te zijn dat Duitsland de kernenergie langer nodig heeft. „Dat dient de belangen van de klanten, het klimaat en de Duitse economie”, aldus E.on-bestuurder Johannes Teyssen.

Tijdens de rood-groene coalitie van Merkels voorganger Gerhard Schröder is wetgeving tot stand gekomen die bepaalt dat in Duitsland geen nieuwe kerncentrales mogen worden gebouwd en dat de bestaande kerncentrales geleidelijk, dat wil zeggen tot en met 2021, zullen worden gesloten. In Duitsland staat dit proces algemeen bekend als de Atomausstieg.

Het land heeft zeventien commercieel geëxploiteerde kerncentrales. In het (primaire) Duitse energieverbruik komt kernenergie met een aandeel van circa 12,5 procent op de vierde plaats; na olie, aardgas en steen- en bruinkool. Kernenergie is politiek en maatschappelijk omstreden wegens de opslag van nucleair afval. In Duitsland gebeurt dit voornamelijk in voormalige (zout)mijnen. In een mijn bij Braunschweig (Asse) zijn ijzeren vaten met kernafval gaan roesten en lekken. Ze moeten nu worden opgeruimd, een operatie die miljarden kost en niet vrij is van risico’s.

In het regeerakkoord van Merkels coalitie van christen-democraten en liberalen staat dat kernenergie „een overbruggingstechnologie” is, die gebruikt moet worden „totdat ze door technologieën voor duurzame energie betrouwbaar kan worden vervangen”. In deze paragraaf ligt de politiek uiterst gevoelige vraag besloten of de Duitse kerncentrales langer moeten openblijven dan 2021. En zo ja, hoeveel jaar dan nog? En moet Duitsland misschien toch nieuwe kerncentrales bouwen?

De bestuursvoorzitters van de energieconcerns die Merkel nu onder druk proberen te zetten, wijzen erop dat alle grote industrielanden van de wereld hun kaarten op kernenergie zetten. „Amerika, Japan, China of India: overal worden nieuwe kerncentrales gebouwd. Ook Duitsland heeft deze betrouwbare, klimaatvriendelijke en prijsdempende vorm van energie nodig”, meent Jürgen Grossmann, bestuursvoorzitter van RWE.

De Duitse energiebedrijven hebben zich destijds akkoord verklaard met de Atomausstieg. Hoe zit dat dan? Hans-Peter Villis van energiebedrijf EnBW zei gisteren in een interview: „Sinds besloten is dat de kerncentrales hier geleidelijk zullen sluiten, is de wereld veranderd. De economie is gegroeid, het energieverbruik is dramatisch gestegen. De olieprijzen liggen op een hoger niveau. Ook de klimaatverandering heeft nu een heel andere dimensie dan toen de wetgeving tot stand kwam. Kernenergie kan er beslissend toe bijdragen dat Duitsland zijn klimaatdoelen haalt”.

Bondskanselier Merkel, afgestudeerd en gepromoveerd in de natuur- en scheikunde, is geen tegenstander van kernenergie. Maar ze kent de maatschappelijke en politieke weerstanden. Ook in haar eigen partij, de CDU, zijn veel tegenstanders van kernenergie te vinden. Toen er gisteren op een persconferentie lastige vragen werden gesteld over haar aanstaande energiereis en haar bezoek aan de kerncentrale in Lingen (Emsland, Nedersaksen), zei haar woordvoerder snel: „Voor de bondskanselier is het opperste gebod bij kernenergie natuurlijk de veiligheid”.

De afgelopen jaren zijn vooral de nucleaire opslagplaatsen Gorleben en Asse ongunstig in het nieuws gekomen. Het aantal bekende incidenten in Duitse kerncentrales was sinds 2007 laag. Maar toen was het wel raak: in juli en augustus van dat jaar vielen min of meer tegelijkertijd de kerncentrales bij Krümmel en Brunsbüttel, beide aan de Elbe, door branden uit. Dat was een enorme publicitaire tegenslag voor de exploitant, het van oorsprong Zweedse concern Vattenfall. De toenmalige voorzitter van de raad van bestuur moest uiteindelijk opstappen. Beide incidenten maakten weer eens duidelijk dat – als er ongelukken in kerncentrales gebeuren – de publieke opinie zich massaal tegen deze vorm van energievoorziening en de uitbaters ervan keert.

Merkel liet gisteren gepikeerd weten niet gecharmeerd te zijn van het publiciteitsoffensief van de vier energiebedrijven. Over de druk die zij op de regering uitoefenen ter verlenging van de looptijd van hun centrales, zegt haar woordvoerder: „Er zijn gesprekken gaande, Dan is het niet behulpzaam als dit soort dreigende geluiden naar buiten komen”. Hij wijst er met klem op dat Merkels kabinet zich nog niet op verlenging heeft vastgelegd. De bondskanselier, blijkt uit zijn woorden, wil juist haar energiereis gebruiken om zich daarover een oordeel te vormen.

Het ontwerp van een nieuw nationaal energiebeleid wordt voor Merkel een harde noot. De kranten en tv-journaals zullen haar deze en volgende week vooral glimlachend laten zien bij windmolens en bio-energiecentrales. Maar voor de bondskanselier heet het echte vraagstuk kernenergie: hoe houden we zoveel mogelijk atoomcentrales open bij zo min mogelijk onrust?