Een baby begraven onder de trailer

Dans 32 rue Vandenbranden door Peeping Tom. Gezien: 13/8 Boulevard Festival, Den Bosch. ****

32 rue Vandenbranden (2009) van het Brusselse gezelschap Peeping Tom begint goed: met een babymoord. De vrouw die het kind onder haar trailerwoning begraaft, draagt een volgend potentieel slachtoffertje in haar buik. Aan de overkant, in een andere stacaravan, wisselen hartstocht en mishandeling elkaar af en vinden twee immigranten een schamel onderkomen.

Gezellig is het niet aan rue Vandenbranden. Het achterdoek met besneeuwde bergtoppen laat de vraag open waar dit oord is gesitueerd – in een dunbevolkt berglandschap? Of een aso-containerdorp aan de rand van een stad?

In elk geval wil het gemeenschapje geen aansluiting met de „beschaafde” wereld, een idee dat het regisseurs-choreografenduo Franck Chatrier en Gabriella Garrizo ontleende aan de film The Ballad of Narayama van Shohei Imamura. Het zwangere hoertje (Marie Gyselbrecht) ontvangt haar pas gearriveerde buitenlandse klant. Haar hospita (zangeres Eurudike De Beul) koestert als een moederdier haar commensaal aan de borst en zingt even makkelijk Bellini als Pink Floyd. De onderdrukte vrouw (Sabine Molenaar – een revelatie) is zo murw geworden, dat haar lichaam in de meest bizarre knopen kan worden gezet. De twee ontheemde Aziaten (Seoljin Kim en Hun-Mok Jun) zoeken met pantomime, zelfbevlekking, acrobatiek en karaoke naar liefde.

Anders dan in de trilogie Le Jardin/Le Salon/Le Sous-Sol van Peeping Tom, waarin drie generaties van een familie werden geschilderd, zijn de zes personages in 32 rue Vandenbranden vreemden voor elkaar. Daar verandert in 80 minuten niets aan, ondanks pogingen tot toenadering en een enkele dolle groepsontmoeting tussen hun trailers. Telkens als een gevoel van saamhorigheid het groepje dreigt te bevangen, maken angst en achterdocht daar korte metten mee. „Meisjes, naar binnen!” roept macho Jos Baker dan, ingespannen turend richting publiek.

Soms steekt er onverhoeds een ijzige storm op of dreunt en trilt het plotseling. Maar of dit verbeelding van de personages is of werkelijkheid, laten Chatrier en Garizzo aan de toeschouwer over. In filmische beelden, meestal traag en verstild, dan weer vol dynamiek, schetsen zij een wereld van verloren zielen, misfits en uitgestotenen. Ook al versmelten de trucs en acrobatische kunsten niet steeds even organisch in de handeling, ze scheppen wel lucht in deze schets van een bestaan aan de rafelranden van het leven. 32 rue Vandenbranden wekt huiver, verwondering en mededogen.