Bijen op het dak

Bijen houden is niet langer illegaal in New York.

Nu blijken ze zelfs een belangrijke rol te spelen in de vergroeningsplannen van de stad.

Zelf honing maken? Dat doet Susan Nicholson op het dakterras van haar royale, vier verdieping hoge woning in een gegoede buurt van Manhattan. Te midden van wolkenkrabbers, stoompijpen en schreeuwde reclameborden. Maandenlang overtrad ze de wet, tot de gemeente New York in april besloot dat het maken van je eigen honing niet langer illegaal was.

Nicholson is niet de enige. Op dakterrassen van appartementen, in gemeenschappelijke tuinen en in achtertuinperkjes uitgezaaid over de stad opereerden honderden New Yorkers jarenlang illegaal. Gedwongen camoufleerden imkers hun bijenkasten. Ze schilderden ze grijs of rood om maar de indruk te wekken dat het airconditioning of een schoorsteen betrof.

Daarmee riskeerden ze een fikse boete: 2.000 dollar (ongeveer 1.500 euro). Het houden van bijen werd als even kwalijk beschouwd als het bezitten van een grizzlybeer of een jachtluipaard. Dat vond voormalig burgermeester van New York Giuliani en hij voerde daarom een verbod in op het houden van bijen in 1999. Bijen vlogen mensen slechts in de weg omdat ze konden steken.

Tot vier maanden geleden, toen de New Yorkse gezondheidsraad besloot bijen te ontslaan uit de categorie ‘wilde dieren’. Hiermee zijn de naar schatting 700 New Yorkse imkers in een klap niet langer illegaal. Ze vormen geen bedreiging meer voor de stad, maar blijken ineens een belangrijke rol in New Yorks vergroeningsplannen te spelen. De stad wil meer lokaal voedsel produceren. De zogenoemde locavore-beweging die dit propageert, groeit. Er moet meer lokale honing geproduceerd en verkocht worden.

Het lijkt op het eerste gezicht niet zo, maar „New York ligt júist gunstig voor bijen”, vertelt Nicholson. New York wordt omringd door rivieren en parken, waardoor ziektes en virussen de stad minder makkelijk bereiken. En er is genoeg stuifmeel.

Dat bijen houden niet meer illegaal is, is te zien. Voor de bijencursus in Central Park van bijenvereniging Gotham City Honey Cooperative is sinds kort een wachtlijst. „De jacht op bijenkasten begint steeds meer op een jacht naar onroerend goed voor bijen te lijken”, zegt Jim Fischer van de vereniging. Imkers zijn niet langer archaïsche mannen, meer dan de helft van de cursisten bij Gotham City is jong en vrouw.

Vanwaar die plotse populariteit? Deelnemers van de bijencursus verklaren:

Julie Ferrara, een 34-jarige New Yorker: „Het is ecologisch interessant.”

Edward Schaub, een 44-jarige New Yorker: „Het is relaxed en geeft voldoening.”

Susan Nicholson, 59 jaar: „Het heeft een zen-effect op me.”

Cursusleider Fischer weet het ook wel over te brengen. „Ik kom eigenlijk meer voor Fischer dan voor de les”, vertelt Julie Ferrara. Ferrara is een kleine, half Italiaanse, vurige 34-jarige dame met sproeten die door de week musiceert op Broadway. „Hij brengt het alsof het stand-up comedy is.”

Ook in andere Amerikaanse steden, waar het al lang legaal is, bloeit de bijenteelt. In Chicago wordt lokale honing geproduceerd op het dak van het stadhuis, waar meer dan 200.000 bijen zoemen als onderdeel van een banenplan voor ex-gedetineerden. In San Francisco zijn meer dan 500 imkers. En ook het Witte Huis in Washington is momenteel het biologische pad ingeslagen. De Obama’s maken eigen honing in de achtertuin.

„Het enige wat nog mist, is een iPhone-applicatie met alle locaties van bijenkasten in New York”, zegt Nicholson. Ze heeft Fischer erop gewezen.