Pontiërs voor mis terug naar Turkije

Voor het eerst in 88 jaar had Turkije toestemming gegeven voor een mis in het Grieks-orthodoxe klooster Sumela. Duizenden gelovigen waren ervoor overgekomen.

De orthodoxe oecumenisch patriarch Bartholomeus, geestelijk leider van de orthodoxe christenen, heeft gistermorgen de mis opgedragen in het 4de-eeuwse klooster Sumela. Dit ligt als een arendsnest hoog in de bergen ten oosten van de Zwarte-Zeehaven Trabzon. In juni gaf de Turkse regering voor het eerst in 88 jaar toestemming voor jaarlijkse vieringen op Maria Hemelvaart in de ruïnes van dit heiligdom, dat tot museum is verklaard. Duizenden orthodoxen uit onder andere Griekenland, Rusland, Georgië en Oekraïne waren voor de plechtigheid overgekomen.

Turkije hoopt met gestes als deze – ook in de kerk van St. Nikolaas bij Demre en in Efese mocht al de mis worden opgedragen – het toerisme te bevorderen maar vooral zijn reputatie aangaande tolerantie en godsdienstvrijheid te verbeteren in Europa waar het bij wil gaan horen. In 1971 werd het orthodoxe seminarie op het eiland Chalki, tegenover Istanbul, van hogerhand gesloten. Al jaren is er sprake van heropening, maar nu is het in ieder geval alvast opengesteld voor een tentoonstelling van 101 Griekse schilders.

In 1923 moesten na de Griekse militaire nederlaag tegen het nieuwe Turkije van Atatürk alle Grieks-orthodoxen het land verlaten, met uitzondering van die in Istanbul. Het was de zogeheten bevolkingsuitwisseling, waarbij ook een veel minder groot aantal Turkse moslims uit Griekenland moest vertrekken.

Tevoren had het nationalistische leger onder Atatürk hard opgetreden tegen de Grieken van Klein-Azië en langs de Zwarte Zee. Tegen de laatsten, de Pontiërs, zou volgens een 15 jaar oude uitspraak van het Griekse parlement een genocide hebben plaatsgehad die jaarlijks op 19 mei moet worden herdacht. Er zouden 35.000 Pontiërs zijn omgekomen. Maar zeker anderhalf miljoen wonen nu verspreid over heel Griekenland. Ze onderhouden een sterke onderlinge band, teruggaande op een dialect met veel oud-Griekse elementen en vooral op dans bij het geluid van de lyra, een klein viooltje dat ook gisteren rijkelijk weerklonk.

Ook in Rusland zijn veel Pontische vluchtelingen overgebleven. Hun organisatie is nu in handen van een machtig parlementslid, Ivan Savidis, die de steun heeft van premier Poetin.

Een jaar geleden was van Pontische zijde ook een poging gedaan Maria Hemelvaart in Sumela te vieren, maar dat liep uit de hand doordat men de Turkse autoriteiten wilde overrompelen. Savidis verscheen met duizend aanhangers en uit Griekenland kwamen ‘Ellinarades’, ‘grote Grieken’, een spotwoord voor Turkenhaters, die met de Griekse vlag het heiligdom trachtten binnen te dringen.

De vrees bestond dat dergelijke elementen zich wederom in de plechtigheid zouden mengen, maar ook dat Turkse ‘Grijze Wolven’ in actie zouden komen, ultranationalistische jongeren die al vaker gewelddadig hebben geprotesteerd tegen de oecumenische patriarch. Bovendien is de islamitische vastenmaand ramadan begonnen, waarin vaak extra gevoeligheden aan het licht komen.

Maar alles verliep voorbeeldig. De Grieken roemen de gastvrijheid waarmee ze door de bevolking zijn ontvangen. De patriarch maakte van zijn preek een vredelievende boodschap, deels in het Turks, waarin hij de islam een „religie van vrede” noemde en in het geheel niet inging op het vandalisme waarvan het klooster tientallen jaren het slachtoffer is geweest.