Bankstel op de weg, koe in de berm

Rijkswaterstaat bleef niets bespaard tijdens de aanleg van een spitsstrook op de A12.

Zo veel ongevallen zijn geen toeval, zeggen experts. Werkzaamheden leiden af.

Een bankstel op de weg, een koe in de berm, een omgevallen boom in het pikkedonker en een portaal van een matrixbord dat door een wegwerker met zijn kiepwagen wordt geramd en dwars over de snelweg komt te liggen. Resultaat van deze optelsom: een dode, enkele gewonden en kilometerslange files in een doorgaans rustige zomermaand.

Rijkswaterstaat bleef weinig bespaard vóór en tijdens de werkzaamheden op de A12 tussen Woerden en Gouda. Door de aanleg van een spitsstrook waren tussen 16 juli en vandaag over een afstand van ruim elf kilometer slechts twee van de drie rijstroken beschikbaar. Op voorspraak van minister Eurlings (Verkeer, CDA) was het een spoedklus. Dag en nacht werd er gewerkt. Vóór het eind van de vakantie – vandaag beginnen de basisscholen in Midden-Nederland – moest de strook klaar zijn.

Op een kantoor van Rijkswaterstaat denken projectmanager Michiel Bonnema en omgevingsmanager Ron Boven aan de Wet van Murphy, wanneer de ongelukken ter sprake komen. Aanleiding voor onze ontmoeting is een botsing vlak na de ochtendspits. Een bestuurster moest door de brandweer uit haar auto worden getakeld. Een ambulance reed de gewonde vrouw naar een ziekenhuis. De A12 was ruim twee uur dicht. Voor de zoveelste keer deze zomer.

„Pure pech”, reageert de projectmanager op de waslijst aan incidenten. „Wie verzint er nou zoiets als een koe?” Boven probeert er de humor van in te zien. „Wij hebben hier nog geen luchtballon gehad”, verwijst hij naar een incident eerder die week op de A28. En de omgevallen boom, tijdens hevig onweer, was natuurlijk pure overmacht. Net als de extreme hitte waarin weggebruikers uren stonden te wachten na het omvallen van het portaal van het matrixbord. Kinderen en zwangere vrouwen werden geëvacueerd. Pallets met waterflessen werden aangevoerd.

Maar toch, zoveel ongelukken tijdens wegwerkzaamheden kunnen geen toeval zijn. Wegbestuurders worden er zeker door afgeleid, zeggen deskundigen. Al die machines en vrachtwagens, het blijft een fascinerend gezicht. Voor het plaatsen van een zogenaamd ‘antizichtscherm’ was volgens Rijkswaterstaat te weinig ruimte bij de vangrail. En al die informatieborden langs de weg, leiden die niet af? ‘Pech of ongeval? Bel 112’, meldde een tekstkar op de vluchtstrook bij De Meern, vlak voor het begin van het oponthoud, als de onwetende bestuurder nog geen wegversmalling heeft opgemerkt.

Volgens een woordvoerder van het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD) is het „bijna altijd de automobilist” die een ongeluk veroorzaakt. „Bij stagnatie moet je tijdig remmen. Anders krijg je kettingbotsingen, zoals op de A12. Ook omdat lang niet iedereen zich aan de aangepaste snelheidslimiet houdt.” De KLPD verdedigt de voorzorgsmaatregelen van Rijkswaterstaat. „Het profiel voldoet aan de wettelijke eisen.”

Zo was op de A12 tussen de spitsstrook en de vangrail om de 600 meter een pechhaven geasfalteerd, net breed genoeg voor een personenauto. De spitsstrook en de twee tijdelijke rijstroken waren net iets breder dan de minimaal toegestane afmeting. En het werkvak van ruim elf kilometer was weliswaar veel langer dan de advieslengte van vierenhalve kilometer die Rijkswaterstaat meestal volgde, maar de lengte is niet onwettig. „Je moet keuzes maken. Nu kunnen we de klus op tijd én veilig klaren”, aldus projectmanager Bonnema.

Feit is dat de verschillende hulpdiensten afgelopen maand tussen Woerden en Gouda geen vluchtstrook ter beschikking hadden. Als zich een ongeluk voordeed op de twee beschikbare rijstroken, was maximaal één strook beschikbaar voor het doorgaande verkeer. Op minimaal één rijstrook moesten politie, brandweer, ambulance of bergingsploegen hun werk doen. Over de tijdelijke afwezigheid van vluchtstroken zegt de KLPD-woordvoerder: „Dan zit je automatisch in de val. Dat maakt een ongeluk extra heftig.”

Wendy Weijermars werkt bij de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid. Ze deed onderzoek naar verkeersonveiligheid bij wegwerkzaamheden. Ze citeert uit de conclusies in het rapport: „Er zijn relatief vaak vrachtwagens bij betrokken, vermoedelijk door de versmalde rijstroken. En er zijn relatief veel kop-staartbotsingen doordat er te hard gereden en/of te laat geremd wordt bij een wegversmalling. Te veel verkeersborden leiden tot een te hoge taakbelasting voor de automobilist. Maar aan de andere kant krijgt die door informatie over wegwerkzaamheden ook meer begrip voor het ongemak”, aldus Weijermars.

Bij Rijkswaterstaat zeggen ze dat de voorlichting nog nooit zo goed is geweest. Er waren radiospotjes, er was met de ANWB een speciale internetsite (www.filesophie.nl) geopend waarop weggebruikers hun klachten onder andere via twitter kunnen melden. En er waren somber respectievelijk vrolijk gestemde gele smileyborden met toepasselijke teksten als: ‘Nog elf kilometer’ of ‘Nog maar twee kilometer’. Bonnema: „We willen af van ons grijze imago, van het gevoel dat de klant van het kastje naar de muur wordt gestuurd. We hebben nu opeens een gezicht.”