Acht nare mensen en een ettertje

Als een kind zich misdraagt en een klap krijgt escaleert een barbecue in een rechtzaak.

Tsiolkas’ mooie roman maakte heel wat los in Australië. Waarom eigenlijk?

In Australië liepen de reacties op De klap, de vierde roman van Christos Tsiolkas, behoorlijk uiteen. Sommige critici noemden het een opzettelijk provocerend, walgelijk en mensonterend boek. Anderen bewonderden juist de ‘briljante’ uitwerking van een simpel gegeven en noemden het boek een heuse ‘barbecuestopper’ (daarmee verwijzend naar de barbecue waarmee het verhaal begint).

De roman brengt in elk geval iets teweeg – irritatie én bewondering – maar de waardering overheerst: de Australiër Tsiolkas (1965) kreeg niet alleen de Commonwealth Prize, maar staat nu ook op de longlist van de Man Booker Prize. Het is nog de vraag of dit boek ook in Nederland zulke uiteenlopende reacties zal oproepen.

Centraal in het verhaal staat de klap uit de titel, uitgedeeld aan een jongetje dat zich misdraagt tijdens een barbecue. Of het een corrigerende tik is, of een lel voor het hoofd, is afhankelijk van the eye of the beholder. En daarvan zijn er vele, want de roman wordt door acht verschillende personages verteld.

Op de barbecue hebben zich familie en vrienden van een Grieks (hij) c.q. Indiaas (zij) echtpaar verzameld: een bont gezelschap van hippies, white trash, Griekse ouders, neven en nichten, een tot de islam bekeerde Aboriginal, Britten, pubers en kleine kinderen. Een van die kinderen is de bijna vierjarige zoon van een sombere hippievrouw (wel vrijheid, geen blijheid). Aan opvoeden doet ze niet en haar stuurloze kind wordt door vrijwel iedereen gemeden.

Dit jongetje, dat overigens voortdurend ‘tietje’ roept omdat hij nog aan de borst is, dreigt een ander kind met een stuk speelgoed te slaan. Maar de vader van dit bedreigde kind grijpt in: hij geeft het hippiekind een klap in het gezicht. De zaak escaleert razendsnel: ruzie, politie en een rechtszaak wegens ‘kindermishandeling’.

Het incident veroorzaakt tweespalt binnen het gezelschap: de ene helft vindt het terecht dat het kind gecorrigeerd wordt, de andere ziet er mishandeling in. Er komen familievetes aan de oppervlakte en verschillende keren wordt de vraag gesteld of volwassenen zich eigenlijk altijd dienen te beheersen.

De klap vormt de aanleiding voor de verwikkelingen, maar De klap gaat vooral over de acht vertellers, die allen aanwezig waren bij de barbecue en elkaar zijdelings kennen. Zo ontstaat genoeg samenhang om het geheel tot een roman te smeden. Sterker nog, de manier waarop Tsiolkas dat doet is knap. Voortdurend word je meegenomen in het wel en wee van een personage en betreur je het wanneer je in een volgend hoofdstuk alweer moet omschakelen naar het levensverhaal van een nieuw personage. Maar binnen twee bladzijden word je ook daarin meegesleurd. Elk van de verhaallijnen heeft daarbij een eigen toon, zonder dat Tsiolkas zijn toevlucht heeft gezocht tot nadrukkelijke dialecten of rare oneliners.

Tegelijkertijd is de keuze voor zo’n structuur een veilige: je hoeft niet te diep in te gaan op een van de levens. Je schetst iemand, je legt een gebeurtenis bloot en een bescheiden spanningsboog is weer afgerond. Maar gezien de veelheid aan perspectieven was het Tsiolkas er vermoedelijk vooral om te doen een portret te geven van een samenleving of een idee.

De middelen die hij daartoe inzet, zijn soms wat over de top: het slachtoffertje is wel erg nadrukkelijk een mormel. En de Aboriginal die zich tot de islam bekeert om van de drank af te kome, is een geestige vondst, maar de consequenties van zijn keuze worden niet uitgewerkt; hij is niet een van de personages die zelf aan het woord komt en functioneert zo als politiek correct behang.

Toch levert het geheel een mooi portret op van een samenleving in de buitenwijken van Melbourne. Of misschien wel breder: van een middenklasse die in elke westerse samenleving is te vinden, want de geschetste levens zijn eigenlijk nogal gewoon: een midlifecrisis, vreemdgaande echtparen, teleurgestelde veertigers, een ouder echtpaar dat teert op de kleinkinderen – dit hoofdstuk, waarin de oude Griek Manolis aan het woord is, die de teleurstelling in het leven en de neergang van het huwelijk beschrijft, vormt een hoogtepunt van het boek – en volwassenen die vooral geen commentaar leveren op elkaars opvoeding.

Eigenlijk zouden figuren als deze overal kunnen leven, ook al zijn er Australische verwijzingen naar bijvoorbeeld de xenofobie van de voormalige Australische premier John Howard, de droogte waardoor kort douchen noodzakelijk is en de aanslagen in Bali (waar het Grieks-Indiase stel een week op vakantie is); een catastrofe waardoor ‘de hele wereld van Australiërs houdt’, zoals een Amerikaanse bij wijze van mantra zegt.

Deze uitvergrote herkenbaarheid is ongetwijfeld de reden dat het verhaal als confronterend wordt gezien. Geen van de personages is sympathiek, een oordeel over de klap blijft uit (de man die de klap uitdeelt, bleek vroeger ook al losse handjes te hebben gehad, het kind is mormelliger dan aanvankelijk gedacht) en als er iets duidelijk wordt, dan is het wel dat het leven er niet leuker op wordt naarmate je ouder wordt. En ook niet onbelangrijk: er is geen enkele reden om van Australiërs te houden.

Toch is de kans klein dat De klap in Nederland vergelijkbare uiteenlopende reacties oproept als in Australië. Dat komt niet alleen doordat roman bevolkt wordt door Australiërs, maar ook doordat de geschetste situaties hier ‘gewoner’ worden bevonden. De roman doet wat denken aan Het diner van Herman Koch – die overigens een ‘blurb’ voor het boek leverde. Maar er kwamen hier destijds geen verontwaardigde of morele reacties op de losgeslagenheid van de jeugd, de hypocrisie of het maatschappelijk aanvaarde patroon dat we binnen en buiten families zo min mogelijk willen corrigeren. En dat terwijl het in Het diner om nog wel iets meer gaat dan een uit de hand gelopen tik.

Misschien zijn we in Nederland meer gewend aan zo’n somber mensbeeld, maar wat ook hier overeind zal blijven is dat Christos Tsiolkas een mooie roman schreef over acht nare mensen.

Christos Tsiolkas: De klap (The Slap). Uit het Engels vertaald door Paul Bruijn en Noor Koch. Anthos, 454 blz. € 22,95