Voorpret voor Parijs

Hoe in de stemming te komen voor een bezoek aan een wereldstad? Tips voor Parijs van auto-ontwerper Laurens van den Acker.

In „nog geen miljoen jaar” zag Laurens van den Acker (44) uit Deurne zichzelf in Parijs belanden. Fijne stad, dat vond hij al toen hij er jaren geleden met zijn vriendin, nu vrouw, rondliep. Maar hij ontwerpt auto’s, dat is zijn beroep, en dat, dacht hij, „laten de Fransen nooit over aan een buitenlander”.

Verrassing: sinds precies een jaar is Van den Acker directeur design van Renault in Parijs, als eerste niet-Fransman in de geschiedenis. Alle nieuwe Renault-modellen in de komende jaren komen onder zijn verantwoordelijkheid tot stand.

Zijn slingerweg naar Parijs voerde vanaf de TU Delft naar Italië, Duitsland (Audi), de Verenigde Staten (Ford) en Japan, steeds een stapje hoger, tot hij in Hiroshima hoofd design van Mazda was.

En nu dus Parijs, aan het hoofd van een divisie met 450 ontwerpers met 29 nationaliteiten, van wie meer dan de helft Frans. Voertaal management: Frans. Even met het ruwe penseel: wat het is het grootste verschil met zijn vorige standplaats? „In het oosten moet een chef vooral luisteren”, zegt Van den Acker. „In het westen moet je visie hebben, inspireren.”

Frankrijk is het land van Lodewijk XIV, Napoleon en Charles de Gaulle: iedereen kijkt naar de leider. „Je bent een president en zo moet je je ook gedragen. Ceremonieel.”

Daar komt bij: Renault is meer dan een autofabrikant, het maakt deel uit van het Franse cultuurpatroon. „Sommige automerken zijn car-centered, vooral gericht op techniek en performance. Renault is een mensenmerk, verbonden met de sociale ontwikkelingen in de samenleving.”

Laurens van den Acker wil mensenauto’s

ontwerpen. De nieuwe Renault-modellen gaan de levenscyclus volgen, van eerste liefde tot de oude dag. Vorige maand presenteerde hij zijn eerste conceptmodel, DeZir. Een gestroomlijnde tweezitter, een parcours van holtes en bollingen op zich. „Ik had de indruk dat de mensen niet meer verliefd waren op de Renault-

modellen. Dus de eerste auto moet er eentje

zijn waar iedereen zijn hoofd voor omdraait, zoals voor een mooie vrouw op een saaie receptie. Niet te intellectueel, maar sexy.” Saaie receptie? Nee, het gaat niet over Parijs. „Parijs is een inspirerende stad. Een levend museum, waar alle verleden en alle toekomst aanwezig is.”

Boek: Sixty Million Frenchmen can’t be wrong van Jean-Benoît Nadeau en Julie Barlow

„Het geeft niet geheel een positief beeld, maar vergroot het begrip. Waarom die zestig miljoen Fransen allemaal een eigen mening hebben, graag klagen. En er blijkt ook wel uit dat de Asterix-mentaliteit flink present is in Frankrijk. Ze kunnen goed onderling ruzie maken, maar zodra er een gemeenschappelijke vijand is…

„Overigens is het ook gewoon nog steeds leuk om de Da Vinci Code te lezen, van Dan Brown. Ik had het niet speciaal voor Parijs gelezen, maar gewoon in de vele uren in het vliegtuig. Maar het brengt je naar het Louvre en dat blijft toch een fantastisch museum. Je moet door de massa bezoekers heen kijken, maar het is niet voor niets een van de best bezochte musea ter wereld.”

Film: Ratatouille van Brad Bird

„Deze film noem ik op verzoek van mijn dochter. Een rat trekt naar Parijs, waar hij in de goot naast een chic restaurant droomt van een bestaan als beroemde chef-kok. We hebben die film talloze malen gezien. Als ik mijn dochter mee de stad in wil krijgen, zegt ze eerst: niet zo’n zin. Maar als ik dan zeg: we gaan naar Ratatouille… dat werkt.

„Voor mijzelf is Parijs verbonden met twee films waaraan je mijn leeftijd toch afziet. Van Luc Bessons Subway (1985), die de stad een tweede, geheime leven geeft in het metrosysteem. En Diva uit 1981 over opnames die van een operazangeres, Cynthia Hawkins, in Parijs worden gemaakt. Een romantische film met prachtige muziek slaat om in een actiefilm.”

Muziek: Tom Frager

„Het singletje Lady Melodie van Tom Frager, een Franse zanger (en ex-surfkampioen) was vaak in Parijs op de radio, toen wij hier een jaar geleden aankwamen. Het is vrolijk, melodieus, en dat was precies wat ik nodig had. Want het was zwaar, de eerste drie, vier maanden, in een organisatie die een heel nieuwe richting op gaat. Frans, dat ging wel. Ik had het sinds de middelbare school niet gesproken, maar ik heb vorig jaar eerst acht weken fulltime Frans geleerd. Er is veel vrolijke Franse muziek. Vanessa Paradis, ook een aanrader. Nu ontdek ik de Franse hiphop, de nieuwe stadsmuziek van Parijs. Pit Baccardi, Juste moi. Melodieus.”

Eten: R. Gerant in Hiroshima

„Eerlijk gezegd weet ik het niet. Ik woon al heel lang niet meer in Nederland. En als ik er af en toe kom, dan ga ik weer eens naar de Febo, en bestel een patatje speciaal. Maar voor Japan-gangers heb ik wel een tip. In het centrum van Hiroshima is een uitstekend Frans restaurant, R. Gerant. Ook heel mooi voor een voorbereiding op Parijs vanuit Japan: een bezoek aan het eiland Noashima, en daar dan naar het Chichu art museum. Daar hangen de waterlelies van Monet. Dat roept een van mijn favoriete musea in Parijs op, de Orangerie.”

Internet: Wallpaper Travel Guide

„Wat wij graag gebruiken op reis, en dat werkt ook heel goed voor Parijs, is de Wallpaper Travel Guides. Ze hadden al interessante designboekjes, met reistips voor allerlei steden, en die kun je nu ook op je iPad raadplegen. Wat ik ook heel goed vind, is de travel guide van The New York Times. Ze hebben altijd goede tips, wereldwijd. Ook in Japan lieten we ons regelmatig door de NYT inspireren om ergens naartoe te gaan. We hebben tien jaar in de Verenigde Staten gewoond. Overigens wordt ook in Parijs steeds meer Engels gesproken. Het is hier gastvrijer dan twintig jaar geleden.”