Nieuwe milde chemo tegen borstkanker

Patiëntes met teruggekeerde borst- of eierstokkanker én met de beruchte BRCA1- of BRCA2-mutatie in hun genen, kunnen hun kanker een half jaar onderdrukken met het nog experimentele nieuwe antikankermedicijn olaparib. Olaparib werkte bij 30 tot 40 procent van de onderzochte patiëntes en remt de kankergroei zonder de gebruikelijke bijwerkingen van ouderwetse chemotherapie. (The Lancet, 24 juli). De BRCA-genmutaties komen voor bij ongeveer 1 op de 20 vrouwen met borstkanker. Acht op de tien vrouwen met een BRCA-genmutatie krijgen ooit in hun leven borstkanker en tot zes op de tien vrouwen krijgen ook eierstokkanker.

Gezonde BRCA 1 en 2 genen leveren eiwitten die DNA-breuken in chromosomen herstellen. DNA-breuken komen veel voor en worden meestal foutloos gerepareerd door een uitgebreid reparatie-enzymsysteem. Maar soms gaat het fout, dan worden stukken gebroken DNA verkeerd aan elkaar geplakt, of er worden verkeerde basen in het DNA gebouwd, waardoor mutaties ontstaan. En die veroorzaken soms kanker.

Cellen die hun DNA-breuken niet meer met BRCA-eiwitten kunnen repareren, switchen naar een ander reparatiemechanisme, waarbij het eiwit PARB een rol speelt. Er is een medicijn ontwikkeld dat de werking van PARB blokkeert: olaparib. In het laboratorium gingen kankercellen die de vaak optredende DNA-breuken niet meer met BRCA of PARB kunnen repareren bijna allemaal dood. Dat schiep hoge verwachtingen.

In de twee eerste onderzoeken bij patiëntes waarbij de eierstok- of borstkanker na een eerste behandeling de kop weer had opgestoken blijkt olaparib nu te werken. Maar toch weer niet zo goed als werd gehoopt op basis van de laboratoriumexperimenten. De groei van de eierstokkanker stokte een tijdlang bij een op de drie vrouwen, bij borstkanker werkte het middel bij vier op de tien vrouwen. De remming van de kanker hield gemiddeld een maand of zes aan. Zoals verwacht vielen de bijwerkingen erg mee. De onderzoekers hadden een groter en langduriger effect van olaparib verwacht. Ze denken dat kankercellen met een BRCA-mutatie en een PARB-remming nog andere mechanismen hebben om hun eigen schade te herstellen.