Kinderopvang

Kinderopvang (NRC Handelsblad van 2 en 3 augustus) houdt ook mij al lang bezig.

In de bijna tien jaar dat ik als docent geschiedenis in het middelbaar onderwijs werk, heb ik het niveau van leerlingen zowel wat algemene ontwikkeling als wat gedrag betreft per jaar zien dalen tot het nu praktisch onwerkbaar is geworden. Ik wijt vooral het laatste aan de kinderopvang. Aan het gedrag merk ik of een leerling vooral thuis is opgegroeid of vooral in de opvang. Zelfs als de kwaliteit van de opvang goed is, wordt daar anders met de kinderen omgegaan dan thuis, waardoor hun gedrag zich anders ontwikkelt. Thuis voedt men anders op, leert een kind zichzelf te beheersen, zichzelf te vermaken, maar krijgt het ook bijzondere aandacht. Kinderen die in de klas constant aandacht vragen, zich gedragen of ze de enige zijn, veel te “weerbaar” zijn, en weinig of geen concentratie opbrengen, hebben paradoxaal genoeg veel tijd in de opvang doorgebracht. Navraag bij een aantal van mijn (brugklas)leerlingen bevestigde dit. Paradoxaal, omdat juist kinderopvang kinderen socialer zou maken.

Dat kinderen geen negatieve invloeden ondervinden van (veelvuldig) verblijf in de kinderopvang blijkt hoogstens uit zeer beperkt onderzoek. Ik snap dat mijn conclusie momenteel zeer onwelkom is.

Bregje de Wit

Gouda