Fons is het mannetje

Dit is onze Fons, hier met zelfgekozen bokkenpruik. Een jaar of zeven geleden alweer, gedumpt in het weilandje bij ons achter. Klaarblijkelijk zonder dat hij was ingeënt tegen wormen, lag hij opeens voor dood in het schuilhokje dat daar stond. Omdat wij niet wisten van wie hij was, behandelde de dierenarts hem gratis.

Voor onze drie geitenmeiden is hij uitgegroeid tot ‘de man’, ondanks de aanwezigheid van de veel imposantere Seb. En hij onderhoudt zijn dames, al is-ie ‘geknepen’: beurtelings gaat hij elke week met een ander.

Eigenlijk zou ik Fons willen opzetten als hij ooit dood gaat. Want met hem hadden we opeens een ‘boerendier’. Een dier dat een verlangen opriep naar een andere wereld, een wereld van buitendieren, hooi en weilanden. Een verlangen dat werkelijkheid moest worden, omdat Fons op een gegeven moment niet meer in het weilandje van de buren kon staan. En zo wonen we dan. Met een trekker, vijf geiten, zes schapen en nog een hele stapel kippen en eenden. In de wuivende weilanden.

Ik vraag me vaak af of Fons gelukkig is. Of hij wel genoeg beleeft op een dag. Ik zie hem peinzend herkauwen tijdens zijn siësta. Misschien is het leven ook rijk als je de hele dag met je meiden tussen de grashalmen vertoeft.

Heeft u een bijzonder huisdier? Foto en tekst naar weekblad@nrc.nl