Ouderenzorg kan gaan knellen

Een nieuw kabinet zal fors bezuinigen. Maar onderhandelingspartner PVV wil de zorg ontzien. Zeker als het om ouderen gaat.

„Ouderen zijn geen mobieltjes. Alleen in de telecom zijn marktwerking en aanbesteding succesvol gebleken.” Hier spreekt Fleur Agema over de thuiszorg, tijdens een Kamerdebat in 2009. Agema is PVV-woordvoerder zorg in de Tweede Kamer.

Wie haar hoort zal denken dat de partijen die nu onderhandelen over een minderheidskabinet het niet snel eens zullen worden over de zorg. De PVV wil niet nog meer marktwerking. Niet in de ouderenzorg en niet in de ziekenhuiszorg. VVD en CDA willen de liberalisering juist uitbreiden.

De meningen lopen ook sterk uiteen over de noodzakelijke bezuinigingen. De PVV is bereid een coalitie van VVD en CDA te steunen en wil wel 18 miljard bezuinigen. Maar de PVV is tegen een vergaande versobering van de zorg. De partij van Wilders heeft zich zelfs opgeworpen als beschermer van de ouderenzorg.

Uit de doorrekeningen van de verkiezingsprogramma’s door het Centraal Planbureau (CPB) blijkt dat VVD en CDA veel meer willen snijden in de zorg dan de PVV. De VVD wil de uitgaven van de collectief geregelde medische zorg uit de zorgverzekeringswet structureel met 3,2 miljard euro verminderen, het CDA met 2,1 miljard en de PVV met 1 miljard. De partijplannen met de langdurige zorg (AWBZ) lopen nog meer uiteen. Daarop wil de VVD 2,9 miljard euro bezuinigen en het CDA 1,9 miljard. De PVV wil juist 0,6 miljard investeren.

Momenteel groeien de zorguitgaven harder dan de economie. Hoe meer dat is, hoe minder er overblijft voor de politie en onderwijs. Als partijen de toename van de zorgkosten weten terug te dringen, draagt dat bij aan een verbetering van de houdbaarheid van de overheidsfinanciën. De VVD heeft wat dat betreft de meest vergaande voorstellen, de PVV boekt op de zorg vrijwel geen houdbaarheidswinst.

Is het met zulke verschillen wel mogelijk een akkoord te sluiten? Belangenorganisaties in de zorg geloven van wel. Gebruikelijk is dat de onderhandelaars ergens in het midden uitkomen, dat betekent dus in de buurt van de CDA-plannen. De lobbyclubs denken dat de grootste barrières liggen in de langdurige zorg. „Ik verwacht dat de onderhandelaars fundamentele beslissingen daarover vooruit schuiven omdat het zo ingewikkeld is”, zegt Jan Coolen van de patiëntenfederatie NPCF. Volgens hem zal de AWBZ (ouderen- en gehandicaptenzorg) daarom een volksverzekering blijven en nemen partijen zich voor snel een „routekaart” te presenteren voor een betere organisatie van de langdurige zorg. „Nieuwe bewindspersonen krijgen de opdracht circa twee miljard besparingen op de langdurige zorg in te vullen. Zo komen de drie partijen er wel uit.”

Pieter Hasekamp, directeur van Zorgverzekeraars Nederland, ziet wel hobbels maar ook overeenkomsten tussen de partijen. „Ik denkt wel dat zij tot overeenstemming kunnen komen. Vooral de ouderenzorg zal lastig worden.” Ook hij denkt dat partijen hierover geen „drastische beslissingen” nemen. „Bij bezuinigingen zal de ouderenzorg in vergelijking met andere sectoren worden ontzien. Dat betekent geen ingrijpende versobering van de verpleging en verzorging.” In het verkiezingsprogramma van de PVV staat dat er 10.000 verplegenden en verzorgenden bij moeten komen. „Dat is eigenlijk de normale groei die er elk jaar wel in zit”, zegt Hasekamp. Dat ‘cadeautje’ vergt dus geen grote offers.

De meningsverschillen over de medische zorg zijn kleiner. De kloof tussen VVD, CDA en PVV is niet onoverbrugbaar. PVV en CDA stellen een lichte verhoging van het eigen risico voor van 165 euro nu tot 210 respectievelijk 230 euro. De VVD wil tot 300 euro gaan. Over verkleining van het verzekerde basispakket verschilt PVV weinig van het CDA. De VVD wil het pakket het meest inkrimpen. De marktwerking kan een probleem vormen, maar twee van de drie partijen zijn er voor. Zorgwatchers verwachten niet dat de PVV daar een groot punt van zal maken.

Om circa twee miljard te besparen op de medische zorg kunnen partijen afspreken de zorgverlening efficiënter te maken. Dat is niet zo controversieel, en zou nog heel wat op kunnen leveren. Nu bieden ziekenhuizen vrijwel alle behandelingen aan, maar de ontwikkeling naar een duidelijke taakverdeling tussen ziekenhuizen is al ingezet. „Als daarnaast de spoedeisende hulp in Nederland nog gebundeld wordt, huisartsen meer taken overnemen van medisch specialisten en de overheid een heel streng prijsbeleid voert, komt het minderheidskabinet een heel eind”, zegt Coolen.

Ingrepen in de zorg zullen voor de PVV het moeilijkst aan de achterban uit te leggen zijn. Maar handige politici kunnen lopend beleid verkopen als nieuwe maatregelen. De bouw van eenpersoonskamers in verpleeghuizen is al enige tijd aan de gang, maar zal de ouderenzorg in de toekomst blijven verbeteren. De fractievoorzitters kunnen zelfs verslechteringen als verbeteringen presenteren. De ambtelijke werkgroep van de brede heroverweging zette onlangs op een rij hoe er ruim 6 miljard op de medische zorg en 4,5 miljard op de langdurige zorg gekort kan worden. Iets minder ingrijpende maatregelen, zullen de politici zeggen, vallen ten opzichte daarvan nog altijd mee.

De partijen die nu onderhandelen, met name CDA en PVV, willen relatief meer in de sociale zekerheid snijden dan in de zorg, benadrukt Hasekamp van de zorgverzekeraars. „Zorg zal daarom geen breekpunt worden. Maar als er minder van de zorg af gaat, zal het geld ergens anders vandaan moeten komen. Ik verwacht dat daar de knelpunten op zullen treden.”