NOS ziet bij zichzelf geen vet meer op de botten

De publieke omroep kan best bezuinigen, zegt NOS-directeur De Jong. Hoe? Niet door netten te schrappen. Het aantal omroepen moet omlaag.

De grootste tegenstanders van Hilversum onderhandelen in Den Haag over een nieuw kabinet. De PVV heeft nooit een geheim gemaakt van haar afkeer van de „staatsomroep” en wil twee publieke tv-netten en alle publieke radiozenders schrappen. De VVD wil minstens één tv-net kwijt en zelfs de CDA-steun is niet meer onvoorwaardelijk.

Schrap je een zender en laat je verder alles in Hilversum bij het oude, dan raak je direct de nieuwsvoorziening van de publieke omroep. En zo de kwaliteit van de journalistiek in Nederland. Die waarschuwing uitte NOS-directeur Jan de Jong gisteren tijdens een persbijeenkomst. „De nettendiscussie is een discussie uit de vorige eeuw”, aldus De Jong. „Je moet kijken naar de toekomst van de publieke omroep. Wat willen wij met het bestel? Als grootste speler wil de NOS meepraten.”

De Jong stelt dat de publieke omroep zeker kan bezuinigen. Maar niet door één of twee netten te schrappen. Hij vindt dat het aantal omroepen fors omlaag moet en wil veel minder regels. Nu zijn er nog zo’n twintig omroepen, maar dat mogen er van de NOS-directeur een handvol worden. Hij noemde gisteren een progressieve, een conservatief-liberale en een levensbeschouwelijke omroep. Een of twee organisaties moeten nieuws, sport, cultuur en evenementen verslaan. Dat bespaart volgens De Jong minstens 25 tot 30 miljoen euro. „Het is een misverstand dat wij hier bureaucratie hebben als doel. Dat komt door de Haagse regelgeving. De regeldruk is hier echt enorm.”

De Jong vreest dat de NOS anders onevenredig wordt getroffen door bezuinigingen. „Als grootste speler zijn wij het meest aan de beurt.”

Hij denkt dat de NOS anders eenvijfde van de bezuinigingen moet opbrengen. „Dat gaat direct ten koste van onze programma’s en dus van de nieuwsvoorziening. Hier is geen overhead meer, geen vet op de botten.” De Jong maakt zich zorgen over de toekomst van de NOS, „de kurk en het hart van het publieke bestel”.

De Jong laakte gisteren de kritiek van onder andere Fons van Westerloo (van de nieuwe omroep WNL) dat veel (amusements)programma’s van de publieke omroep beter bij de commerciële zenders kunnen worden uitgezonden. Een brede publieke omroep, ook op internet, kan beter zijn maatschappelijke taak vervullen dan een smalle omroep die alleen doet wat de commerciële nalaten, aldus De Jong. „Mensen die niet altijd afstemmen op het nieuws blijven dankzij het eredivisievoetbal op zondagavond wel kijken naar het journaal.” De Jong ontkent dat de publieke omroep steeds meer geld uitgeeft aan sport. „Wij hebben 15 miljoen euro bezuinigd. En we doen al veel minder: geen kwalificatieduels van Oranje, KNVB-beker, Formule 1, motorsport.”

De NOS heeft een jaarbudget van 130 miljoen en maakt daarvoor met 375 voltijdsbanen radio, tv, internet en teletekst. Nieuws kost 47 miljoen, sport 19 miljoen.

Tot slot, had De Jong liever andere partijen in het kabinet gehad? „Ook andere coalities hadden gekeken naar de publieke omroep. Iedereen moet bezuinigen. Zolang ze dat maar met een visie doen en niet om ons kapot te maken.”