Julien C. houdt nu bij het hof de kaken op elkaar

Julien C. was al veroordeeld voor moord op een jongetje. Maar toen voerde hij zijn eigen verdediging. Op last van de Hoge Raad diende de zaak gisteren opnieuw.

Was het moord op de achtjarige Jesse in een lokaal van zijn basisschool in het Noord-Brabantse Hoogerheide? Of pleegde Julien C. (26) doodslag?

Dat bleek gisteren de sleutelvraag tijdens de behandeling van de zaak door het gerechtshof in Arnhem.

Het Openbaar Ministerie (OM) eiste twintig jaar celstraf plus tbs. Het vindt dat onomstotelijk vaststaat dat C. het kind met voorbedachten rade met een keukenmes om het leven heeft gebracht. Snijwonden op de handen van de jongen bewijzen dat hij zich heeft verweerd. Er moet dan ook voldoende tijd geweest zijn voor Julien C. om bewust te besluiten het kind te doden, meent de advocaat-generaal. Dus was het moord, en dat kan zwaarder worden bestraft dan doodslag.

Voorbedachten rade is niet te bewijzen, wierp advocaat De Boer van Julien C. tegen. Niemand weet wat zich in het klaslokaal heeft afgespeeld. Er waren geen getuigen en C. zwijgt. „Op basis van speculaties kan mijn cliënt niet voor moord worden veroordeeld.”

Julien C. zit al drieënhalf jaar in voorarrest. Hij heeft altijd geweigerd mee te werken aan een psychiatrisch onderzoek door het Pieter Baan Centrum. Hij beweert tot op de dag van vandaag dat hij onschuldig is.

Gisteren wilde hij niets toelichten. „Ik beroep me op mijn zwijgrecht”, zei hij keer op keer. Hoe de rechters hem ook antwoorden probeerden te ontfutselen.

Het hof zit met veel vragen, zei de voorzitter dan. Hij legde C. feiten voor, verklaringen, vragen. „U heeft ook gezegd de duivel te slim te zijn afgeweest. Wat bedoelde u?”

Julien C. schoof heen en weer op zijn stoel. Zijn voeten, in zwarte sokken en blauwe slippers, wiebelden. Zijn donkere, vette krullen trilden in zijn nek. Maar hij bleef zwijgen. „Geen commentaar.”

Bijzonder aan deze zaak is dat het niet de eerste keer is dat een gerechtshof zich erover buigt. Wat ging er allemaal vooraf aan de behandeling gisteren?

Op 1 december 2006 wordt Julien C. opgepakt, kort nadat Jesse levenloos in een plas bloed is aangetroffen in het lokaal waar hij een puzzel ging halen. Op 6 september 2007 legt de rechtbank in Breda Julien C. twaalf jaar cel plus tbs op voor doodslag. Moord acht de rechtbank niet bewezen. C. wordt in deze strafzaak bijgestaan door advocaat Gerard Spong.

Het Openbaar Ministerie gaat in hoger beroep. C. wil zich niet langer laten bijstaan door een advocaat en besluit zichzelf te verdedigen. Op 26 februari 2008 veroordeelt het gerechtshof in Den Bosch C. hem tot levenslang, waar het Openbaar Ministerie twintig jaar gevangenisstraf en tbs had geëist. Het hof acht moord wél bewezen. Geschrokken van de hoge straf gaat C. in cassatie.

Op 17 november 2009 vernietigt de Hoge Raad het vonnis van het gerechtshof in Den Bosch. De zaak moet worden overgedaan. ’s Lands hoogste rechtscollege vindt dat het hof in Den Bosch C. onvoldoende heeft gewezen op de risico’s die hij zonder advocaat liep. Ook de motivatie om een jonge verdachte voor een enkelvoudige moord deze ongebruikelijk hoge straf op te leggen, vindt de Hoge Raad onvoldoende. En hij heeft kritiek op het bewijsmateriaal waaruit zou blijken dat C. met voorbedachten rade heeft gehandeld.

Dus behandelde het gerechtshof in Arnhem de zaak gisteren opnieuw. Moord of doodslag? Het gerechtshof doet op 26 augustus uitspraak.