Geknipt voor tragische rollen

Manon Alving was een veelzijdig toneelspeelster die tot op hoge leeftijd actief bleef. Ze richtte de Noorder Compagnie op, waar Rutger Hauer begon.

Haar naam roept in brede kring geen algemene herkenning op – daarvoor heeft ze wellicht te weinig film- en tv-rollen gespeeld. Maar een gerenommeerd toneelspeelster was Manon Alving wel. Meer dan zestig jaar lang heeft ze op hoog niveau geacteerd, terwijl ze ook nog mede-oprichtster was van de regionale toneelgroep Noorder Compagnie. Pas nu is bekend geworden dat ze zaterdag is overleden, op 87-jarige leeftijd.

Na een geslaagde studie aan de Amsterdamse toneelschool debuteerde Manon Alving in 1948 bij het Rotterdams Toneel, als Miranda in De storm van Shakespeare. Ze was „lieflijk”, aldus de recensent van het Algemeen Handelsblad. Daarna speelde ze bij diverse andere gezelschappen. Door haar elegante présence en haar ietwat gevoileerde geluid leek ze bij uitstek geschikt voor de grote tragische rollen die ze dan ook regelmatig heeft gespeeld. Maar ze was veelzijdig genoeg om minstens zo vaak uit te blinken in lichter repertoire.

Samen met haar man Jaap Maarleveld richtte ze in 1966 de toneelgroep Noorder Compagnie op, gevestigd in Drachten, waar ze ook getweeën jarenlang de artistieke leiding hadden. Uit dit ensemble kwamen acteurs voort als Rutger Hauer en Peter Tuinman.

Ook na haar pensionering bleef ze acteren. „Het fijne van toneelspelen is dat het je oplaadt”, zei ze in 2003 in de Leeuwarder Courant, toen ze bij het Nationale Toneel een gastrol speelde in de productie De dochters van King Kong. „Achter de geraniums zitten lijkt me vermoeiender”.

In september zou Manon Alving nog een voorstelling spelen bij het nieuwe Drentse gezelschap Roodpaleis, met een negenjarig meisje als tegenspeelster.