Een blauwe blur is geen ode aan de zomer

Zomerliefde? Altijd fijn. Maar wat voor een associaties roept het op? Mensen die hand en hand door het park lopen? Een meisje dat lachend door het zand in de duinen rolt? De makers van de fototentoonstelling Zomerliefdes, nog tot eind deze maand te zien in Huis Marseille in Amsterdam, hebben dit thema wel zeer ruim opgevat.

Het idee voor deze expositie is, volgens de begeleidende tekst die in de hal van Huis Marseille hangt, gebaseerd op ‘de verliefdheden die fotografen en tentoonstellingsmakers kunnen overkomen’. Werken uit de eigen collectie zijn in samenhang met foto’s uit externe bruiklenen door elkaar opgehangen. Foto’s van fotografen als Leo Divendal, Rineke Dijkstra, Nono Reinhold en Toshio Enomoto zijn losjes gerangschikt aan de hand van ‘zomerse thema’s’ zoals ‘flaneren’, ‘reizen op het platte vlak’ en ‘zomerse portretten’.

Wie rondwandelt in het museum wordt in de ene zaal getrakteerd op foto’s van fruitschalen en stillevens, ziet in een andere ruimte beelden hangen van een overrijpe pruimenboom en wolken die worden gereflecteerd in water en krijgt in de volgende zaal een serie foto’s te zien van de Machu Picchu in Peru en de antieke stad Petra in Jordanië.De diversiteit is, kortom, groot.

Regelmatig ondernemen tentoonstellingsmakers goede pogingen om eigenzinnige exposities te maken die zijn verbonden aan een thema. In sommige gevallen met succes. Een goed voorbeeld is de expositie 70s Photography and Everyday Life, op dit moment te zien in het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam. Op deze tentoonstelling krijg je, ondanks de diversiteit van het werk, ook inzage in de opkomst van het persoonlijke in de fotografie en de ontwikkeling van sociaal engagement bij fotografen. Ook bij Zomerliefdes loopt er volgens de tentoonstellingsmakers een ‘stevige’ rode draad door de expositie: „Die waar groot en klein zich verenigen in het intensieve kijken en de verbeeldingskracht die daaraan ten grondslag ligt: de verliefde camera.”

Tja. Zijn er dan serieuze fotografen die zonder toewijding en verbeeldingskracht te werk gaan? Desalniettemin is het een genot om, in de zaal ‘Zomerse portretten’, te kijken naar de dromerige plattelandsbeelden die de Amerikaanse fotografe Sally Mann vastlegde van haar kinderen en van haar eigen zwangere buik.

Ook het familieportret dat de Duitse fotograaf Thomas Struth maakte van een New Yorks gezin is intrigerend. Je ziet overeenkomsten in de verschillende familietrekken, kan peinzen over de onderlinge verhoudingen tussen de familieleden. Alleen: op de foto buiten is een boom te zien met kale takken. In hoeverre hebben we hier te maken met een ‘zomers’ portret? Hetzelfde geldt voor het beeld dat de Duitse fotograaf Michael Wesely maakte van zijn vrouw en kind. Het is een foto waarop zijn geliefden nauwelijks zichtbaar zijn vanwege de lange sluitertijd waarmee de fotograaf heeft gewerkt. Het resultaat is een rozige, blauwe blur op een stoel. Je kan er van alles bij bedenken, maar een zomerliefde?