BlackBerry's geheim

Kan er in de virtuele wereld van internet een domein bestaan waarin totale privacy is? Waar nooit iemand anders binnen kan? Bestaat absolute communicatievrijheid? Achter de ophef rond het dreigende verbod op de populaire BlackBerry in een aantal landen in het Midden- en Verre Oosten schuilen fundamentele vragen. Dit toestel van het Canadese bedrijf RIM is een wereldleider op de markt van smartphones. Het gebruikt een encryptiemethode waardoor het apparaat niet af te luisteren zou zijn.

De toestellen werken met unieke inloggegevens en versleutelen per individueel toestel het berichtenverkeer. Het bedrijf weigerde stelselmatig de technische gegevens te delen met veiligheidsdiensten. Daardoor groeide de vraag navenant naar wat de ‘best beveiligde smartphone’ ter wereld heet te zijn. En die dat vermoedelijk ook is.

Het bedrijf wordt nu slachtoffer van wat wel de veiligheidsparadox wordt genoemd: enerzijds eist de gebruiker maximale beveiliging voor zijn eigen telefoonverkeer, anderzijds wil hij even krachtig beschermd worden tegen het misbruik van geheime communicatie door de ander. Absolute veiligheid voor de een kan immers een bedreiging zijn voor de ander. Zo’n superdiscrete BlackBerry willen we allemaal – zolang Osama Bin Laden er maar niet van profiteert.

In het Midden- en Verre Oosten is de ballon nu doorgeprikt. Onder druk van een dreigend verbod op de BlackBerry en een tijdelijke blokkering van de berichtendienst is RIM gezwicht. Het bedrijf zal samenwerken met veiligheidsdiensten en toegang bieden tot de servers en de codes van individuele toestellen. Naar alle waarschijnlijkheid gebeurde dat al veel langer, achter de schermen en alleen met de landen waar de servers staan en het bedrijf is gevestigd. Het is immers niet goed denkbaar dat de VS na de aanslagen van 9/11 op eigen grondgebied een particulier communicatiesysteem zouden tolereren dat volledig ondoordringbaar is.

De klacht van Saoedi-Arabië en India dat ze de BlackBerry niet konden controleren, werd bovendien al jaren eerder in Europa gehoord. Voor westerse houders van officiële geheimen was de BlackBerry juist daarom verboden. Ook deze diensten konden niet doen waarvoor ze waren opgericht: controleren of de geheimen dat wel bleven. Een minister of een andere geheimhouder met een BlackBerry had immers het ultieme gereedschap om een informatielek te worden – en nooit te worden betrapt.

In die zin is de wereld nu vooral een illusie armer. Geheimhouding is altijd relatief. Net als vrijheid. De BlackBerry is nog steeds een goed beveiligde telefoon. Maar de mate waarin die veiligheid wordt gerealiseerd, hangt af van het land waar het apparaat wordt gebruikt. In democratische rechtsstaten ligt dat anders dan in autoritair geregeerde landen. Bij vrijheid horen beperkingen. Volgens de schrijver Herman Brusselmans staat vrijheid zelfs gelijk aan „het kiezen van een gevangenis”. Tegenwoordig heb je daar dan wel ‘bereik’. Alleen de mate waarin wordt meegeluisterd, verschilt.