Op de vlucht met een zwangere buik

Le Refuge gaat niet over verslaving, of zwangerschap, maar over rouwverwerking.

Het is een stevige film, zonder gimmicks of sprookjes.

Echte heroïnechic; een groot, leeg appartement met uitzicht op de Seine, matras op het parket, vuile kleren, lege flessen en een gitaar. Het is de schuilplaats van de rijke junkies Louis en Mousse in Le Refuge. Even zijn we getuige van hun intimiteit: het shot, het orgasme van de rush. Romantisch is het niet, die vale gezichten en parelende zweetdruppels. Lelijk ook niet: het is wat het is. Samen in een cocon, daarbuiten niets.

Tot Mousse in een ziekenhuis ontwaakt na een overdosis. Louis is dood. Zij blijkt zwanger. De schuilplaats is weg. En Louis’ moeder deelt na de begrafenis koeltjes mee dat haar huisarts gratis de abortus doet. Mousse is allerminst aan het moederen: toch vlucht ze met buik en al naar het lege huis van een rijke ex in het zuiden. Als Louis’ homoseksuele broer Paul daar langs komt, ontvangt Mousse hem met pikzwarte zonnebril: de luiken dicht, de stekels omhoog.

Le Refuge gaat niet over verslaving, ook niet echt over zwangerschap, maar over rouwverwerking: een favoriet onderwerp van het voormalige Franse wonderkind François Ozon. Het huis is Mousse’ tweede schuilplaats. Onder haar bitsheid snakt ze naar steun en begrip, zoals de meeste mensen die snauwen dat ze alleen willen zijn. Le Refuge draait om magische momenten in de toenadering tussen twee vreemden. Over Mousse komen wij onderweg niets te weten, over Paul des te meer. Omdat Paul zich zo gemakkelijk blootgeeft, kan Mousse zich overgeven.

François Ozon leek de afgelopen jaren een beetje uit vorm. Zijn films leunen vaak op gimmicks: het spel van realiteit en fictie in Swimming Pool, de achterstevoren vertelde relatiekroniek 5 x 2, de campy huiskamermusical 8 Femmes. Of magisch-realistische elementen die soms goed uitpakken (Sous le sable, Les amants criminels), soms minder. Vorig jaar stelde Ozon teleur met Ricky, waarin de geboorte van een baby met vleugeltjes een prille relatie bedreigt. Wellicht een allegorie voor wiegedood en rouwverwerking, maar de film bleef net als baby Ricky wat in de lucht hangen.

Le Refuge, zonder gimmicks of sprookjes, is een stevige film. Het versmelten van twee behoeftige mensen brengt Ozons sterkste kanten boven. Zijn vermogen om veel emotionele informatie in details te verbergen, zijn ingetogen regie, zijn oor voor ontroerende filmmuziek, zijn oog voor mooie lichamen – Le Refuge bevat ongewoon sensuele vanilleseks met ongebruikelijke partners, al spreekt dat bij Ozon bijna voor zich. En de casting is voortreffelijk. Zo speelt de als acteur onervaren musicus Louis-Ronan Choisy de rol van Paul: diens mooiejongenssmoeltje en fragiele, onzekere spel maken het geloofwaardig dat de stekelige Mousse zich voor hem opent.

Bij veelfilmer Ozon is één speelfilm per jaar de norm: de volgende gaat in september alweer in première in Venetië. Het script van Le Refuge vertoont ook sporen van haast: soms is er een déjà vu naar zijn filmhit Swimming Pool uit 2003. Met name in de toenadering van vreemden in één huis: Mousse grauwt, bakent haar grenzen af, maar haar irritatie over de indringer slaat al snel om in afluisteren, spieden vanaf het balkon, stiekem doorzoeken van zijn spullen.

Dat is een herhalingsoefening, maar haast is Ozon vergeven: actrice Isabelle Carré was maar negen maanden zwanger. Zijn vroegere muze Ludivine Sagnier vertelde vorige week dat Ozon aan Le Refuge begon toen zij zwanger was. „François maakte een opzet en vroeg of ik wilde. No way. Acteren is loodzwaar, ik wist van mijn eerste zwangerschap dat ik in een traag, rozig zoogdier verander. Slapen en eten, dat is het. Toen kwam Isabelle Carré. Ze belde en ik raadde haar af het te doen. Achteraf vertelde ze dat het een martelgang was geweest.”

Ozon, in januari op het Rotterdams filmfestival: „Carré heeft, net als Sagnier, iets meisjesachtige. Ideaal: je ziet haar volstrekt naturel in een vrouw veranderen.” Dat Mousse elk moederinstinct mist, maakte de rol extra zwaar. „Op de set was Isabelle steeds bezig met die buik: strelen, praten. Mousse is juist geïrriteerd over haar buik: ze is alleen zwanger omdat ze het laatste restje Louis in haar niet kon doden. Die knop moest steeds weer om.”

Toch lijkt het Carré gemakkelijk af te gaan. Le Refuge is een korte, kleine acteursfilm, in zijn eenvoud ontroerend: een van de betere films in Ozons grillige oeuvre.

Le Refuge

Regie: François Ozon. Met: Isabelle Carré, Louis-Ronan Choisy, Pierre Louis-Calixte. In: 12 bioscopen.****