Deutsche Bahn mag Arriva kopen

De Europese Commissie heeft Deutsche Bahn (DB) gisteren toestemming gegeven voor de overname van het Britse trein- en busconcern Arriva. DB maakte eerder bekend 1,8 miljard euro te willen betalen voor Arriva.

De Commissie heeft Deutsche Bahn, een staatsonderneming, wel verplicht om de Duitse tak van het beursgenoteerde Arriva door te verkopen, om een te grote dominantie op de Duitse vervoersmarkt te voorkomen.

In april hadden de directies van de twee bedrijven al overeenstemming bereikt over de voorwaarden van de overname. Het wachten was op goedkeuring uit Brussel.

Aanvankelijk toonde ook het Franse staatsbedrijf SNCF interesse in een overname van Arriva, maar de besprekingen daarover liepen begin dit jaar vast.

De overname van Arriva door DB heeft plaats in contanten. DB betaalt tussen de 770 en 775 pence per aandeel. In maart sprong de koers van Arriva met ruim 30 procent omhoog, toen bekend werd dat DB een bod wilde uitbrengen. Sindsdien is de koers van het aandeel constant gebleven; vanmiddag stond het op 773 pence.

Arriva had in 2009 een omzet van 3,14 miljard pond (3,8 miljard euro) en vervoerde in totaal naar schatting een miljard reizigers, verdeeld over twaalf landen in Europa, waaronder Nederland. Arriva telt ongeveer 44.000 werknemers.

DB, dat trein- en busvervoer en goederentransport verzorgt, had in 2009 een omzet van 29 miljard euro. DB heeft een kleine 240.000 personeelsleden en vervoerde vorig jaar 2,8 miljard reizigers.

DB bezat al een kleine regionale spoorwegmaatschappij in Groot-Brittannië, Chiltern Railways, en een metrobedrijf in Newcastle en omgeving. Met de overname wordt het Duitse bedrijf een van de belangrijkste spelers op de Britse openbaarvervoermarkt. In het goederenvervoer nam het al een vooraanstaande plaats in door zijn overname in 2007 van EWS, het grootste Britse bedrijf voor vrachtvervoer per trein.

Arriva is in Nederland actief in het stads- en streekvervoer per bus. Ook exploiteert het enkele regionale treindiensten.