Bouterse doet het op eigen kracht

Vandaag is de inauguratie van Desi Bouterse.

Hij is een veroordeelde boef. Maar hij loopt ook niet mee aan de hand van Nederland, denkt Karin Amatmoekrin.

Vanaf vandaag is Desi Bouterse officieel de president van Suriname. Een paar dagen geleden vertrok mijn familie na een vakantie in Nederland, terug naar Suriname. Terug naar een land met een veroordeelde boef aan het hoofd. In de vier weken van hun verblijf hadden we het vaak over Bouterse en zijn overwinning. Het waren pijnlijke gesprekken, vol teleurstelling en onbegrip. Hoe kon het dat een drugsbaron, een man die op zijn minst diep gewantrouwd moet worden op het moment dat hij macht binnen handbereik heeft, een moordenaar zelfs, nu de president van ons land is?

We kunnen interpreteren, maar volledig begrijpen doet niemand het. En dat gaat voor de Nederlandse situatie evenzeer op.

Want op precies hetzelfde moment in de geschiedenis, zegeviert in Nederland een politicus die minstens zo populistisch is als Bouterse. Even verbluft vragen we ons af hoe het kon gebeuren dat Wilders zo veel stemmen kreeg, een politicus die zo overduidelijk uit is op het uitsluiten van een deel van de bevolking, zo duidelijk dit land niet uit de problemen helpt, maar nieuwe problemen creëert.

„Antwoorden”, zei een Surinaamse oom tegen me, „hebben niks te maken met de geschiedenis. Je vindt ze bij de jongeren.” Hij zei het misprijzend, maar op mijn Facebookpagina vind ik commentaren van Surinaamse vrienden die zeggen dat niemand écht iets doet voor het land. Andere leiders lijken tevreden met een sukkelend Suriname, dat aan de hand van Nederland meeloopt maar nergens echt aan meedoet. Bouterse doet het anders. Hij laat de rijkdommen van het binnenland niet aan buitenlands beheer over. Hij trekt zich niets aan van wat andere landen over hem zeggen. Hij belichaamt een onafhankelijke Surinaamse identiteit, los van de spiegel die anderen hem willen voorhouden. De selfmade man die tegen alle verwachtingen in succesvol werd. Op eigen kracht groot worden. Suriname voor de Surinamers, zegt hij. En belooft werkgelegenheid. De aanleg van wegen. Woningen.

Andere Surinaamse vrienden reageren wanhopig: ‘Dat zijn precies de dingen waarmee Hitler het volk aan zich bond.’ Om maar te zeggen: de kracht van populisme moet niet onderschat worden.

En ook ik ben niet ongevoelig voor dit populisme. Want terwijl de Nederlandse media vooral met onbegrip berichten over de overwinning van Bouterse, groeit bij de Surinaamse Nederlanders de ergernis. Het heeft te maken met de consequente betutteling die van Nederland uitgaat. Ach dom, klein Suriname, dat niks van politiek, economisch beleid of cultuur snapt. Dat toontje gaat op een gegeven moment irriteren, en dat is wind in de zeilen van Bouterse. Het betekent ook dat weinig Surinamers echt het gesprek aangaan met Nederlanders als het over Bouterse gaat. Dat heeft weer als gevolg dat in de Nederlandse media het succes van Bouterse niet goed begrepen wordt.

Dat deze man president is geworden heeft evenzeer grote gevolgen als Wilders’ gedoogsteun aan het kabinet. Want wat zal de wereld van ons denken als een regeringspartner – zo zal de wereld hem zien – in New York tegen een moskee protesteert? En wat tref ik zelf aan in Suriname, als ik daar in november voor een literair congres heenreis? Wat zijn de gevolgen van dit opiniestuk? Ik weet het niet.

Mijn familie keert terug naar een land met een boef aan het hoofd. Maar het is nog altijd hún land. Ik woon hier, in Nederland. Het land dat massaal voor de xenofobe Wilders koos. Waar kan ik anders nog heen?

Karin Amatmoekrin (1976) is schrijfster. Ze werd geboren in Suriname en emigreerde in 1981 naar Nederland. In 2009 verscheen haar laatste roman ‘Titus’.