Voer voor paniek

Verwacht in de supermarkt: voedsel wordt duurder nu de prijzen van graan en andere voedingsgrondstoffen sterk zijn gestegen. Twee jaar geleden zorgde een combinatie van lage voedselvoorraden, een minder goede oogst en speculatie voor ongekend sterke prijsstijgingen. Nu zijn het problemen door hitte, droogte en branden in wat vanouds de graanschuur van Europa heet: Rusland, Oekraïne en Kazachstan.

Misoogsten en calamiteiten horen bij de voedselproductie, een sector die van alle economische activiteiten het meest wordt gedomineerd door de grillen van de natuur. Relatief nieuw in de geïntegreerde wereldeconomie is de reactie op slecht nieuws uit de landbouwsector. Rusland verbood vorige week per direct de export van graan in reactie op de binnenlandse oogstproblemen. Dat zorgde in luttele dagen voor een wereldwijde prijspiek.

Destijds werd het prijseffect verder versterkt door paniekinkopen door importlanden als de Filippijnen en Bangladesh, die tekorten en nog hogere prijzen vreesden voor de eigen bevolking. Hoe ver de vrijhandel mondiaal ook gevorderd lijkt, voedsel is en blijft een strategisch goed waarvoor, als het erop aankomt, alles moet wijken. Maar de politieke reactie op voedselproblemen versterkt internationaal juist vaak de effecten die zij nationaal beoogt te verzachten. Het stoppen van export en een wedren op voorraden door importeurs getuigen van een afnemend onderling internationaal vertrouwen.

Ook nieuw is de omvang van de speculatie in voedingsgrondstoffen. Beleggers, banken en gespecialiseerde fondsen hebben zich op de termijnmarkt geworpen, waar zij alleen al door hun gezamenlijke gewicht de prijsvorming zeer beweeglijk hebben gemaakt. Twee jaar geleden gingen de prijzen van vrijwel alle grondstoffen tegelijk omhoog en ze kelderden daarna unisono. De prijs van ruwe olie werd eerst naar bijna 140 dollar per vat gespeculeerd, om later dat jaar te dalen tot onder de 15 dollar. Maar ook de graanprijzen waren in 2008 meer dan anderhalf maal hoger dan de paniekpiek van de afgelopen dagen.

Wat verdere stijging van de graanprijzen op dit moment vooral tegenhoudt, is de relatief grote wereldvoorraad. Met name in de Verenigde Staten is de oogst juist zeer goed geweest. In de vorming van grotere voorraden ligt dan ook de oplossing. Speculatie heeft minder zin als bekend is dat tekorten binnen afzienbare tijd uit een andere bron kunnen worden aangezuiverd. Dat geldt ook voor de paniekaankopen die twee jaar terug de prijzen verder opdreven. En zelfs exportstops zouden achterwege kunnen blijven.

Een internationaal vertrouwen dat er hoe dan ook geleverd zal worden, zou in G20-verband moeten worden bevorderd om wilde prijsbewegingen te voorkomen. Dat de westerse consument zoals nu meer moet betalen voor graanproducten en indirect ook voor vlees, is ongelukkig, maar er zijn honderden miljoenen mensen op de wereld voor wie een stijging van de prijzen het verschil maakt tussen eten of niet.

Rectificaties / gerectificeerd

Correcties & aanvullingen

In het commentaar Voer voor paniek (11 augustus, pagina 7) werd gesteld dat de olieprijs in 2008 tot onder de 15 dollar was gedaald. De prijs daalde dat jaar wel drastisch, maar niet verder dan tot 35 dollar.