Teder liefdesspel met pootaarde

Shocking Blue. Regie: Mark de Cloe. Met: Lisa Smit, Jim van der Panne, Ruben van Weelden, Niels Gomperts. In: 7 bioscopen.***

Een ongeboren baby als levenslijn naar een dode vader: het is deze week het thema van zowel Ozons Le Refuge als van Shocking Blue. Iemand moet sterven, dat maakt het sterke begin van Shocking Blue meteen duidelijk. De dood kan immers nooit ver weg zijn als drie scholieren giebelend vanaf een spoorviaduct langs een hoogspanningskabel plassen, doen alsof ze geëlektrocuteerd worden en elkaars gespeelde doodsstuipen met mobieltjes fotograferen. „Een zeven.” „Nee, minstens een acht.”

Simpel en beklemmend: zo wacht je als kijker nerveus wie van de drie vrienden uit de Bollenstreek sneuvelt. Wordt het Jacques (vrolijke versierder), Chris (nuchtere sleutelaar) of Thomas (verlegen en geobsedeerd door het kweken van een felblauwe tulp)? Het trio verzint waagstukken en flauwe grappen, hangt rond in disco, snackbar of voetbalstadion terwijl de dood over hun schouder loert. Maar slaat die toe, dan heeft Shocking Blue iets te veel tijd nodig om zich te herpakken.

Shocking Blue is de tweede speelfilm van Mark de Cloe, een romanticus die indruk maakte met de korte film over de liefde, Boy meets Girl. Zijn speelfilmdebuut Het Leven uit een dag was ongelijkmatig: visueel overrompelend en vol panache in het gebruik van split screens, maar ook uitleggerig en qua acteren onvoldragen. Shocking Blue is evenwichtiger.

Deel twee van de film gaat over rouwverwerking. Schoolmeisje Manou (Lisa Smit, goed op dreef) blijkt zwanger van de overledene. Een van diens vrienden was al langer verliefd op haar: die liefde is nu vermengd met schuldgevoel.

Deze emotionele complicaties filmt De Cloe met veel visuele barok. Soms is het mooifilmerij, al dat inzoomen op spiegelingen in beregend glas, zandkorrels die tussen vingers glijden, zon die over de huid streelt. Soms forceert hij met manipulatieve soundscapes en songs (‘You came and healed this heart of mine’). En toch maakt die overdaad de soms stroeve dialogen en bedachte scènes – geliefden die elkaar teder insmeren met pootaarde – ook beter verteerbaar. Het mag nog best een onsje minder, maar De Cloe ontwikkelt zich.