Wil Nederland een belastingvrij WK?

Als Nederland het WK van 2018 of 2022 binnensleept, dan krijgt de FIFA privileges die lopen tot uiterlijk 2024. Een fiscaal wespennest, zegt Aertjan Grotenhuis.

De Franse Revolutie heeft een eind gemaakt aan de belastingprivileges. We kennen nog één, bijna folkloristisch overblijfsel: de koningin ontsnapt op enkele terreinen aan de greep van de fiscus. Maar een veel machtiger vorst laat het belastingprivilege in volle glorie herleven: Koning Voetbal.

Een land met de ambitie om het WK in 2018 of 2022 te organiseren, moet op voorhand een cruciale element van de nationale soevereiniteit prijsgeven aan wereldvoetbalbond FIFA. De kandidaat moet het recht inleveren om welke belasting dan ook van de FIFA te heffen. In april 2010 besloten de demissionaire kabinetten van Nederland en België de FIFA deze bovenwettelijke status toe te kennen om alsjeblieft dit begeerlijke toernooi te mogen organiseren.

Fiscaal gezien is de FIFA een gewone multinational met wereldwijde vertakkingen die enorme winsten maakt. Belastingverdragen zorgen ervoor dat ze niet in twee landen over dezelfde winst belasting betalen. Dat verdrag tussen Nederland en Zwitserland is vorig jaar nog helemaal gemoderniseerd. Organisatoren van tennistoernooien, autoraces en marathons kunnen daar prima mee overweg. In de gastlanden betalen ze verder net als ieder ander invoerrechten, benzineaccijns, milieutoeslagen en toeristenbelasting om maar eens een paar heffingen te noemen.

De FIFA daarentegen hoeft geen enkele rijksbelasting noch enige lokale heffing te betalen. Sterker nog: in haar kielzog trekt de FIFA haar buitenlandse sponsors, media en andere relaties mee in absolute belastingvrijstellingen in Nederland. Door dat te accepteren dupeert de regering Nederlandse bierbrouwerijen als Heineken, en zou ze het Belgische Oranjeboom als mogelijke sponsor aan een belastingvoordeel helpen.

Ook voor de KNVB en haar werknemers heeft de FIFA er ongekende belastingvoordelen uitgesleept. Niemand die door de FIFA of het organisatiecomité wordt ingehuurd, hoeft over dat salaris inkomstenbelasting of AOW-premie te betalen. Dat geldt voor buitenlanders net zo goed als voor Nederlanders. De bezoekers van de wedstrijden krijgen ook een cadeautje: op hun toegangskaartjes zit geen btw. Maar dat geld pikt de FIFA vervolgens zelf in. De gulheid van de regering is nog niet op: de vrijwilligers die zich voor het wereldkampioenschap inzetten, hoeven zich geen zorgen te maken over de fiscale beperkingen waar overblijfmoeders of Rode Kruisvrijwilligers wel tegenaan lopen: alle (kosten)vergoedingen zijn op voorhand belastingvrij.

O ja, er is nog een punt. De wereldvoetbalbond wil geen gedoe met onze belastingdienst. De FIFA krijgt een eigen belastinginspecteur die weinig meer mag doen dan afstempelen wat de FIFA hem voorlegt. De regering heeft beloofd geen aangifteformulieren te sturen, accountantsverklaringen te verlangen of controles uit te voeren. Een simpele mededeling van de FIFA is voldoende om belasting terug te krijgen.

Mocht deze knieval van Nederland en België succesvol zijn, dan gelden de belastingvoordelen met terugwerkende kracht vanaf de ondertekening van de belastinggaranties in mei 2010 tot uiterlijk 2024. Handig voor de KNVB die meteen al belastingvrij aan de voorbereidingen kan beginnen.

Nationale en internationale regels verbieden het fiscaal voortrekken van specifieke sporten of sportorganisaties. Daar heeft de FIFA zich tegen ingedekt. De Nederlandse regering heeft moeten beloven dat onverhoopt toch geheven belastingbedragen subiet aan de betrokkenen worden terugbetaald. Al met al praten we al snel over meer dan een half miljard euro. Maar dat is dan verboden staatssteun in de terminologie van de Europese Commissie.

Kortom, de inhaligheid van de FIFA en de gretigheid van de demissionaire kabinetten van Nederland en België resulteren in een fiscaal wespennest. Dat geldt ook voor de andere Europese kandidaten Engeland en Spanje/Portugal. Misschien kan de nieuwe Zonnekoning, FIFA-baas Sepp Blatter, door zijn grenzeloze hebzucht alleen nog maar terecht in landen die met het gelijkheidsbeginsel een loopje willen nemen. Het is verontrustend dat de Nederlandse regering daar zo makkelijk toe bereid blijkt.

Aertjan Grotenhuis, medewerker van NRC Handelsblad, schrijft over belastingen en andere geldzaken.